Verwardheid
Melding E33: “Verward persoon” (liever: onbegrepen gedrag)
- “Gedraagt zich vreemd”
- “Praat onsamenhangend”
- “Doet onlogische dingen”
Intoxicatie, psychose, ouderen
Delier
Diagnostische criteria
Kernsymptomen:
- Verminderd vermogen aandacht sturen, richten, vasthouden, verplaatsen
- Verminderd besef van omgeving (bewustzijn) – gedaald/wisselend, soms hyperalert
A: verandering >/= 1 cognitief domein: geheugen, oriëntatie, taal, waarneming, visuospatiële functies
- Oriëntatie: gestoord/wisselend
- Waarneming: hallucinaties (alle soorten, maar typisch visueel) → kunnen erg bedreigend zijn
- Geheugen: korte termijn gestoord
- Denken/spraak: onsamenhangend, traag of juist snel
B: acuut (uren-dagen), flucturerend & verandering tov premorbide niveau bewustzijn/aandacht
C: kernsymptomen & A anders te verklaren dan ander NGS of ernstig gedaald bewustzijn/coma
D: anamnese, LO, lab – gevolg van 1 of meerdere somatische stoornissen OF
(genees)middelonttrekking/intoxicatie of blootstelling giftige stof of multipele oorzaken
- Bv infectie, tumor, metabole ontregeling, endocriene stoornis, intracraniële aandoeningen, etc.
E: bijkomende factoren
- Verandering slaap-waak cycli – ernstig verstoord, cyclus omgedraaid
- Verandering emotieregulatie → stemmingswisselingen
- Verslechtering in avond/nacht
- Wantrouwend/paranoïde gedrag naar familieleden/behandelaren
- Decorumverlies = verdwijnen van de fatsoensnormen
Epidemiologie
- Algemeen: 0.4% - toename met leeftijd: > 55 jaar: 1.1%
- SEH: 10% oudere patiënten
- Ziekenhuis: 18-70% oudere patiënten
- Verpleeghuis: 7-72%
→ thuis, politie – onbekende prevalenties
Frequentie: prevalentie (opname door delier) + incidentie (na opname delier) – spoed: 60%
Diagnostiek
Confusion assessment method (CAM) – detecteren delier
Delirium Observatie Screening-schaal (DOS-schaal) – ernst delier symptomen
Delirium Rating Scale (DRS-R-98) – ernst delier
Tijdens delier: paranoïde gedachten & beangstigend → deel PTSS/depressie na afloop
30-50% kan delirante periode herinneren → na afloop: schuld/schaamte voor gedrag
Differentiële diagnostiek
Grote DD omdat bijna alle symptomen in psychiatrie ook voor kunnen komen bij delier
DD psychose (wanen/hallucinaties/bizar gedrag) – helder bewustzijn ipv fluctuatie
DD depressie/apathie (bv CVA) (hypoactief delier)
DD akathisie of ernstige pijnklachten (motorische onrust)
DD dementie – cognitieve klachten na delier kan nog lang persisteren dus kort erna testen geen zin
3 subtypen
1. Hyperactief-hyperalert → veiligheid extra goed in de gaten houden
- Frequente oorzaak: ontrekking
- > psychomotorische activiteit, verhoogde alertheid, wanen/hallucinaties, stemmingslabiliteit,
weigering aan behandeling mee te werken
2. Hypoactief-hypoalert = meest voorkomend, slechtste prognose, vaak niet herkend
- Frequente oorzaak: orgaanfalen, pre-existente dementie
, - < psychomotorische activiteit, minder alert/concentratie, wisselend verlaagd bewustzijn,
traagheid in denken/spreken, minder hallucinaties, apathie/lethargie
3. Gemengd – afgelopen 24 uur, kenmerken van beide
Acuut delier = minder dan enkele dagen
Persisterend delier = weken-maanden → < prognose, > mortaliteit, trager cognitief herstel
- > leeftijd, slechte somatische toestand, > opnameduur, > beademing, vrijheidsbeperking
Risicofactoren
- Leeftijd > 70 jaar
- Cognitieve stoornissen/dementie
- Visus of gehoorproblemen
- Somatische comorbiditeit (infecties)
- Ziekenhuisopname (heupfractuur)
- Overmatig alcoholgebruik
- Benzodiazepinen, opiaten, anticholinerge medicatie
→ predisponerende risicofactoren = kwetsbaar
→ precipiterende risicofactoren = “luxerend”
Onderhoudend: angst & onbehandelde precipiterende factoren
Meer predisponerend, hoe minder precipiterend nodig zijn voor het ontwikkelen van een delier
Pathofysiologie
Voornamelijk somatisch, psychologische/relationele/sociale factoren geen rol, maar wel belangrijk bij
verwerking van doorgemaakt delier
- Precies weten we niet – P-2:
Hersenen verouderen → minder cognitieve reserve → lichte somatische prikkel (bv UWI) tot delier
Neurotransmitterhypothese: disbalans neutrotransmitters: fysiologische daling acetylcholine in
gebieden brein (waarneming & aandacht) die al kwetsbaar zijn, en daarom is het moeilijk om balans in
NT te houden → hersenen gevoeliger voor metabole stress
- Maar ook andere activiteit: D, NA, 5-HT, GABA, glutamaat
Ontstekingshypothese/neuro-inflammatie: chronische inflammatie → IL1/2/6, TNF-alfa →
- > permeabiliteit BHB → toxinen/cytokinen makkelijk in CZS
- Microglia ‘geprimed’ → perifere infectie: > pro-inflammatoir cytokinen → neuronaal dysfunctie
- Activatie HPA-as → chronische stress & verhoogd cortisol → immuunsysteem, autonoom
zenuwstelsel, activiteit NT (vooral 5-HT)
Preventie
Primaire preventie: obv risicofactoren – multicomponentinterventie → effectief in duur/ernst delier
Niet effectief: medicatie van te voren toedienen – behalve dexmedetomidine op IC (sedatie zonder
ademdepressie + anxiolytisch, analgetisch & ontstekingsremmend)
• Optimaliseren behandeling somatische aandoeningen EN pijnbestrijding
• Medicatiesanering
• Rehydratie
• Corrigeren visus/gehoor
• Herstel slaap-waak ritme
Secundaire preventie: vroeg mogelijk herkennen delier → adequaat behandelen
- 70+ iedereen die opgenomen is VMS (veiligheidsmanagamentsysteem) met 3 vragen die
screenen op delier – (1) Problemen geheugen? (2) Afgelopen 24 uur hulp bij zelfzorg? (3)
Eerdere opname/ziekte dat je in de war was?
Soorten delieren
Medicatie
Anti-cholinerg = cholinerg receptorblokkade – anticholinergica, antihistaminica, TCA → delier, insult,
hallucinaties, droge mond, mydriasis met wazig zicht, minder zweten, tachycardie, coma
Serotoninesyndroom = serotonerge hyperactiviteit – SSRI, TCA, MAO-B-remmer, psychostimulantia
(bv XTC), tryptofaan → delier, agitatie, rusteloos, angst, koorts, diaforese (overmatige transpiratie)
tremor, myoclonus, hyperreflexie, autonome instabiliteit (tachycardie, hypertensie)
Maligne neurolepticasyndroom = reactie dopamine-antagonist – antipsychotica, anti-emetica, na
staken dopaminerge medicatie bij Parkinson → delier, koorts, spierrigiditeit, autonome instabiliteit,
rhabdomyolyse (> CK), MOF
Stimulerende drugs bv cocaïne/amfetamine → hevige & ongerichte agressie
,Ontrekkingsdelier = staken/ verminderen psychotrope stof waaraan gewenning is opgetreden
- Delier tremens = alcohol – binnen week na staken/verminderen alcoholintake (met piek na 72
uur) – prodromaal: irritatie, onrust, angst, slapeloos → hyperactief delier met autonome
hyperactivatie (hypertensie, tachycardie, hyperthermie, transpiratie, tremor) + soms visuele
hallucinaties + ontrekkingsinsulten (eerste 2 dagen) → potentieel levensbedreigend (1-5%)
- Benzodiazepinen: vergelijkbare symptomen + myoclonieën & overgevoeligheid licht/geluid
- Opiaten
- GHB: hevige psychomotorische onrust & agressie
Pediatrisch delier
Beperkte communicatie → lastig te herkennen → beoordelingsinstrumenten → > morbiditeit/mortaliteit
Risicofactoren: < 2 jaar, ontwikkelingsachterstand, ernstige somatische aandoening, beademing,
beperkende maatregelen & gebruik/ontrekking benzodiazepinen/opiaten/anticholinergica/vasoactieve
Prognose – herkenning is belangrijk
- > morbiditeit/mortaliteit
- < mobiliteit
- > cognitieve achteruitgang + 3-6 keer zo hoge kans op dementie in aankomende 3 jaar
- > risico PTSS/angststoornis
- < functioneel herstel
- > opname in verpleeghuis
Delier als eerste uitsluiten (stap 1):
Ernstige uiting van onderliggende somatische oorzaak → oorzaak als eerst behandelen (!)
- Iedere arts moet een delier herkennen
- Complex delier = multimorbiditeit, polyfarmacie, comorbide psychiatrische aandoening,
psychofarmaca, geen reactie standaard behandeling → psychiater of geriater
Depressie
Depressie is NIET
Normale somberheid = invoelbare verhouding tot stressfactor + afname als stressfactor aanpakt
Pathologische somberheid = te sterk of te lang
• “Off day”
• Attitude – “gewoon iets beter je best doen”
• Normaal verdriet (rouw!)
• Normale veroudering
Epidemiologie/prognose
• Vaak voorkomend (15%, klinisch relevant), verhoogd in verpleeghuizen/ziekenhuizen
• Hogere leeftijd is een risicofactor voor geslaagde suïcide
• Onderdiagnostiek: 10% krijgt een passende behandeling
• Risicofactoren: vrouw, genen, somatische comorbiditeit, eerdere episode, verlies, isolatie
• Verhoogd risico: CV ziekten, kanker, CVA,, COPD, parkinson, dementie, doofheid, artrose
• Geneesmiddelen: statine, antihypertensiva, corticosteroïd, NSAID, anti-epileptica, benzo, H2-
remmer
• Pathofysiologie: biopsychosociaal model – biologie: NT (< 5-HT, D, NA) & > HPA-as
Klinisch beeld
Meer dan 2 weken
A-symptomen/kernsymptomen (1 of 2)
• Somberheid
• Anhedonie = verlies van interesse of plezier
B-symptomen (3 of 4)
• Verandering gewicht of eetlust
• Slapeloosheid of overmatig slapen
• Concentratieproblemen of besluitproblemen
• Gevoelens van waardeloosheid of onterechte schuldgevoelens
• Psychomotorische agitatie / vertraging
• Vermoeidheid of verlies van energie
• Gedachten aan de dood of aan suïcide
, Specifiek bij ouderen
- Minder uitgesproken: somberheid, schuldgevoel, zelfverwijt
- Voornamelijk motivationele stoornissen (apathie, verlies energie/initatief/interesse)
- Meer psychomotore vertraging/agitatie
- Cognitieve achteruitgang, vooral in executieve functies
- Vaker presentatie met somatische symptomen
Diagnostiek
- (Hetero)anamnese: affectieve + cognitieve functies
- Somatische klachten: zowel gevolg als oorzaak van depressie → beloop
- Lab: elektrolyten, TSH (hypothyreoïdie), vitamine B12, foliumzuur
- Screening: GDS
Prognose
- Depressie is stap 2, omdat bij ouderen is het goed te behandelen
- Verhoogd risico op recidief na 1e depressie (50%) & na 2e depressie (60-70%)
- Chronisch beloop, negatieve impact op kwaliteit van leven/ADL → > morbiditeit/mortaliteit
Verschil met delier
- Geleidelijk ontstaan (weken)
- Dagschommeling: in de ochtend erger (kan, maar hoeft niet per se)
- Bewustzijn/oriëntatie: normaal Aandacht: normaal (soms < door interesseverlies)
- Geheugen: intact, alleen concentratie soms iets minder
- Denken/spraak: vertraagd
- Hallucinatie/wanen: afwezig, behalve psychotisch – STEMMINGSCONGRUENT
- Slaap-waak ritme: verstoord is mogelijk, maar niet typisch omgedraaid
Dementie
Epidemiologie
Prevalentie neemt toe met leeftijd & met de tijd
- < 65 jaar: zeldzaam/jong dementie – alzheimer → frontotemporaal
- > 65 jaar, > 75 jaar: 1/3, > 85 jaar: 1/2 - alzheimer → vasculair → LB → FTP
- 1/3 vrouwen & 1/7 mannen
Mantelzorgers: 50% zwaar belast & 3% overbelast
Alzheimer 60-70% 60-90 jaar v > m (hoge levensverwachting)
Vasculair 10-20% 60-75 jaar m>v
Lewy-body 10-15% 70 vrouw, 80 man m >>> v (4x)
Frontotemporaal <5% 50-70 jaar m>v
Beloop
Prodromale fase is lang – vaak later pas signalen linken aan diagnose (bv afslag missen snelweg)
- MCI: 15-20% per jaar dementie
- MBI: psychiatrische symptomen > 50 die geen onderdeel zijn van psychiatrisch ziektebeeld
DSM5 (emotionele dysregulatie (angst/stemming), minder motivatie, impulsief, sociaal ongepast
gedrag, hallucinaties/wanen)
o MCI + MBI → 20-25% per jaar dementie
- Psychiatrische stoornissen die wel voldoen aan DSM5
- Delier: lewy body > alzheimer
→ als dementie is vastgesteld is 90% kans op psychiatrische/gedragsmatige problemen
2 opties in hulp zoeken als
- Milde klachten – zinvol vroeg duidelijkheid voor passende vervolgstappen
- Ernstige klachten – want er is toch geen curatieve behandeling
→ vaak ook veel agitatie, achterdocht, vijandigheid, agressie bij hulp door beperkt ziekte-inzicht