VOLKENRECHT
1. INTRO
VOLKENRECHT
o Behoort tot het internationaal (publiek) recht
o Is anders dan nationaal recht
Geen ‘trias politica’: geen verdeling in de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht
Het internationaal recht geen wetgevende of uitvoerende macht
Maar een gedecentraliseerd rechtssysteem
Recht ‘tussen’ landen a.k.a. ‘internationaal recht’
o Internationaal recht = het rechtssysteem dat de onderlinge relaties tussen soevereine staten en
hun rechten en plichten ten opzichte van elkaar regelt.
DEFINITIE
o Volkenrecht = internationaal publiekrecht
o Het rechtssysteem dat de relatie tussen soevereine staten reguleert, evenals hun onderlinge
rechten en verplichtingen
Verschil met internationaal privaatrecht: nationale (i.e. Belgische) wetten die
privaatrechtelijke betrekkingen met buitenlandse elementen regelen omdat er dan een
‘conflict of law’ optreedt
VOORBEELDEN
o Waar heeft volkenrecht betrekking op:
Inval van VS in Venezuela, mag dit? Nee!
Groenland en VS claim
Erkenning van Palestina door de Belgische regering
KORTE GESCHIEDENIS EN EIGENTIJDSE KRITIEKEN
VROEGE SPOREN VAN INTERNATIONAAL RECHT
o Culturen komen al millennia met elkaar in contact
o Behoefte aan regels, zekerheid en voorspelbaarheid
o Modern internationaal recht heeft wortels in Europa
LAAT-MIDDELEEUWS EUROPA (15 E -16 E EEUW)
o Meerdere niveaus van loyaliteiten, rechten en verplichtingen
o Transnationale krachten
Roomse Rijk
Katholieke Kerk (Paus)
o Transnationale netwerken van ridders en kooplieden
NATUURRECHT EN JUS GENTIUM
NATUURRECHT
o Tijdloze allesomvattende verzameling ideeën over het natuurlijke en sociale leven in het
universum, de aangeboren, universele rede en geldt voor alle levende wezens
Gericht op individuen en hun relaties tot de wereld
Ook van toepassing op staten
JUS GENTIUM
o Een wet van volkeren/naties en daarom ondergeschikt aan het natuurrecht, dat werd
beschouwd als een afgeleide daarvan. Wordt toegepast om handel en vrede te regelen. Het is
door de mens zelf bedacht uit noodzaak
,FRANSCISCO DE VITORIA (1483-1546)
o Spaanse Dominicaanse professor
o Beroemde lezingen: De Indis et De Iure Belli (1532)
o Inheemse bevolkingen deel van menselijke samenleving
o Verovering kon niet gerechtvaardigd worden door:
'ontdekking' (moeilijk te ontdekken dat lokale bevolking al heeft 'gevonden’)
Pauselijke toekenning
Oorlogen tegen inheemse bevolkingen moeten op natuurrecht gebaseerd zijn (er
zijn grotere principes die ons dat toestaan)
o Rechtvaardiging omdat:
Verzet tegen Christelijke missionarissen
Oppositie tegen vrije doorgang en handel door de Spanjaarden (op deze manier kunnen
we dat rechtvaardigen)
17 E – 18 E EEUW
o Internationaal recht ontwikkelt zich vanuit jus gentium
o Fundament voor praktische juridische kaders
Francisco Suárez: De Legibus ac Deo Legislatore (1612)
Emmerich de Vattel: Le Droit des Gens (1758)
Hugo Grotius: Mare Liberum (De Vrijheid van de Zeeën) (1609) De Jure Belli ac Pacis
(Recht van Oorlog en Vrede) (1625)
VREDE VAN WESTPHALIA (1648)
o Einde van de Dertigjarige Oorlog in Europa
o Vrede van Munster en Verdragen van Munster en Osnabrück
o Creëerde orde en structuur
o Verminderde macht van Romeinse rijk en Kerk
o Staat werd primaire bron van autoriteit (land bestaan in connecties tot andere staten)
o Toenemende loyaliteit van burgers aan hun natiestaat = sterk nationaal gevoel
o Internationale orde van staten met gelijke juridische status
o Europese origine (begin van landen die elkaar als gelijkwaardig zien, begin van het systeem dat
naar alle landen is geëxporteerd)
JEAN BODIN (1530-1596)
o Conceptualiseerde staatssoevereiniteit
o Originele denker: Franse jurist vóór Vrede van Westphalia
o Beïnvloed door chaos van godsdienstoorlogen in Frankrijk
o Six Livres de la République (1576): ontwikkelde de theorie van een ‘soeverein’ met ‘absolute en
ondeelbare’ macht, die alleen aan God verantwoording verschuldigd is. De soeverein zou boven
de wet staan en naar eigen goeddunken wetten kunnen scheppen én overtreden.
TIJDPERK VAN POSITIVISME
o Aanval op wil van God en natuurrecht
o Positivisme: de moment waarop de enige ware bron van recht de wil van de staat is
o Primair belang van staatstoestemming (expliciet via verdrag of impliciet via gewoonte)
Altijd toestemming zonder is er geen verplichting voor staten
o Consensuele theorie: geen verplichting zonder toestemming
,OPKOMST VAN FORMELE INSTITUTIES
o Positivisme kreeg aantrekkingskracht door institutionele ontwikkeling
o Voorbeelden:
1865 International Telegraph Union
1874 Universal Postal Union
1899 Permanent Hof voor Arbitrage
o Eerste multilaterale verdragen over gewapende conflicten
1856 Verklaring van Parijs: Juridische limieten op verovering van privébezit op zee
1868 Verklaring van St. Petersburg: Verbod op explosieve kogels
o 1899 en 1907: Twee Haagse Vredesconferenties over oorlogsvoering
KOLONIALISME
o Zuid-Amerika: onafhankelijkheid in eerste helft 19e eeuw
o Kolonialisme piekte in Azië en vooral Afrika
o 1884-1885 Conferentie van Berlijn
De Europese mogendheden kwamen bijeen om de criteria voor de verdeling van Afrika te
bespreken.
VOLGENS TWAIL (THIRD WORLD APPROACHES TO INTERNATIONAL LAW, SCHOOL/ STROMING
OP ZICH)
o Bias is inherent en moeilijk om te zien
o We leven midden in het neoliberalisme
o De taal van het globale Noorden is weerspiegeld in internationaal recht om armoede en
onderontwikkeling in de ‘Derde Wereld’ te bestendigen
Internationaal recht fungeert in de eerste plaats als instrument en 'taal' van het
machtige en dominante Noorden (Westen), dat de wet gebruikt om een neoliberale
internationale agenda af te dwingen die de dominantie van de armere landen in het
Zuiden in stand houdt.
VOLGENS FTAIL (FEMINIST APPROACHES TO INTERNATIONAL LAW)
o Bias is inherent en moeilijk om te zien
o Ervaringen en ideeën van mannen weerspiegeld in internationaal recht moeilijk te zien want we
leven midden in het patriarchiaat = ‘privilegeren van mannen in sociale relaties’
Er is een inherente vooringenomenheid in het internationaal recht ten gunste van
mannen, deels omdat het internationaal recht grotendeels gebaseerd is op de ervaringen
en algemene ideeën van mannen.
Het internationaal recht wordt gedomineerd door mannen en er is onvoldoende aandacht
voor de structurele nadelen waarmee vrouwen op veel gebieden te maken hebben.
MAAR…
o Internationaal recht was gecreëerd voor stabiliteit (in Europa) niet om iedereen er bij te doen
horen
o Meer dan voor rechtvaardigheid (dit is niet de intentie van het volkenrecht)
Het werd veeleer ingegeven door de wens om een organiserend principe te vinden voor
het handhaven van internationale (Europese) orde en stabiliteit. Met andere woorden,
het ging minder om rechtvaardigheid dan om orde.
AMBITIE INTERNATIONAAL RECHT
o Stabiliteit creëren door samenwerking
Europese rechtsorde (Vrede van Westphalia 1648)
Post ‘Wereld’ oorlog I: League of Nations
Post ‘Wereld’ oorlog II: Verenigde Naties
, De VN is gebouwd op solide 'Westfaalse' principes en gebaseerd op respect voor
het beginsel van gelijke rechten en zelfbeschikking van volkeren en op de
soevereine gelijkheid van al haar lidstaten.
HET INTERNATIONAAL RECHT
o Reflecteert de wereld
o Reflecteert Westerse kapitalistische visie
Het internationaal recht is gevormd door het Westen, dat zijn dominantie in de
wereldpolitiek heeft gebruikt om een op regels gebaseerde en kapitalistische
internationale orde te creëren die minder vatbaar is voor economisch protectionisme en
autoritarisme.
o Sterkte verloren? (vraag die we ons nu stellen)
Dit rechtssysteem staat momenteel onder druk. De rivaliteit tussen staten neemt toe en
nieuwe 'niet-westerse' organisaties beginnen een grotere rol te spelen in internationale
aangelegenheden.
B2 ARTIKEL 7 VN HANDVEST
o 193 staten zijn vandaag de dag lid van het VN Handvest
o Alle staten
o Palestina en Heilige stoel (‘Holy See’ - Vaticaanstad) zijn VN ‘niet-lid observator staten’
hebben een speciale status
o Organen van de VN zijn
Algemene Vergadering, Veiligheidsraad, Internationaal Hof van Justitie”, …
VN VEILIGHEIDSRAAD
o Verbod op geweld (Artikel 2(4) VN Handvest)
o Maar functioneerde pas (min of meer)
Sinds einde Koude Oorlog
Irak uit Koeweit verdreven (1990) B11
SOEVEREINITEIT
Definitie: elke staat heeft hoogste gezag binnen zijn grenzen
SOEVEREINE GELIJKHEID
‘Geen staat mag macht uitoefenen over een andere’ (B2 Artikel 2(1) VN Handvest)
VERENIGDE NATIES
o Legt zichzelf ook grenzen op
o Mag zich niet inmengen (‘intervene’) met zaken die essentiëel binnen de jurisdictie van een
staat vallen (B2 Artikel 2(7) VN Handvest)
DOELEN
o Internationale vrede en veiligheid bewaren
o Vriendelijke relaties tussen staten ontwikkelen, op basis van gelijke rechten en zelfbeschikking
o Internationale samenwerking bevorderen
o Acties van naties harmoniseren om gemeenschappelijke doelen te bereiken (B2 Artikel 1 VN
Handvest)
ANDERE INTERNATIONALE ORGANISATIES
o Wereldgezondheidsorganisatie
o Organisaties die we bespreken in college economisch recht
o Regionale organisaties (e.g. NAVO, EU, Raad van Europa, Afrikaanse Unie)
1. INTRO
VOLKENRECHT
o Behoort tot het internationaal (publiek) recht
o Is anders dan nationaal recht
Geen ‘trias politica’: geen verdeling in de wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht
Het internationaal recht geen wetgevende of uitvoerende macht
Maar een gedecentraliseerd rechtssysteem
Recht ‘tussen’ landen a.k.a. ‘internationaal recht’
o Internationaal recht = het rechtssysteem dat de onderlinge relaties tussen soevereine staten en
hun rechten en plichten ten opzichte van elkaar regelt.
DEFINITIE
o Volkenrecht = internationaal publiekrecht
o Het rechtssysteem dat de relatie tussen soevereine staten reguleert, evenals hun onderlinge
rechten en verplichtingen
Verschil met internationaal privaatrecht: nationale (i.e. Belgische) wetten die
privaatrechtelijke betrekkingen met buitenlandse elementen regelen omdat er dan een
‘conflict of law’ optreedt
VOORBEELDEN
o Waar heeft volkenrecht betrekking op:
Inval van VS in Venezuela, mag dit? Nee!
Groenland en VS claim
Erkenning van Palestina door de Belgische regering
KORTE GESCHIEDENIS EN EIGENTIJDSE KRITIEKEN
VROEGE SPOREN VAN INTERNATIONAAL RECHT
o Culturen komen al millennia met elkaar in contact
o Behoefte aan regels, zekerheid en voorspelbaarheid
o Modern internationaal recht heeft wortels in Europa
LAAT-MIDDELEEUWS EUROPA (15 E -16 E EEUW)
o Meerdere niveaus van loyaliteiten, rechten en verplichtingen
o Transnationale krachten
Roomse Rijk
Katholieke Kerk (Paus)
o Transnationale netwerken van ridders en kooplieden
NATUURRECHT EN JUS GENTIUM
NATUURRECHT
o Tijdloze allesomvattende verzameling ideeën over het natuurlijke en sociale leven in het
universum, de aangeboren, universele rede en geldt voor alle levende wezens
Gericht op individuen en hun relaties tot de wereld
Ook van toepassing op staten
JUS GENTIUM
o Een wet van volkeren/naties en daarom ondergeschikt aan het natuurrecht, dat werd
beschouwd als een afgeleide daarvan. Wordt toegepast om handel en vrede te regelen. Het is
door de mens zelf bedacht uit noodzaak
,FRANSCISCO DE VITORIA (1483-1546)
o Spaanse Dominicaanse professor
o Beroemde lezingen: De Indis et De Iure Belli (1532)
o Inheemse bevolkingen deel van menselijke samenleving
o Verovering kon niet gerechtvaardigd worden door:
'ontdekking' (moeilijk te ontdekken dat lokale bevolking al heeft 'gevonden’)
Pauselijke toekenning
Oorlogen tegen inheemse bevolkingen moeten op natuurrecht gebaseerd zijn (er
zijn grotere principes die ons dat toestaan)
o Rechtvaardiging omdat:
Verzet tegen Christelijke missionarissen
Oppositie tegen vrije doorgang en handel door de Spanjaarden (op deze manier kunnen
we dat rechtvaardigen)
17 E – 18 E EEUW
o Internationaal recht ontwikkelt zich vanuit jus gentium
o Fundament voor praktische juridische kaders
Francisco Suárez: De Legibus ac Deo Legislatore (1612)
Emmerich de Vattel: Le Droit des Gens (1758)
Hugo Grotius: Mare Liberum (De Vrijheid van de Zeeën) (1609) De Jure Belli ac Pacis
(Recht van Oorlog en Vrede) (1625)
VREDE VAN WESTPHALIA (1648)
o Einde van de Dertigjarige Oorlog in Europa
o Vrede van Munster en Verdragen van Munster en Osnabrück
o Creëerde orde en structuur
o Verminderde macht van Romeinse rijk en Kerk
o Staat werd primaire bron van autoriteit (land bestaan in connecties tot andere staten)
o Toenemende loyaliteit van burgers aan hun natiestaat = sterk nationaal gevoel
o Internationale orde van staten met gelijke juridische status
o Europese origine (begin van landen die elkaar als gelijkwaardig zien, begin van het systeem dat
naar alle landen is geëxporteerd)
JEAN BODIN (1530-1596)
o Conceptualiseerde staatssoevereiniteit
o Originele denker: Franse jurist vóór Vrede van Westphalia
o Beïnvloed door chaos van godsdienstoorlogen in Frankrijk
o Six Livres de la République (1576): ontwikkelde de theorie van een ‘soeverein’ met ‘absolute en
ondeelbare’ macht, die alleen aan God verantwoording verschuldigd is. De soeverein zou boven
de wet staan en naar eigen goeddunken wetten kunnen scheppen én overtreden.
TIJDPERK VAN POSITIVISME
o Aanval op wil van God en natuurrecht
o Positivisme: de moment waarop de enige ware bron van recht de wil van de staat is
o Primair belang van staatstoestemming (expliciet via verdrag of impliciet via gewoonte)
Altijd toestemming zonder is er geen verplichting voor staten
o Consensuele theorie: geen verplichting zonder toestemming
,OPKOMST VAN FORMELE INSTITUTIES
o Positivisme kreeg aantrekkingskracht door institutionele ontwikkeling
o Voorbeelden:
1865 International Telegraph Union
1874 Universal Postal Union
1899 Permanent Hof voor Arbitrage
o Eerste multilaterale verdragen over gewapende conflicten
1856 Verklaring van Parijs: Juridische limieten op verovering van privébezit op zee
1868 Verklaring van St. Petersburg: Verbod op explosieve kogels
o 1899 en 1907: Twee Haagse Vredesconferenties over oorlogsvoering
KOLONIALISME
o Zuid-Amerika: onafhankelijkheid in eerste helft 19e eeuw
o Kolonialisme piekte in Azië en vooral Afrika
o 1884-1885 Conferentie van Berlijn
De Europese mogendheden kwamen bijeen om de criteria voor de verdeling van Afrika te
bespreken.
VOLGENS TWAIL (THIRD WORLD APPROACHES TO INTERNATIONAL LAW, SCHOOL/ STROMING
OP ZICH)
o Bias is inherent en moeilijk om te zien
o We leven midden in het neoliberalisme
o De taal van het globale Noorden is weerspiegeld in internationaal recht om armoede en
onderontwikkeling in de ‘Derde Wereld’ te bestendigen
Internationaal recht fungeert in de eerste plaats als instrument en 'taal' van het
machtige en dominante Noorden (Westen), dat de wet gebruikt om een neoliberale
internationale agenda af te dwingen die de dominantie van de armere landen in het
Zuiden in stand houdt.
VOLGENS FTAIL (FEMINIST APPROACHES TO INTERNATIONAL LAW)
o Bias is inherent en moeilijk om te zien
o Ervaringen en ideeën van mannen weerspiegeld in internationaal recht moeilijk te zien want we
leven midden in het patriarchiaat = ‘privilegeren van mannen in sociale relaties’
Er is een inherente vooringenomenheid in het internationaal recht ten gunste van
mannen, deels omdat het internationaal recht grotendeels gebaseerd is op de ervaringen
en algemene ideeën van mannen.
Het internationaal recht wordt gedomineerd door mannen en er is onvoldoende aandacht
voor de structurele nadelen waarmee vrouwen op veel gebieden te maken hebben.
MAAR…
o Internationaal recht was gecreëerd voor stabiliteit (in Europa) niet om iedereen er bij te doen
horen
o Meer dan voor rechtvaardigheid (dit is niet de intentie van het volkenrecht)
Het werd veeleer ingegeven door de wens om een organiserend principe te vinden voor
het handhaven van internationale (Europese) orde en stabiliteit. Met andere woorden,
het ging minder om rechtvaardigheid dan om orde.
AMBITIE INTERNATIONAAL RECHT
o Stabiliteit creëren door samenwerking
Europese rechtsorde (Vrede van Westphalia 1648)
Post ‘Wereld’ oorlog I: League of Nations
Post ‘Wereld’ oorlog II: Verenigde Naties
, De VN is gebouwd op solide 'Westfaalse' principes en gebaseerd op respect voor
het beginsel van gelijke rechten en zelfbeschikking van volkeren en op de
soevereine gelijkheid van al haar lidstaten.
HET INTERNATIONAAL RECHT
o Reflecteert de wereld
o Reflecteert Westerse kapitalistische visie
Het internationaal recht is gevormd door het Westen, dat zijn dominantie in de
wereldpolitiek heeft gebruikt om een op regels gebaseerde en kapitalistische
internationale orde te creëren die minder vatbaar is voor economisch protectionisme en
autoritarisme.
o Sterkte verloren? (vraag die we ons nu stellen)
Dit rechtssysteem staat momenteel onder druk. De rivaliteit tussen staten neemt toe en
nieuwe 'niet-westerse' organisaties beginnen een grotere rol te spelen in internationale
aangelegenheden.
B2 ARTIKEL 7 VN HANDVEST
o 193 staten zijn vandaag de dag lid van het VN Handvest
o Alle staten
o Palestina en Heilige stoel (‘Holy See’ - Vaticaanstad) zijn VN ‘niet-lid observator staten’
hebben een speciale status
o Organen van de VN zijn
Algemene Vergadering, Veiligheidsraad, Internationaal Hof van Justitie”, …
VN VEILIGHEIDSRAAD
o Verbod op geweld (Artikel 2(4) VN Handvest)
o Maar functioneerde pas (min of meer)
Sinds einde Koude Oorlog
Irak uit Koeweit verdreven (1990) B11
SOEVEREINITEIT
Definitie: elke staat heeft hoogste gezag binnen zijn grenzen
SOEVEREINE GELIJKHEID
‘Geen staat mag macht uitoefenen over een andere’ (B2 Artikel 2(1) VN Handvest)
VERENIGDE NATIES
o Legt zichzelf ook grenzen op
o Mag zich niet inmengen (‘intervene’) met zaken die essentiëel binnen de jurisdictie van een
staat vallen (B2 Artikel 2(7) VN Handvest)
DOELEN
o Internationale vrede en veiligheid bewaren
o Vriendelijke relaties tussen staten ontwikkelen, op basis van gelijke rechten en zelfbeschikking
o Internationale samenwerking bevorderen
o Acties van naties harmoniseren om gemeenschappelijke doelen te bereiken (B2 Artikel 1 VN
Handvest)
ANDERE INTERNATIONALE ORGANISATIES
o Wereldgezondheidsorganisatie
o Organisaties die we bespreken in college economisch recht
o Regionale organisaties (e.g. NAVO, EU, Raad van Europa, Afrikaanse Unie)