Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Theorie lichaam natuur-scheikunde

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
46
Geüpload op
26-05-2021
Geschreven in
2020/2021

Lichaam natuur-scheikunde samenvatting. De hele toet matrijs is uitgewerkt en alles staat er in. Het gaat om beautylevel boek 2 en 3.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting

Lichaam natuur/scheikunde examen

Spieren algemeen
In totaal zitten er in je lichaam ongeveer 700 spieren. Al deze spieren liggen direct onder je
huid. Ze werken snel, maar worden beïnvloed door je eigen krachten en raken gauw
vermoeid. Spieren hebben verschillende functies:
- je lichaam kan bewegen, zodat je kan lopen
- je lichaam kan fixeren, zodat je rechtop kunt zitten of staan.
- je organen zijn beschermd
Spierstelsel
Het spierstelsel bestaat uit dwarsgestreepte spieren. Deze spieren noem je ook wel
willekeurige spieren. Ze zijn opgebouwd uit dwarsgestreepte spiervezels. Deze spiervezels
worden omgeven door een bindweefsel en vormen samen een spierbundel. Om de
verschillende spierbundels ligt ook weer een bindweefsel. Dit bindweefsel noem je
spierfascie of spierschede. Deze spierschede loopt uit in een pees.
Het begin van een spier noem je de spieroorsprong of origo. Deze zit vaak aan een bot dat je
helemaal niet kan bewegen. Het einde van een spier noem je de spieraanhechting of
insertio. Deze zit aan een meer bewegelijk bot. Een spier is vaak weinig tot niet beweeglijk
op de plek van de oorsprong en aanhechting. Deze plaatsen bestaan namelijk uit vast
bindweefsel, de pezen.



Spier Kenmerken voorbeelden
Eenhoofdige spieren.  Één oorsprongsplaats.  Bovenlipheffer.
 Één  Slanke dijbeenspier.
aanhechtingsplaats.
Meerhoofdige spieren.  Twee of meer  Tweehoodige
oorsprongsplaatsen. dijbeenspier.
 Één  Vierhoofdige
aanhechtingsplaats. dijbeenspier.
 Tweehoofdige
armspier.
 Driehoofdige
armspier.
 Tweehoofdige
kuitspier.
Eenbuikige spieren.  Één spierbuik.  De meeste
 Erg elastisch. gelaatsspieren.
 Deltaspier.
 Tweehoofdige
armspier.
Meerbuikige spieren.  Twee of meer  Tweebuikige

, spierbuiken, kaakspier.
gescheiden door  Rechte buikspier.
peesstroken.
 Erg elastisch.
Eenpezige spieren.  Één  Grote jukbeenspier.
aanhechtingsplaats.  Tweehoofdige
amspier.
 Driehoofdige
armspier.
Meerpezige spieren.  Meerdere, van elkaar  Bovenlip- en
gescheiden neusvleugelheffer.
aanhechtingsplaatsen.  Schoudergedeelte
van de
monnikskapspier.
 Halfvliesachtige
spier.
Waaiervormige spieren.  Grote,  Slaapkauwspier.
waaiervormachtige  Grote borstspier.
oorsprongsplaats.  Deltaspier.
Kringspieren.  Liggen kringvormig  Oogkringspier.
om een opening.  Mondkringspier.
 Zorgen dat de  Anusspieren.
opening kan sluiten
en openen door
samentrekking of
ontspanning.
Platte spieren.  Platte spierbuik.  Voorhoofdsspier.
 Lange oorsprong en  Achterhoofdsspier.
aanhechting.  Buikspieren.


Spierinnervatie
Spieren zijn altijd verbonden met zenuwen. Het overbrengen van een prikkel van een zenuw
naar een spier, noem je spierinnervatie. Bij dwarsgestreepte willekeurige spieren is goed te
zien hoe dit werkt. Het spierweefsel van deze spieren kan zich namelijk snel samentrekken.
Dat gebeurt bijvoorbeeld als de spier een prikkel ontvangt.
De geprikkelde spier trekt zich dan samen en wordt korter. Zodra de prikkel stopt, verlengt
de spier zich weer. Als je een spier te lang prikkelt, ontstaat er kramp. Wanneer het contact
tussen een zenuwbaan en een spier onderbroken wordt, kan de zenuwbaan de prikkel niet
meer doorgeven. Je spreekt dan van verlamming. Verlamming kan onder andere optreden
bij een wervelbreuk.




Motorisch eindplaatje

,Motorische zenuwen geleiden prikkels vanaf de hersenen en het ruggenmerg naar de
spieren of klieren. Ze kunnen daar beweging veroorzaken en worden daarom ook wel
bewegingszenuwen genoemd. Motorische zenuwen bestaan uit een bundel neurieten. Deze
neurieten eindigen in een motorisch eindplaatje. Als een spiervezel of kliervezel een prikkel
ontvangt van een neuriet reageert hij door de spieren samen te rekken of een stof af te
scheiden. Als de prikkelgeleiding door motorische zenuwen geblokkeerd is, kan er
verlamming optreden.
Spierstofwisseling
Als je lichaam energie nodig heeft om te bewegen, wordt de glucose die in het bloed
aanwezig is verbonden met zuurstof. Daardoor komt energie vrij en ontstaan koolstofdioxide
en water. Dit zijn afvalstoffen die via het bloed afgevoerd worden. Voor het vrijmaken van
energie uit glucose is zuurstof nodig. Dit proces noem je aeroob proces.
Als er te weinig zuurstof is, kan het vrijmaken van energie uit glucose ook zonder zuurstof
plaatsvinden, bijvoorbeeld bij intensief spiergebruik. Je spreekt dan van een anaeroob
proces. Bij dit proces ontstaat melkzuur dat als afvalstof via het bloed wordt afgevoerd. Een
grote hoeveelheid melkzuur in de spieren veroorzaakt pijnlijke en vermoeiende spieren
(spierpijn).
Als je lichaam glucose niet direct nodig heeft als brandstof, wordt het met behulp van het
hormoon insuline omgezet in glycogeen. In de spieren en in de lever slaat je lichaam dit op
als reservevoorraad. Het lichaam kan de reservevoorraad glycogeen onder invloed van de
hormonen glucagon en adrenaline weer omzetten in glucose. Dit gebeurt als er te weinig
glucose in het bloed aanwezig is.
Myogelosen
Myogelosen zijn verhardingen in het spierweefsel die onstaan door een slechte
doorbloeding. Hierdoor gaat de spierstofwisseling minder snel. Dit gebeurt bijvoorbeeld
door ophoping van melkzuur, bij ongewone of grote inspanning of bij verkeerd spiergebruik.
Myogelosen komen vooral voor op plaatsen waar de spier het slechts doorbloed is, zoals de
oorsprong en aanhechting.
Spiertonus
De spiertonus is een basisplanning van de spier in rusttoestand. Deze basisplanning ontstaat
doordat verschillend delen van de spier telkens samentrekken. Dit zorgt ervoor dat het
skelet niet in elkaar kan zakken. De spiertonus wordt beïnvloed door het autonome
zenuwstelsel dat voortdurend prikkels naar de spieren stuurt. De spiertonus kan tijdelijk
verlaagd of verhoogd zijn. Dit kan verschillende oorzaken hebben.
Een hypertonische spier heeft een te hoge spiertonus. Deze spier is verkramt en voelt hard
aan. Een verhoogde spiertonus kan ontstaan door intensief spiergebruik of nervositeit.
Hypertonische spieren hebben daarom baat bij warmte, massage en ontspanning. Lange,
langzame massagegrepenzorgen ervoor dat je spieren ontspannen.

, Is de spiertonus te laag, dan spreek je van een hypotonische spier. Deze spier is verslapt en
voet deegachting aan. Een verlaagde spiertonus kan het gevolg zijn van onvoldoende
spiergebruik. Door middel van stimulerende massage en lichaamsoefeningen kun je de
spiertonus verhogen. Zo kun je met stevige, dwarse en korte massagegrepen zorgen voor
samentrekkingen en een hogere spiertonus. Door deze grepen toe te passen spannen je
spieren zich aan.
Spier degeneratie
Een spierbeweging noem je kinesis. Kinesiologie is de leer van de beweging. Door spieren
goed te bewegen kun je vergroeiingen, pijn en een slechte lichaamshouding voorkomen. Als
je een spier een tijdje niet of nauwelijks gebruikt, neemt deze in omvang af. De spier wordt
dan dunner en slapper en verschrompelt. Dit verschrompelen van de spier noem je
spieratrofie. Spieratrofie kan ook het gevolg zijn van een lage spiertonus.
Spier contracties
Als spieren samentrekken, spreek je van spiercontractie. Elektrische, chemische en
mechanische prikkels kunnen een spier direct tot contractie prikkelen. Deze prikkels gebruik
je in de schoonheidssalon bijvoorbeeld bij een massagebehandeling.
Statisch/ isometrische contractie
Bij statische contractie levert de spier wel kracht, maar beweegt zich niet. Tegen een dichte
deur duwen om te voorkomen dat deze open gaat, is hier een voorbeeld van.
Dynamische spiercontractie
Een dynamische spiercontractie zet de spier kracht en wordt korter of langer. Bijvoorbeeld
tijdens het trainen van de biceps. Als je een gewicht vanaf heuphoogte naar de borst haalt
worden de biceps korter.
Istonisch = constante spierspanning
Spier werking
synergisten
Synergisten zijn spieren die elkaars werking ondersteunen: ze veroorzaken een beweging in
dezelfde richting. De slaapkauwspier en de wangkauwspier zijn voorbeelden van synergisten.
Deze sluiten beiden de onderkaak.
Antogonisten
Antogonisten zijn spieren die elkaar tegenwerken. De biceps en de triceps in de bovenarm
zijn antogonisten. De biceps buigt de arm en de triceps strekt de arm.

Bewegingsvorm kenmerk
Abduceren Van het lichaam afvoeren
Adduceren Naar het lichaam toe voegen
Exoroteren Het buitenwaarts draaien van een
lichaamsdeel
Endoroteren Het binnenwaarts draaien van een
lichaamsdeel

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
26 mei 2021
Aantal pagina's
46
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING
€8,09
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
fleurkieftenbeld1
5,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
fleurkieftenbeld1 Landstede
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
5
Documenten
2
Laatst verkocht
1 jaar geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen