1. INLEIDING........................................................................................................... 2
2. LEGISLATIEF EN TRANSPORT................................................................................3
3. ENVIRONMENTAL ENRICHMENT............................................................................6
4. MANIPULATIE, RESTRAINING, HANDLING..............................................................8
5. DISEASE – BASIC PRINCIPLE...............................................................................10
6. DIEREN............................................................................................................. 13
1
,1. Inleiding
Model = vereenvoudigde representatie van een systeem/verschijnsel
Diermodel = model dat een biologisch verschijnsel beschrijft dat in een of meerdere aspecten overeenkomt met
hetzelfde verschijnsel in de soort van interesse (mens)
Diermodellen worden gebruikt voor: onderzoek naar fysiologische/biochemische processen, naar oorzaken en verloop
van ziektes, naar nieuwe therapieën, ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen, bijwerkingen in nieuwe
geneesmiddelen; giftigheid, bestrijdingsmiddelen… (extrapolatie van gegevens, gecontroleerde omgeving,
herhaalbaarheid)
Waarom is het gebruik van proefdieren noodzakelijk?
- Wanneer er geen alternatieve methoden bestaan -> zoals de regulatie van bloeddruk, immuunsysteem
- Interacties tussen systemen/cellulair niveau kunnen niet in vitro worden nagebootst
- In vitro gekweekte cellen veranderen van karakter doordat ze uit de cellulaire context worden gehaald -> bij
het in vitro testen van geneesmiddelen worden de effecten van afbraak/uitscheiding, metabole omzetting,
opname door darmen, en distributie niet meegewogen
=> Onmogelijk om het verloop van ziektes/gevolgen van mogelijke behandelingen nauwkeurig te voorspellen zonder
het observeren en testen van het gehele levende systeem
Waarom dierproeven in plaats van testen op mensen? Door aantal beschikbare individuen, kosten, mogelijkheden om
bepaalde parameters te moduleren (dieet, genetische achtergrond), generatietijd en ethische en juridische redenen
Mag enkel als:
- Er geen alternatieven zonder dieren zijn
- Schade-batenanalyse: belang van de onderzoeksvraag
- Welzijn en verzorging van de dieren, evenals betrouwbaarheid van de resultaten
=> Volgens de richtlijnen van de EU moet worden gestreefd naar het in de praktijk brengen van de 3 V’s: (3Rs)
- Vervangen: dierproeven dienen zoveel mogelijk te worden vervangen door alternatieve methodes: in vitro
kweek van cellen/weefsels/organen, computersimulaties -> als goede alternatieven beschikbaar = gebruik van
proefdieren verboden
- Verminderen: evenveel info uit proeven met minder dieren verkrijgen/meer info uit zelfde aantal dieren,
controles uit verleden proeven, standaardisatie
- Verfijnen: verminderen van dierenleed en het verhogen van dierenwelzijn
2
, 2. Legislatief en transport
Proefdier (experimental animal) = alle levende niet-menselijke gewervelde dieren gebruikt in procedures of gehouden
v om hun organen en weefsels te gebruiken voor wetenschappelijke doeleinden, waaronder:
- Gewervelde: amfibieën, vissen, reptielen, vogels, zoogdieren
- Onafhankelijk voedende larvale vormen
- Foetale vorm van zoogdieren vanaf het laatste derde deel van ontwikkeling (> 2e trimester van zwangerschap)
- Foetale vorm van zoogdier < 3e deel van hun normale ontwikkeling, indien blijvende schade na de geboorte
door een procedure die is uitgevoerd vóór dat stadium van ontwikkeling
- Cephalopoden (inktvissen)
Speciaal gefokte dieren:
- Muizen, ratten, cavia's, goudhamsters, Mongoolse gerbils, Chinese hamsters, konijnen
- Honden en katten
- Niet-menselijke primaten -> ouders moeten in gevangenschap worden gefokt
- Kikker (Xenopus en Rana)
- Zebravis
Identificatie van proefdieren:
- Alle dieren moeten op kooiniveau worden geïdentificeerd -> dierniveau: experimentele/fok-ID
-> Soort/stam, leverancier/fokker, nummer, geslacht en leeftijd (datum van aankomst/spenen), LA-nummer en
naam verantwoordelijke, projectgoedkeuringsnummer en datum van goedkeuring, voor welk gebruik)
- Hond, kat -> NHP: permanente individuele identificatiemerken = persoonlijk ‘levensdossier’
- Boerderijdieren -> officiële tags
Dierproef (animal experimental) = elk gebruik ((niet)-invasief) van dier voor experimentele/wetenschappelijke/
v educatieve doeleinden, dat bij het dier een mate van pijn/stress/blijvende schade kan veroorzaken gelijk of hoger dan
het inbrengen van een naald
Nooit gebruikt tenzij ontheffing (minister): grote primaten (great apes), bedreigde diersoorten, in wild gevangen dieren,
Zwerf- en verwilderde dieren van gedomesticeerde soorten,
Niet onder proefdieren: insecten, c elegans
Inclusief:
- Elke handelwijze die resulteert in de geboorte of het uitkomen van een dier
- Creatie en instandhouding van een GGO met een schadelijk fenotype
Exclusief:
- Doden van dieren uitsluitend voor gebruik van hun organen of weefsels
- Niet-experimentele landbouw en klinische veterinaire praktijken
- Veterinaire klinische proeven voor vergunning voor het in de handel brengen van een diergeneesmiddel
Verboden dieren te gebruiken voor:
- Productie van monoclonale antilichamen via ascitesmethode
- Testen van cosmetische producten
- LD50: acute orale toxiciteit
- Fototoxiciteit en huidcorrosiviteitstest
- Testen van tabaksproducten
Project = werkprogramma met gedefinieerd wetenschappelijk doel en met één/meer procedures
- Alle projecten moeten worden goedgekeurd door een lokale ethische commissie en worden geclassificeerd als
mild, matig, ernstig of niet-herstel (terminaal)
- Alle projecten moeten worden vergezeld door: niet-technische samenvatting en retrospectieve analyse
(wanneer het project eindigt)
Ethische commissie
- Verplicht in instellingen waar dierproeven worden uitgevoerd
- Er mogen geen dierproeven worden uitgevoerd zonder een positieve evaluatie door de ethische commissie
- Alleen goedkeuringen voor de experimenten die plaatsvinden in het laboratorium van de aanvrager
- Taken van lokale ethische commissie
-> Evaluatie van geplande en uitgevoerde experimenten
-> Vaststellen van ethisch relevante criteria met betrekking tot dierproeven
-> Advies over ethische aspecten van dierproeven
-> Controle op huisvesting en verzorging
-> Verantwoordelijkheid voor afwijkingen
3
, Instantie voor dierenwel zijn:
- Elke gebruiker, fokker en leverancier moet minstens één instantie voor dierenwelzijn (AWB) hebben:
-> Personen verantwoordelijk voor welzijn en verzorging van proefdieren
- Wetenschappelijke gebruiker -> moet de volgende taken uitvoeren:
-> Adviseren over huisvesting, verzorging etc...
-> 3R-principe promoten en proberen toe te passen waar mogelijk
-> Monitoring en rapportage van procedures
-> Adviseren over adoptie
-> Verfijning van fokken, huisvesting en verzorging
Gebruiker (user) = rechtspersoon die dieren gebruikt in procedures, al dan niet voor winst -> moet een erkennings-
aanvraag indienen voordat dieren worden gehuisvest en procedure wordt gestart -> specifiek formulier invullen:
diersoort, soorten experimenten, huisvesting, personeel -> formulier verzenden naar veterinair inspecteur
-> Jaarlijkse update van vergunning (faciliteitenplan, personeel)
- Opname van nieuwe diersoorten // nieuw type experimenten: moet eerst worden erkend!
Fokker = rechtspersoon die dieren fokt met het oog op hun gebruik in procedures of voor gebruik van weefsels of
organen voor wetenschappelijke doeleinden // die andere dieren hoofdzakelijk voor die doeleinden fokt
Leverancier = rechtspersoon, met uitzondering van fokker, die dieren levert met het oog op hun gebruik in procedures
of voor het gebruik van hun weefsels of organen voor wetenschappelijke doeleinden, al dan niet met winstoogmerk.
Inspectie
- Regelmatig: inspectie van gebruiker, fokker en leverancier door lokale overheid (jaarlijks)
- Deskundige voor dierenwelzijn (dierenarts)
- Bezoekt faciliteiten min. 4x per jaar -> rapporteert aan de lokale overheid
- Dierenarts // bevoegde persoon (80 uur opleiding) onder toezicht van dierenarts
-> Paard, varken, herkauwer, kat, hond, primaat etc. moet dierenarts zijn
- Adviseren over huisvesting, sterilisatie, chirurgische ingrepen en andere aspecten van dierenwelzijn
- Jaarlijks rapport aan de ethische commissie
Opleidingsniveaus in Belgische wetgeving verschillen van de niveaus in de EU-richtlijn:
- Niveau 1: Personen verantwoordelijk voor de elementaire verzorging van proefdieren (4u)
- Niveau 2: Personen verantwoordelijk voor de gespecialiseerde verzorging van proefdieren (25u)
- Niveau 3: Personen die actief deelnemen aan dierprocedures (40u)
- Niveau 4: Experimentele leiders: moeten een universitair diploma hebben, wetenschappelijk onderlegd zijn en
een specifieke kennis hebben (80u)
- Doden van dieren
Kooi = permanent vaste of verplaatsbare container, omgeven door massieve wanden en aan minstens één zijde door
tralies of gaasdraad // indien van toepassing, netten met één/meer dieren
-> Afhankelijk van bezettingsdichtheid en grootte van container is bewegingsvrijheid van de dieren relatief beperkt
Hok = ruimte omgeven door muren, tralies of gaas, waar één of meer proefdieren worden gehuisvest
-> Afhankelijk van grootte van omheining en dichtheid is de bewegingsvrijheid minder beperkt dan in een kooi
Stal = kleine omheining met drie zijden, meestal een voerhek en zijdelingse scheidingen, waar een of twee dieren
vastgebonden kunnen worden gehouden
Ren = ruimte omsloten door hek, muur, tralies of gaas, vaak buiten permanente gebouw, waar proefdieren worden
gehuisvest in kooien of hokken voor beperkte tijd die overeenkomt met hun ethologische en fysiologische behoeften,
meer specifiek de vrijheid om vrij te bewegen
Secundaire behuizing
Houdkamer = ruimtes waar dieren normaal gesproken worden gehuisvest, hetzij voor de fokkerij en het houden van
dieren, hetzij tijdens een procedure
Inperkingssystemen, zoals isolatoren, laminaire stromingskasten en individueel geventileerde kooien (IVC)
Vereisten
- Voldoende afstand
- Sociale huisvesting
- Gezondheid en welzijn van dieren moeten dagelijks worden gecontroleerd
- Beheersing van omgevingsomstandigheden: ventilatie, temperatuur, luchtvochtigheid, verlichting, geluid
4