2025-2026
1. INLEIDING
I. DEFINITIE/ONDERWERPEN
Wat is politieke communicatie?
Def 1: Graber (2005): “the construction, sending, receiving, and processing of messages that
potentially have a significant direct or indirect impact on politics. The sender or receiver may be
politicians, journalists, members of interest groups, or citizens”
Belangrijke elementen
Construction = kan een bericht zijn
Sending = verspreiden via media, speeches, sociale media politici vb stuurt het door
Receiving and processing = hoe wij het aannemen
potentially have a significant direct or indirect impact on politics = de berichten die verstuurd
worden kunnen impact hebben op de politiek.
Er zijn dus verschillende actoren die van belang zijn
Brede definitie, zowel over construeren zoals journalisten, over politiek “ik schrijf iets en mensen
lezen dat en dat beïnvloedt hun mening”, of een politicus leest dit artikel en reageert erop
Impact op de politiek kan direct of indirect zijn en er zijn meerdere actoren (politici, media,
belangengroepen, burgers)
Def 2: Chaffee (1975): Political Communication is about the role of communication in the political
process
Oudere, eenvoudigere definitie, vooral over externe communicatie maar het politieke proces
is heel breed
Het gaat ook om interne communicatie binnen partijen, campagnes, beleidscommunicatie
Voorbeelden van politieke communicatie:
Bart De Wever heeft een persconferentie
Isabel Albers (hoofdredactrice van de tijd): zij maakt reclame van een stuk van één van haar
journalisten op sociale media dit moet je lezen en tegelijk gaat de inhoud ook over politieke
communicatie: ze komen op straat om justitie te hervormen =meerlagige politieke
communicatie!
Joe Rogan: Amerikaanse podcastmaker, hij wordt gezien als heel belangrijk in Trump’s
campagne → Trump was bij hem te gast (Harris niet)
o Dit is een format van enkele uren waar er heel uitgebreid wordt gepraat, politicus
kan zich op een andere manier tonen.
o Rogan bereikt een publiek van jonge, witte mannen die niet gaan stemmen en Rogan
beslist om met Trump te praten dus zijn publiek wordt hierdoor beïnvloedt.
DUS: politieke communicatie gaat breder dan de klassieke kanalen.
Politieke communicatie |1
,WAT
Politieke communicatie = driehoeksverhouding, waarbij het altijd gaat om (1 of meerdere van deze) 3
actoren.
Ze hebben telkens invloed op elkaar, geen eenrichtingsverkeer
De laatste tijd denken we na over de rol van sociale
media in die driehoek.
Is sociale media een nieuwe vorm van media?
Regels van de journalistiek gelden hier
minderen
Politici kunnen het publiek rechtstreeks
bereiken d.m.v. die sociale media.
Men kan het publiek ook direct betrekken in
het debat.
Of is het eerder een instrument dat de 3
verschillende actoren kunnen gebruiken
Het is politieke communicatie binnen politieke
communicatie (meerdere lagen). Bv. Politieke boodschap (pol. Communicatie) in een post op
X (pol. Communicatie)
Sociale media doorbreken klassieke hiërarchie:
- Politici bereiken burgers rechtsreeks
- Burgers worden zelf zenders (activisme, memes, posts)
- Journalisten reageren op sociale media & vice versa
II. 7 STELLINGEN/OBSERVATIES
A. Politieke communicatie raakt de kern van politieke wetenschappen nl. democratie
Politieke communicatie bestuderen ‘kan’ enkel in landen die een democratisch regime hebben. –
Waarom?
Kijken naar de rol van de media in de politiek is een cruciaal element/voorwaarde. Media en
democratie zijn structureel gelinkt. Je kan geen democratie hebben zonder persvrijheid.
Dus hoewel media soms als de luis in de pels wordt gezien, is dit ook haar rol
Democratie vereist persvrijheid
Sterke correlatie tussen persvrijheid en democratische kwaliteit
Wereldwijde trend: democratische achteruitgang (Freedom House)
o Journalisten staan steeds vaker onder druk (VS, Polen, Hongarije, Egypte), VS zakt
jaar na jaar
o Voorbeeld Kashoggi
Waar zijn burgers vrij?
Vrije landen: vrije verkiezingen, protesteren, recht op betogingen
Gedeeltelijk: niet iedereen mag zomaar meedoen aan vrije verkiezingen
Geen vrijheid: kleine verschillen bij persvrijheid en vrijheid, in landen die wij beschouwen als
vrij, hebben ook vrije media
Politieke communicatie |2
,Is onze democratie dan onder druk?
Media komt wel meer een meer onder vuur komen te liggen. Vooral tijdens corona bij ons .
De VS is zogezegd de grootste democratie, toch zien we daar een bedreiging van journalisten
Corona was een periode waarin de pers in B en NL ook meer onder druk kwam
Algemeen: meer haatspraak, dus druk op politici neemt niet enkel toe door journalisten
Dus staat de democratie onder druk?
Sinds ’90 toename van aantal democratieën (vnl na de van de USSR + Arabische Lente 2011)
idee van “End of history” = democratie wint uiteindelijk
Maar nu zien we een achteruitgang: recht op betogen, autonomie rechters,…
Online haatspraak etc. is ook het nieuwe normaal + ook fysiek geweld
persvrijheid onder druk en men acht dit minder erg aangezien dit het nieuwe normaal
wordt (onder leiding van Trump)
B. Ongenoegen over media is van alle tijden
Politici klagen al decennia over media (De Wever, Schouppe, Grootjans)
Media en politiek horen te verschillen → als ze samenvallen ontstaat gevaar
Verschil tussen kritiek (gezond) en aanvallen/intimidatie (gevaarlijk)
In het algemeen stijgt het ongenoegen over de media. Enkele voorbeelden:
Bart de wever: de teleurstelling in de klassieke media is groot en nog andere citaten.
Etienne Schouppe: Door komst Villa Politica zijn politici zich anders gaan gedragen
MAAR: ongenoegen over media én politiek is van alle tijden
Citaten tonen dat er altijd kritiek is, maar de toon wijzigt, het is meer op de man, minder op
de politiek
Permanent ongenoegen over berichtgeving
“Everyone in a democracy is a certified media critic, which is as it should be”
= we moeten zelf ook kritisch kijken naar de media en media moet daarmee om kunnen gaan
Dus in principe is kritische kijk goed, hoewel het niet over haatspraak of dergelijke mag gaan
Al wordt het wel heel persoonlijk de dag van vandaag. Bv. Trump en Musk die een
journalist persoonlijk aanvallen ≠ politieke kritiek
Wetenschappelijk debat gaat tussen media pessimisten en optimisten
Optimisten: steeds meer kwaliteitsvolle journalistiek
Tegelijk steeds meer misinformatie, low quality journalistiek (sensationeel, clickbait,…)
C. Objectief nieuws bestaat niet
Nieuws is altijd een selectie en framing
Voorbeeld: 2 kranten belichten hetzelfde rapport anders
Objectiviteit blijft een ideaal, maar volledige neutraliteit bestaat niet
Voorbeeld: artikel over hetzelfde rapport, maar beide leggen een andere nadruk (geluk jongeren vs.
zelfverminking bij jongeren).
Hoewel beide correct zijn, legt men een andere focus. Er wordt vooral gewerkt in kader van
goede titels
Politieke communicatie |3
, Leidt tot frustratie door de selectie die men maakt, frame dat wordt gebruikt, mensen lezen
vaak vooral de titel
Objectiviteit blijft wel een mooi ideaal en is een streefdoel maar niet haalbaar, daarom eerder sprake
van onpartijdigheid als doel
Er is altijd een eigen interpretatie desondanks we feitelijk zijn, er is altijd framing. (men is zich
hiervan bewust)
Misschien eerder onpartijdigheid nastreven i.p.v. objectiviteit al is de vraag hoe haalbaar dit
is in dit Trump-era
= iedereen aan het woord, met kritische kijk
D. Politieke macht van de media wordt overschat (vooral door politici)
Politici overschatten media-invloed (survey: 89% politici vs. 34% journalisten)
Media zijn niet almachtig → invloed is voorwaardelijk (context, ontvanger, issue)
“Het is de schuld van de media” = gemakkelijkheidsoplossing
Media-almacht denken voorwaardelijkheid denken.
Media = almachtig
o Media als alles bepalend
o De media worden vaak overschat daarin.
Voorwaardelijkheid denken
o Doel: we bekijken kritisch wat de rol van de media is
o Waar speelt media een invloed en wat is de impact juist
E. Media-invloed = empirische vraag
Wetenschappelijk debat
o Minimal effects (’40-’60)
o Powerful media (’20-’40, ’70)
o Conditional effects (’80-’90)
Moeilijk te meten door causaliteit, mediagebruik, real-world events
Wetenschappelijk debat:
Tussen minimal effect hypothesis (media doet er niet veel toe) – powerful mass media (media is
super belangrijk)
Ondertussen komen we uit bij een genuanceerde kijk hierop
Uitdagingen bij dit onderzoek:
1) Alomtegenwoordigheid van (nieuwe) media
Media-invloed afzonderen is heel moeilijk, omdat het zo verspreid is (sociale media, kranten,
journaal, etc.)
Er is niet 1 medium of 1 bron
2) Mediatisering
politiek past zich aan, politici denken na over media, welk medium te kiezen, hoe
berichtgeven etc.
Dus politici zijn quasi constant bezig met hoe de media werkt
Politieke communicatie |4