Handboek huwelijksvermogensrecht
ISBN: 9789462909212
,College 1
vrouw is pas sinds 1957 handelingsbekwaam
titel 6, 7 en 8 van boek 1 ook van toepassing op geregistreerd partnerschap
alle bepalingen uit boek 6 (art. 1:81 t/m 92a BW) gelden ongeacht het
huwelijksgoederenregime → maakt niet uit of je in gemeenschap van goederen bent
getrouwd of huwelijkse voorwaarden hebt gemaakt inhoudende een uitsluiting van alles
artikel 1:81 BW onderhoudsverplichtingen echtgenoten jegens elkaar
echtgenoten zijn elkaar getrouwheid, hulp en bijstand verschuldigd. zij zijn verplicht elkaar
het nodige te verschaffen
→ morele aard
→ handelen in strijd met de getrouwheid → aangeven dat je bijv. wil scheiden → kan leiden
tot een duurzame ontwrichting van het huwelijk
→ geldt alleen zolang het huwelijk in stand is
werking van het artikel eindigt:
- na overlijden echtgenoot (boek 4 BW)
- scheiding van tafel en bed (artikel 1:92a) (artikel 1:169 en 1:173 t/m 1:176 BW)
- echtscheiding (artikel 1:157 t/m 1:165 BW, titel 17 BW en wet verevening
pensioenrechten)
artikel 1:82 BW verplichting tot verzorging/ opvoeding kinderen
echtgenoten zijn verplicht de tot het gezin behorende minderjarige kinderen te verzorgen en
op te voeden en de kosten van die verzorging en opvoeding te dragen → gaat om
- eigen minderjarige kinderen
- minderjarige stiefkinderen (bijv. vrouw heeft nog kinderen van een eerder huwelijk)
- minderjarige pleegkinderen
tot 31-5-2001 als je ging trouwen moest je verplicht samenwonen (artikel 1:83 OUD)
→ deze verplichting bestaat nu niet meer
sinds 1-1-2012 nieuw artikel 1:83 BW inlichtingen bestuur en stand vermogen
echtgenoten verschaffen elkaar desgevraagd inlichtingen over het door hen gevoerde
bestuur alsmede over de stand van hun goederen en schulden
→ inlichtingen geven over vermogen, wat voor schulden heb je?, hoe zijn je bezittingen in de
laatste jaren gegaan? heb je inkomen genoten?
→ geldt voor iedereen ongeacht het huwelijksgoederenregime
→ gaat om geven van informatie niet om het afleggen van verantwoording → hoeft niet te
zeggen waarom je met dat geld die aankomen of dat pand heb gekocht
→ van belang voor artikel 1:84 BW
,artikel 1:84 BW kosten van de huishouding
kosten huishouding (ook voor verzorging/ opvoeding van kinderen) door echtgenoten
worden gedragen → geen definitie wat die kosten nou inhouden → want dit ligt aan de
omstandigheden en leefgewoonten van een gezin
postbode is huisvrouw heeft heel andere kosten van huishouding dan een directeur van een
bedrijf
voorbeeld wat er onder andere vaak onder valt
- hypothecaire lening
- huur woning
- vakantiereizen
- uitjes bioscoop/ schouwburg
- boodschappen
inkomen = inkomen na aftrek van de inkomstenbelasting
artikel 1:84 lid 1 BW → regeling wie wat en hoeveel moet bijdragen
1. gemeenschappelijk inkomen → voor zover ontoereikend (2)
2. prive-inkomens echtgenoten naar evenredigheid → voor zover ontoereikend (3)
3. gemeenschappelijk vermogen → voor zover ontoereikend (4)
4. privévermogens echtgenoten naar evenredigheid
gemeenschappelijk inkomen = vooral voor mensen die in algehele gemeenschap van
goederen zijn getrouwd (in 2010 geen huwelijkse voorwaarden) → inkomens geacht
gemeenschappelijk te zijn (bijv. beide in loondienst)
prive inkomens echtgenoten naar evenredigheid → onvoldoende inkomen, maar nog steeds
kosten huishouding→ gemeenschappelijk vermogen → ook onvoldoende → privévermogens
echtgenoten naar evenredigheid
VB: man en vrouw getrouwd en hebben uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen
kosten huishouding = € 100
inkomen man € 200
inkomen vrouw € 100
er is dus geen gemeenschappelijk inkomen → 2e stap → privé vermogens naar
evenredigheid
man heeft twee keer zoveel inkomen als de vrouw
man moet 2/3e bijdragen = € 67
vrouw moet 1/3e bijdragen = € 33
in huwelijkse voorwaarden kan je andere regels overeenkomen → bijv kosten alleen worden
gedragen door man of alleen door vrouw of door de helft
door de helft:
, → niet perse slim → want stel door de helft (man en vrouw beide hetzelfde inkomen, prima),
maar wat nou als de man 10 jaar later arbeidsongeschikt worden, of de ander gaat minder
werken
stel man verdient nu € 200
vrouw werkt niet meer
kosten huishouding nog steeds € 100
→ op papier moeten de kosten nog steeds door de helft (beide € 50) → maar man zal wel
betalen → betaalt dan dus eigenlijk € 50 te veel → scheiden → man kan zeggen ‘ik heb 10
jaar € 50 te veel betaalt’. → heeft dan dus vordering op de vrouw
1:84 = titel 6 = geldt ongeacht het huwelijksvermogensrecht → trouwen zonder huwelijkse
voorwaarden deze regel is van toepassing of zegt hierover niks in huwelijkse voorwaarden
geldt dit artikel ook
→ uitsluiting gemeenschap van goederen in huwelijkse voorwaarden → zal er dus vaak
geen gemeenschappelijk inkomen zijn dus kom je bij stap 2
1:84 lid 2 = verplichting om bij te dragen in kosten huishouding (fourneerplicht) zoals in lid 1
wordt genoemd
1:84 lid 3 = bij schriftelijke overeenkomst kan je ook een afwijkende regeling dan in lid 1 en 2
opnemen → hoeft dus niet perse via huwelijkse voorwaarden
1:84 lid 4 en 5 = geschillen over bijdrage kosten huishouding → tussenkomst vragen rechter
vergoedingsrechten
VB: man en vrouw getrouwd, afgesproken dat ieder bijdraagt in kosten huishouding
overeenkomstig artikel 1:84 lid 1 → maar ene echtgenoot betaalt in een jaar meer dan
andere echtgenoot
ene echtgenoot krijgt dan dus een vordering op de andere echtgenoot → vaak in huwelijkse
voorwaarden hierom vervalbeding opgenomen → staat dan in dat degene die meer heeft
bijgedragen dan op grond van huwelijkse voorwaarden of 1:84 lid 1 moest, binnen twee jaar
(of andere bepaalde periode) vordering indienen (dus zeggen dat je nog die kosten dient te
krijgen) en die verrekenen → doe je dat niet dan ben je te laat
HR 15-9-2006, NJ 2007, 217: beroep op dergelijk vervalbeding is toegestaan, tenzij naar
maatstaven van redelijkheid en billijkheid dit niet aanvaardbaar is
LET OP: vervalbeding voor periodieke verrekening bedingen → niet geldig → wel in strijd
met redelijkheid en billijkheid
artikel 1:85 hoofdelijke aansprakelijkheid voor aangaan van verbintenissen van
gewone gang van het huishouden
stel je bent getrouwd en hebt uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen
ene echtgenoot geeft geld uit (boodschappen, koopt wasmaschine) ten behoeve van het
huishouden → verkoper kan beide man en vrouw aanstellen voor de kosten van het
huishouden
wasmachine en koelkast ook aan te merken als kosten voor het huishouden.