Onderzoeksmethoden –
Oefententamen
Neem altijd aan dat α = .05, tenzij anders aangegeven.
Let op: Dit oefententamen bevat geen officiële SPSS-output. De tabellen zijn nagemaakt om
zo veel mogelijk op echte SPSS-output te lijken, maar komen niet volledig overeen met de
lay-out, notatie, afrondingen en weergave van SPSS. Dit document is uitsluitend bedoeld als
oefenmateriaal.
, Muziek en Concentratie
Een onderzoeker vermoedt dat harde achtergrondmuziek tijdens het studeren leidt tot
slechtere prestaties op een concentratietaak.
Veertig studenten worden random toegewezen aan één van twee condities:
• Conditie 1: Geen muziek
• Conditie 2: Harde muziek
Na een uur studeren maken alle studenten dezelfde concentratietoets. De afhankelijke
variabele (focus) is het aantal correct beantwoorde vragen. Voordat je begint: ga ervan uit
dat de scores binnen beide groepen bij benadering normaal verdeeld zijn.
Group Statistics
CONDITIE N MEAN STD. DEVIATION STD. ERROR MEAN
GEEN MUZIEK 20 42.30 6.708 1.500
HARDE MUZIEK 20 35.90 9.143 2.044
Independent Samples Test
F SIG. T DF SIG. (2- MEAN STD. ERROR
TAILED) DIFFERENCE DIFFERENCE
EQUAL 3.972 .054 2.532 38 .016 6.400 2.528
VARIANCES
ASSUMED
EQUAL 2.532 34.67 .016 6.400 2.528
VARIANCES
NOT ASSUMED
Opgave 1
Aan de hand van bovenstaande output concluderen we dat de assumptie van gelijke
populatievarianties is geschonden.
a. juist
b. onjuist
Opgave 2
De onderzoeker concludeert dat muziek invloed heeft op de concentratiescore.
a. juist
b. onjuist
Opgave 3
De effectgrootte van het verschil tussen beide groepen is middelgroot tot groot.
a. juist
b. onjuist
Opgave 4
Als op dezelfde gegevens een 1-weg ANOVA zou worden uitgevoerd, dan zou deze niet-
significant zijn.
a. juist
b. onjuist