Week 1:
Kennismaking met het recht
Wat betekent het recht voor onze samenleving? De functies van het recht.
Normatieve functie:
o Ethische normen die vastgelegd zijn in rechtsnormen
Geschiloplossende functie:
o Wijst de weg uit een conflict, om eigenrichting te voorkomen
Additionele functie:
o Daar waar partijen nalaten goede afspraken te maken, aanvullend
Instrumentele functie:
o Om samenleving te structureren: wegenverkeerswet
Rechtsbronnen
Waar vinden we het recht? De rechtsbronnen (pag. 20 belangrijke afbeelding):
1. Wet
2. Verdragen (overeenkomst tussen landen)
3. Jurisprudentie (uitspraak van een rechter in een vonnis)
4. Gewoonte (zo doen wij het, dit past al jaren in onze maatschappij)
Wet:
Privaatrecht – publiekrecht
Privaatrecht:
- Personen- en familierecht/vermogensrecht/ondernemingsrecht
- Relatie persoon-persoon (natuurlijk persoon en rechtspersoon)
- Horizontale verhouding, burgers onderling
Personen onderling en het verbind ook personen onderling
Publiekrecht:
- Bestuurdersrecht/strafrecht/staatsrecht
- Relatie overheid-burger
- Verticale verhouding, burger-overheid
Alles wat met de grondwet te maken heeft (kroning van Willem Alexander)
Als de overheid optreedt als rechtspersoon en niet als overheid, wordt de situatie beheerst door het
privaatrecht.
Bijv. gemeente Rotterdam huurt leaseauto’s. Dit gebeurd in naam van een nv of bv
,Wet in formele zin:
- Geeft antwoord op de vraag door wie gemaakt? Door de formele wetgever
- Formele (nationale) wetgever Regering en Staten Generaal
- Niet- formele (decentrale) wetgevers Provinciale Staten, Gemeenteraad
Wet in materiële zin:
- Geeft antwoord op de vraag voor wie gemaakt? Voor iedereen.
Formeel en materieel Het Burgerlijk Wetboek
Formeel en niet materieel Toestemmingswet huwelijk Wa en Maxima
Materieel en niet formeel Provinciale verordening, Algemene Maatregel van Bestuur
Niet materieel en niet formeel Vergunning
Rangorde wetten:
1. Grondwet
2. Wetten in formele zin
3. Algemene maatregel van bestuur
4. Ministeriele regeling
5. Provinciale verordening
6. Gemeentelijke verordening
Rangorde wetgevende organen:
1. Hogere regels gaan voor lagere
2. Jongere regel gaat voor oudere
3. Bijzondere regel gaat voor algemene regel
Verdrag
Verdrag is een internationale overeenkomst
Bilateraal Verdrag
o Tussen twee landen
Multilateraal Verdrag
o Tussen meerdere landen
2 soorten verdragsbepalingen:
1. Niet rechtstreeks bindende verdragsbepaling
- Moet eerst omgezet worden naar nationale wet
2. Rechtstreeks bindende verdragsbepaling
- Self executing – burger ontleent directe rechten en plichten aan verdrag
, Totstandkoming en geldigheid van een verdrag:
- Onderhandeld door de regering
- Gesloten door de regering
- Goedgekeurd door de Staten Generaal, Ratificatie
- Publicatie in het Tractatenblad
- Pas hierna heeft een verdrag rechtskracht
Jurisprudentie
Rechterlijke uitspraak krijgt werking van algemene rechtsregel doordat lagere rechters de
wetsinterpretatie van de hogere rechter volgen.
Interpretatie de betekenis van de algemene rechtsregel zoeken om toe te passen in het concrete
geval
Interpretatiemethoden:
- Grammaticale interpretatie
- Wethistorische interpretatie
- Anticiperende interpretatie
- Rechtvergelijkende interpretatie
Materiële gebondenheid de rechter houdt rekening met de uitspraken in vergelijkbare gevallen
van hogere rechters
Als geen wettelijke regeling bestaat, gebruikt de rechter de volgende redeneermethoden:
- Redenering naar analogie de gevallen zijn essentieel hetzelfde, dus
- A-contrario redenering de gevallen zijn essentieel verschillend, dus
Gewoonte
Geregeld handelen in bepaalde kring
Gewoonterecht
2 vereisten:
- Vaste gedragslijn