kennislijn:
thema 1: Migratie en cultuur
• Je begrijpt hoe cultuur en etniciteit zich tot elkaar verhouden.
“Cultuur is het geheel van gevoelens, houdingen, ideeën en veronderstellingen,
oordelen, tradities en rituelen die leden van een bepaalde cultuur gemeen
hebben en met elkaar creëren”
“Etniciteit verwijst meer naar een saamhorigheidsgevoel en naar een identiteit
die een groep met gezamenlijke kenmerken verbindt”
• Je kent de invloed van cultuur en religie op gezinnen en jongeren.
De invloed die cultuur en religie hebben op gezinnen en op jongeren gaat als
volgt. De jongeren groeien op in een bepaalde cultuur/ religie die is bepaald door
de ouders, en deze is weer bepaald door de omgeving. Stel je ouders zijn moslim,
dan is het vaak dat de kinderen dit ook zijn. Zij nemen dit weer mee en gedragen
zich volgens deze wetten van de religie en cultuur.
• Je kent de levensovergangen die ontstaan door migratie.
Dit is een transitieproces (een proces wat stap voor stap wordt overgedragen.)
1e fase is de separatiefase (de migrant separeert, ofwel scheidt zich van zijn of
haar land dit is zowel op emotioneel als of fysiek gebied.
-afscheid nemen van familie
-gevoel van verdriet, heimwee
-onzekerheid om wat er komen gaat
2e fase is de overgangsfase (dit is de fase waarbij de migrant zich wel al los heeft
gemaakt van het land van herkomst, maar zich nog niet volledig thuis-voelt in het
land waar diegene naartoe is gegaan.)
-je zit tussen 2 culturen in
-je bent actief opzoek naar hoe je je kan aanpassen
-de nieuwe cultuur is onwennig of je krijgt stress
3e fase is de re-integratiefase (dit is de fase waarin de migrant een eigen plek
heeft gevonden in het nieuwe land. Wat belangrijk is, is dat degene niet zijn
volledige identiteit die opgemaakt is in het land van herkomst heeft verloren.)
-je begrijpt de taal
-je kent de normen en waarden
-werkt of gaat naar school
,• Je kent de beschermende en risicofactoren binnen het transitieproces
van migranten.
Beschermende factoren:
- veerkracht (goed omgaan met tegenslagen)
- netwerk (je familie vrienden etc)
- wisselwerking (interactie met de nieuwe omgeving/samenleving)
Risicofactoren:
- Trauma’s
- Stapeling problemen
- Terugval transitie
- Stagnatie transitie (blijven hangen in een fase)
- Asynchroon verloop transitie (niet gelijk lopen van de transitie)
• Je weet wat acculturatie is en wat dit vraagt van gezinnen en jongeren
met een andere culturele of religieuze achtergrond.
Acculturatie is het proces waarbij mensen zich aanpassen aan een nieuwe cultuur
nadat ze zijn gemigreerd, terwijl ze vaak ook (een deel van) hun eigen cultuur
behouden. Het gaat om veranderingen in taal, gedrag, normen en waarden. Dit
proces wordt ook wel Acculturatie genoemd.
Wat vraagt acculturatie van gezinnen en jongeren?
Van gezinnen:
Ze moeten een balans vinden tussen twee culturen (de cultuur van
herkomst en die van het nieuwe land)
Ouders moeten vaak nieuwe regels en opvoedstijlen leren kennen
Ze kunnen te maken krijgen met spanningen binnen het gezin, omdat
kinderen zich soms sneller aanpassen
Ze moeten omgaan met verlies en verandering (familie, land, gewoontes)
Van jongeren:
Ze leren vaak sneller de taal en cultuur van het nieuwe land
Ze moeten hun identiteit ontwikkelen tussen twee culturen
Ze kunnen te maken krijgen met druk (bijvoorbeeld thuis andere
verwachtingen dan op school)
Ze moeten een manier vinden om erbij te horen, zonder zichzelf te
verliezen
Kort samengevat
,Acculturatie vraagt van gezinnen en jongeren dat ze leren omgaan met twee
culturen, zich aanpassen aan een nieuwe samenleving en tegelijkertijd hun eigen
achtergrond een plek geven.
Thema 2: Gezin en multicultureel opvoeden
Je hebt zicht op het begrip gezin anno nu.
“Een gezin is een leefverband als er volwassenen in een huis samenwonen met
(volwassen)kinderen met wie ze een ouder-kindrelatie hebben en allen
gezamenlijk als gezin staan ingeschreven bij de gemeente”
“Ieder leefverband waarin een of meer volwassenen verantwoordelijk zijn voor
het verzorgen en opvoeden van een of meer jeugdigen’’
Je hebt kennis van de levensfase-
multicontextmodel.
Het levensfase-multicontextmodel laat zien dat
ontwikkeling:
- gebeurt in verschillende fasen
- beïnvloed wordt door meerdere omgevingen
tegelijk
- en ontstaat door wisselwerking tussen persoon en
omgeving
Je hebt zicht op de culturele verschillen binnen de opvoeding van
kinderen en jongeren.
Er zijn grote verschillen in waarden en normen tussen elk gezin, de verschillen in
beschikbaarheid van middelen (geld) en verschillen in opvoedgedrag. Deze
worden bepaald door de opvoeders. Dit is van invloed op de volgende aspecten:
1. Sensitiviteit
2. Controle en discipline
3. Ouder-kind communicatie
4. Betrokkenheid bij educatieve activiteiten
Je begrijpt hoe cultuur en opvoeden zich tot elkaar verhouden.
Cultuur geeft richting aan het opvoeden doormiddel van de normen, waardes en
overtuigingen binnen het gezin en de opvoeding houdt de cultuur tot stand. Dat
wil zeggen dat de opgevoede deze cultuur zullen overnemen en overdragen aan
de volgende generatie.
Je weet de verschillende factoren binnen de interculturele
opvoeding te benoemen die van invloed zijn op de socialisatie.
- Waarden en normen uit meerdere culturen
- Opvoedstijl van de ouders
- Taal en communicatie
- Identiteitsontwikkeling
- Sociale omgeving
- Media en rolmodellen
, - Religie en tradities
- Sociaal-economische positie
- Mate van integratie of acculturatie
Je weet wat cultuursensitief werken is en hoe je dit kunt
toepassen als pedagoog.
Cultuursensitief werken houdt in dat je als pedagoog bewust rekening houdt met
de culturele achtergrond, waarden en leefwereld van kinderen en hun opvoeders.
Zonder hier meteen een oordeel over te geven.
- Hierin herken je dat de normen en opvoedideeën cultureel bepaald zijn
- Je probeert gedrag te begrijpen vanuit de context van het gezin
- Je vermijdt stereotypering
- Je bent je bewust van je eigen waarden en mogelijke vooroordelen
Hoe pas je dit toe als pedagoog?
- Zelfreflectie
- Interesse tonen
- Samen werken met opvoeders
- Communicatie aanpassen als dat nodig is
- Flexibele aanpak
- Herkenning van spanningen tussen culturen