Inhoud:
-Lymfestammen
-Lymfeknopen
-Waterscheidingen
-Aantekeningen
-Belangrijk voor toets
,Lymfestammen
Truncus lumbalis: Lymfe uit de benen, uit de huidgordel onder de navel en uit de bekken
stroomt samen in de rechter- en linker truncus lumbalis.
Truncus intestinalis: Darmlymfe wordt hier verzameld
Cisterna Chyli: Verwijding van ductus thoracicus (bevindt zich vlak boven verbindingspunt
van de hierboven genoemde stammen). Dit is een bufferruimte voor extra
aanvoer van lipoproteïnen uit de dunne darm.
Ductus thoracicus: De hoofdlymfestam uit ons lichaam. Hier vloeien de bovengenoemde
(links) stammen in samen.
De ductus thoracicus brengt de lymfe in de linker vena subclavica ter plaatse van de angulus venosus
(sinisterzijde). In de angulus venosus (sinisterzijde) bevinden zich ook inmondingen van de truncus
subclavicus sinister en de truncus jugularis sinister. Deze twee laatst genoemde kunnen ieder apart
rechtstreeks in de vena subclavica uitmonden of zich samenvoegen met de ductus thoracicus (staan
ook met elkaar in verbinding!).
Truncus subclavicus: Verzamelt de lymfe uit de arm, de schouder en de huid van de bijbehorende
(links) borst- en rughelft boven de navel.
Truncus jugularis: Verzamelt de lymfe uit de bijbehorende helft van hoofd en hals.
(links)
Angulus venosus: Hier bevinden zich 3 lymfestammen: ductus jugularis dexter, ductus
(rechts) subclavius dexter en truncus bronchomediastinalis. (De linker truncus
bronchomediastinalis is meestal niet ontwikkeld; de lymfe stort zich daar
meestal al ter plaatse in de ductus thoracicus). De 3 rechterstammen kunnen
voor de inmonding in de vena subclavia nog de truncus lymphaticus dexter
vormen, of individueel uitmonden in de vena subclavica.
Truncus lymfaticus dexter: Hoofdstam aan rechterzijde.
Truncus bronchomediastinalis: Ontvangt lymfe uit de rechter borsthelft (niet de huid), uit
(rechts) een deel van het hart en ook uit de onderkwab van de
linkerlong.
Truncus subclavicus: Verzamelt de lymfe uit de arm, de schouder en de huid van de bijbehorende
(rechts) borst- en rughelft boven de navel.
Truncus jugularis: Verzamelt de lymfe uit de bijbehorende helft van hoofd en hals.
(rechts)
, Lymfknopen
Lymfeknopen zijn ongelijk verdeeld in het lichaam.
Oksels en liezen
Bevinden zich veel lymfeknopen.
Thorxholte, het abdomen, het mesenterium:
Bevinden zich veel lymfeknopen langs de grote bloedvaten.
Elleboogplooien en knieholte
Bevinden zich enkele kleine lymfeknopen.
Lymfeknopen vormen het eindstation voor de collectorenbundels, bij de toegang naar de
romp.
De lymfeknopen in het mesenterium ontvangen de lymfe uit de darmwand; deze lymfe
verzamelt zich uiteindelijk in de truncus intestinalis.
Richting lymfevaten
Zie boek Verdonk blz. 16-18.
Waterscheidingen
Een waterscheiding is de grens tussen terretoria.
Weinig anastomosen, weinig uitwisseling.
Waterscheidingen zijn belangrijk om te weten omdat je moet weten waar je de lymfe naartoe moet
afvoeren. Ook is het belangrijk om de waterscheidingen te weten zodat je weet als een lymfe niet
functioneert waar je dan naartoe moet afvoeren (over waterscheiding heen naar andere kant).
Aantekeningen
Met MLD zet je het oppervlakkige systeem aan.
Fysiologische flessenhals: ligt gelegen mediaal/ventraal bij poplitea en heeft niet echt een functie,
maar het is een punt waar alles bij elkaar komt. Dit kan een obstructie geven (denk aan een druk
kruispunt).
Verschil tussen Inn. Inguinales superficialis superior/inferior en profundus?
Inn. Inguinalis ligt oppervlakkig en profundus (=diep) ligt dieper (diep gelegen buigspier).
Parasternaal = naast het sternum.
De borst voert een paar gedeelten af op parasternaal .