LES1
Cursus, Sociologie een inleiding 3e editie ( Pearson Education)
Leerstof= hoofdtekst van Handboek
Wat is Sociologie?
- Geen specifieke definitie ( helpen niet om te begrijpen)
Nadruk ligt op begrijpen ( diep verdeelde wetenschap)
Belangrijkste soc. Les : “ alles is contingent maar daarom niet arbitrair/toevallig “
-> Alles wat we in de samenleving aantreffen hadden anders kunnen zijn, maar
er zijn wss goede redenen waarom we dingen doen zoals we het nu doen
( patronen komen voor bij iedereen/ elke samenleving)
- als je kenmerk x hebt is de kans groot dat je kenmerk y ook hebt (kans is wel
0>1)
Vb. “Murdock-Files ( antropoloog die kenmerken van culturen bestudeerde)
Huwelijk is contingent ( ziet er altijd anders uit), vaak patronen ( economisch
ontwikkeling beter= meer monogame huwelijken, terwijl in kansarme landen
mensen polygaam zijn voor een betere financiële situatie)
Contingent
Wetten opgelegd door god/natuur -> wetten gemaakt door mensen
Alles kan herleid worden tot een as ( veel gelijke kenmerken ) <-> niet alle
samenlevingen hetzelfde= tegenstelling
Rousseau ( 18e eeuw): in samenleving zijn er regels nodig om chaos te
vermijden
- Door op brute wijze voor te leggen, worden deze niet gerespecteerd
Religie heeft mensen altijd aangezet tot bepaalde goede gedragingen van
mensen ->
Er moet een “burgerlijke religie” komen voor sociale regels samenleving
-Scholen worden opgericht om mensen op te voeden tot ‘perfecte’ burgers
( soort v kerk)
Waarom is het contingente niet arbitriair ?
Rode draad door sociologie, maar geen pasklaar antwoord ( mensen volgen
opgelegde wetten , maar waarom?)
Vroege Sociologie is poging om
,Verlichting (vooral verwerpen van religie en tradities als ordehaver, mens moet
zelf kunnen beslissen/positief zelfbeeld via kennis van natuur via wetensch.) +
tegen-verlichting “ hedendaags vb. De Wever”(geen positief beeld menselijke
natuur vb egoïsme , religies en tradities beschermen de mens )
te overstijgen
Sociologie is gebaseerd op fundamenteel geloof opbouw vd samenleving door de
mens ( verlichting), maar er zijn een aantal regels nodig ( zonder brute kracht)
om chaos te vermijden ( tegen-verlichting)
Dictatuur, Dictator beeld zich af als een soort v religieus persoon ( mensen niet
met brute kracht regels opleggen)
Auguste Comte
Hoe leven met Contingente?
Habermas, juicht wetenschap toe maar is te ‘beperkt’
Mensen moesten kunnen discussiëren over wat hun doelen waren en over de
samenleving , wel enkel argumenten gebruiken die empirisch zijn en mensen
zullen het eens worden met elkaar ( het arbitraire verdwijnt)
<-> Luhmann, tegen Habermas zijn methode
Mensen zullen het nooit eens geraken ( mensen moeten met het arbitraire leren
leven)
Aanvaard het contingente/ meerderheidsregels ( wat de rest heeft beslist, vb.
Wet die gestemd is in parlement of verkiezingsuitslag)
Bedacht term ‘sociologie’
Voorstander vd verlichting
Sociologen moeten zich niet bezighouden met filosofische vragen (vb. Wat is het
ultieme doel vd mens? )
3 Stadia ontwikkeling samenleving ( door posivistische rede)
het theologische stadium (verklaringen door bovennatuurlijke krachten), het
metafysische stadium (verklaringen door abstracte begrippen) en het positieve
stadium (verklaringen gebaseerd op wetenschappelijke observatie en
wetmatigheden)
2 krachten in menselijk handelen en geschiedenis; rede (wetenschap) en
emoties/passies ( religie)
Vb. Hobby's bij kinderen ( keuze omwille v geld of goed moment= rede, keuze
door het leuk vinden v iets= emoties) -> passies haalt altijd van de rede
“L’Amour pour principe et l’ordre pour base, le progrés pour but “
Er is vraag naar sociale orde
,Niet ;Behoud de bestaande machtsverhoudingen
Wel ; de mogelijkheid om tot nageleefde regels te komen ( aanvaarden
beperkingen bied nieuwe mogelijkheden)
Vb. Verkeersregels ( maakt niet uit welke kant we rijden, belangrijk dat we dit
naleven)
2 elementen; voorspelbaarheid (vb. Trein zal op bepaald perron en locatie
aankomen) en berekenbaarheid ( vb. Je weet dat ervoor jou gezorgd word in een
ziekenhuis )
Bronnen van niet-contingentie ( in sterk geseculariseerde wereld):
-natuur ( biologische eigenschappen mens, vb verschil verwachte leeftijd)
“ het is natuurlijk zo” -> discussie stoppen ( word niet meer aanvaard door
hedendaagse sociologen)
-Geschiedenis ( dwingende volgorde vd geschiedenis)
Teruggrijpen naar Geschiedenis (vaak in Westerse landen)= teruggrijpen naar
natuur
-Samenhang ( constant in verandering -> einde traditionele rolverdeling )
“ natuurlijke keuzes door vb economie “
=Legitimerende derde (een derde partij/autoriteit die de bestaande sociale orde,
machtsstructuren en belangen legitimiteit verleent, waardoor deze als rechtvaardig en
acceptabel wordt beschouwd)
H2
Taak vd socioloog
1. Empirisch-analytische opdracht (François Jean de Beauvoir)
Zocht → empirisch bewijs i.p.v. dogma’s/ leerstelling uit religie(zoals utilitaristen)
Doel → sociale werkelijkheid zichtbaar maken
Moeilijk → verschijnselen veranderen in de tijd
Onderzoekscyclus → theorie → hypothese → observatie → aanpassing theorie
Belangrijk:
o leren observeren en registreren
o analyseren en conclusies trekken
o moeilijkste fase = analyse (zoeken naar samenhang)
Theorie → algemene uitspraken over gedrag
Hypothese → toetsbare stelling afgeleid uit theorie
, 2. Kritische taak – “Mythejager”
Doel: heersende ideeën in vraag stellen
Tegen “cijferaars” → tonen wat men niet wil zien
Marx:
o economische theorieën = belangen van dominante klasse
Freud:
o menselijk gedrag ook bepaald door onderbewuste
Kritische sociologie → nuchtere blik op werkelijkheid → meer welvaart, welzijn,
vrijheid
3. Praktische taak – “Levenskunstenaar” (Nietzsche en anderen)
Nietzsche:
o Waarheid minder belangrijk dan levenswaarde
o Tegen overdreven rationalisme (tegen-verlichting)
o Contingentie (toevalligheid) erkennen
Alexander: mythes → geven zin en samenhang aan cultuur
Javeau: sociologie van het dagelijkse leven, gewone taal
Maffesoli: minder rede, meer empathie en aanvoelen
Doel: begrip en waardering voor samenleven vergroten
4. Belang van samenhang – Mauss
Grondlegger moderne etnologie
Sociale verschijnselen → als totaal bestuderen
Gifteconomie:
o Verplichting te geven
o Verplichting te ontvangen
o Verplichting te teruggeven
→ sociaal bindend, schept hiërarchie (schuldenaar ↔ schuldeiser)
Socioloog zoekt → diepere samenhang en logica tussen instellingen
Houding vd socioloog
5. Afstandelijke betrokkenheid – Weber
Afstand nodig → vanzelfsprekendheden doorbreken
Betrokkenheid nodig → groepen kunnen begrijpen
Max Weber:
o socioloog = specialist in publiek debat
o gebaseerd op feiten en onderzoek, niet meningen