Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Socialezekerheidsrecht | HBO Rechten | Hanzehogeschool | 2025/26

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
18
Geüpload op
14-06-2026
Geschreven in
2025/2026

Studiemateriaal voor het vak Sociaal recht: Socialezekerheidsrecht aan Hanzehogeschool Groningen. Het document behandelt de fundamenten van sociale zekerheid in Nederland (Armenwet 1853), de tweeledige functie (waarborging en activering), en de indeling in sociale verzekeringen en voorzieningen. Specifieke hoofdstukken dekken de kring van verzekerden voor kinderbijslag (AWK), ouderdomspensioen (AOW), en regelingen als de Wet arbeid en zorg (WAZO). Ideaal voor examenvoorbereiding en het beter begrijpen van bestuursrechtelijke principes in het socialezekerheidsstelsel.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1

In Nederland is de publieke sociale zekerheid gestart met de Armenwet uit 1853. Sociale zekerheid
biedt door de overheid inkomenszekerheid als mensen niet meer kunnen werken. Deze
bestaanszekerheid wordt de waarborgfunctie genoemd. De andere kant is de activeringsfunctie.
Verwacht wordt dat eenieder meedoet binnen de sociale zekerheid. Sociale zekerheid is het publieke
stelsel dat het geheel van voorzieningen omvat die tot doel hebben het waarborgen van de financiële
zekerheid van burgers en hen te activeren.

Om structuur te brengen aan dit stelsel wordt meestal het volgende onderscheid gemaakt: sociale
verzekeringen en sociale voorzieningen. De hoogte van de premies wordt jaarlijks vastgesteld en is
afhankelijk van het inkomen en de leeftijd. Binnen de sociale verzekeringen vallen de
werknemersverzekeringen en de volksverzekeringen. Bij de werknemersverzekeringen is de
verzekerde een werknemer of daarmee gelijkgesteld. Bij de volksverzekeringen gaat het meestal om
de ingezetene, iemand die in Nederland woont. De werknemersverzekeringen worden uitgevoerd
door het UWV en de meeste volksverzekeringen door de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Wanneer een aanvraag voor bijvoorbeeld kinderbijslag wordt afgewezen staan betrokkene vaak
rechtsmiddelen ter beschikking. Zvw-geschillen worden door de burgerlijke rechter afgedaan in
verband met de privaatrechtelijke structuur van de Zvw (zorgverzekeringswet). Voor het sociale
zekerheidsrecht is binnen het bestuursrecht een aantal elementen van belang:

1. Geen verplichte procesvertegenwoordiging: aanvrager kan zelf naar de bestuursrechter
stappen ipv dmv een advocaat. De wetgever probeert op deze wijze de rechtsbescherming
laagdrempelig te houden.
2. Besluit, bestuursorgaan en belanghebbende: besluiten moeten rechtsgevolgen in het leven
roepen en worden door een bestuursorgaan met openbaar gezag genomen. Er is sprake van
openbaar gezag als het bestuursorgaan eenzijdig de rechten/plichten van burgers kan
wijzigen en deze bevoegdheid ontleend is aan de wet.
3. Bezwaar en bestuursrechter: met een voor iemand negatief besluit kan in beginsel niet direct
naar de bestuursrechter worden gestapt. Er moet eerst bezwaar gemaakt worden (art. 6:7
Awb). Een bezwaarschriftprocedure heeft een heroverwegingsfunctie, wat inhoudt dat de
toetsing van het besluit een beoordeling van de rechtmatigheid en de doelmatigheid is.

Hoofdstuk 2 Kinderen alleen: ‘Voorwaarde 1: kring van verzekerden’, blz. 34-35.

De grootste groep van verzorgers en kinderen die tot de kring van verzekerden behoort, wordt
gevormd door de ingezetenen (art. 6 lid 1 sub a AKW). Waar iemand woont, wordt naar de
omstandigheden beoordeeld (art. 3 lid 1 AWK). Alle in aanmerking komende feiten en
omstandigheden worden afgewogen. Als iemand naar het buitenland vertrekt betekent dat niet dat
de persoon direct zijn ingezetenschap heeft verloren.

Een kleinere groep vormt degene die geen ingezetene is, maar in Nederland of op het continentaal
plat in dienstbetrekking werk verricht en loonbelasting moet betalen (art. 6 lid 1 sub b AWK). Het
continentaal plat is de exclusieve economische zone voor zover deze grenst aan de territoriale zee
van Nederland (art. 1 onder d AWK).

Ook vreemdelingen die rechtmatig in Nederland verblijven zijn verzekerd voor de AWK (art. 6 lid 2-4
AKW).




1

,Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft in het Chavez-Vilchec arrest bepaald dat een
onderdaan van een derde land die daadwerkelijk de dagelijkse zorg heeft voor mijn minderjarig kind
dat onderdaan is van een lidstaat van de Europese Unie en aan kan tonen dat de andere ouder, die
wel onderdaan is van de EU, niet voor het kind kan zorgen, recht heeft op bijvoorbeeld kinderbijslag
of bijstand

Hoofdstuk 3 Ouderdom alleen: ‘Voorwaarde 1: kring van verzekerden’, blz. 59-60.

De grootste groep pensioengerechtigden die tot de kring van verzekerden behoort zijn de
ingezetenen (art. 6 lid 1 sub a AOW). Alle in aanmerking komende feiten en omstandigheden worden
afgewogen in het bevolkingsregister.

Een kleinere groep vormt degene die geen ingezetene is, maar in Nederland of op het continentaal
plat (art. 1 lid sub g AOW). In dienstbetrekking werk verricht en loonbelasting moet betalen (art. 6 lid
1 sub b AOW). Een grensarbeider is diegene die in een EU-lidstaat woont en in een andere EU-
lidstaat werkt en minstens eenmaal per week naar huis keert.

H5.6

Er is een speciale wet voor werknemers die bijvoorbeeld zorg geven aan een naaste of met verlof
gaan ivm zwangerschap. Dit is de Wet arbeid en zorg (WAZO). De wet is bedoeld voor werknemers
die een werkgever hebben om zo werk en zorg te kunnen combineren. Vrouwelijke zelfstandigen
kunnen beroep doen op een uitkering op grond van de Regeling Zelfstandige en Zwanger (ZEZ-
regeling) (art. 3:17-3:30 WAZO).

De redenen voor verlof kunnen verschillend zijn maar om onder de WAZO te vallen moet het gaan
om:

 zwangerschap, bevalling, adoptie of pleegzorg (art. 3:1-3:30 WAZO) Tijdens het
zwangerschaps- en bevallingsverlof wordt een uitkering van ten minste zestien weken
toegekend (art. 3:7-3:8 WAZO). Het zwangerschapsverlof start vanaf zes of vier weken voor
de uitgerekende datum en loopt tot en met de dag van de bevalling (art. 3:1 lid 2 WAZO). De
uitkering wordt bij het UWV aangevraagd (art. 3:11-3:12 WAZO) en bedraagt voor een
vrouwelijke werknemer haar dagloon, tenzij deze boven het gemaximeerde dagloon uitkomt
(art. 3:13 WAZO). Het loon wordt dan niet doorbetaald (art. 7:629 lid 4 BW).

Het kraamverlof voor partners is eenmaal het aantal werkuren per week. Op basis van een
voltijdbaan krijgt de partner vijf dagen verlof (art. 4:2 WAZO). Het verlof moet binnen zes maanden
na de geboorte van het kind worden opgenomen (art. 4:2a-4:2c WAZO).

Ouderschapsverlof kan gedeeltelijk betaald worden tegen 70% van het dagloon voor maximaal negen
werken.

 calamiteiten of ander kort verzuim zoals bevalling van de echtgenote of een overlijden (art.
4:1-4:7 WAZO)
 kort- of langdurende zorg (art. 5:1-5:16 WAZO) Het is ook mogelijk een langdurend verlof
voor anderen dan de echtgenoot, het (pleeg)kind of een bloedverwant in de eerste graad aan
te vragen (art. 5:9 WAZO).
 ouderschapsverlof (art. 6:1-6:9 WAZO)




2

, H6.1

Ziekte en arbeidsongeschiktheid zijn twee begrippen die nauw met elkaar samenhangen. Door ziekte
kan het werk niet worden verricht en is degene die ziek is ongeschikt tot het verrichten van arbeid.
Het arbeidsrecht heeft bij ziekte ene primaire rol. Als de zieke een werkgever heeft, moet de
werkgever als hoofdregel het loon aan de zieke werknemer doorbetalen (art. 7:629 lid 1 BW jo. art.
29 lid 1 ZW). Als er geen werkgever is, komt als hoofdregel de ZW in beeld.

Als wordt gesproken over ziekte in de zin van het BW en de ZW gaat het als hoofdregel over de
eerste twee jaar van ongeschiktheid tot werken.

6.2

De ZW is een werknemersverzekering die onder de sociale verzekeringen valt en wordt uitgevoerd
door het UWV (art. 30 lid 1 Wet SUWI jo. art 53 ZW). Of er recht bestaat op ziekengeld op grond van
de ZW is afhankelijk of de zieke:

1. geen werkgever heeft Als de zieke geen werkgever heeft moet hij zelf uiterlijk op de tweede
ziektedag bij het UWV melden dat hij ziek is (art. 38ab lid 1 ZW).
2. wel een werkgever heeft Als iemand een tijdelijk contract bij een werkgever heeft, ziek wordt
en vervolgens ziek uit dienst gaat, dan vraagt de werkgever bij het UWV het ziekengeld aan.

Onafhankelijk of er wel of geen werkgever is, neemt het UWV ten aanzien van het al dan niet
(voort)bestaan van ongeschiktheid tot werken binnen vier weken een beslissing of er recht op
ziekengeld op grond van de ZW bestaat (art. 72c lid 2 ZW). Deze korte termijn geldt niet voor de
eerstejaars Ziektewetbeoordeling (art. 19ab lid 1 jo. art. 72 c lid 2 ZW). Voor overige beschikkingen
geldt een termijn van acht weken.

6.3

Voorwaarde 1: verzekerde
De kring van verzekerden is binnen de Ziektewet divers. Ten eerste is verzekerd de werknemer (art. 3
jo. art 20 ZW). De werknemersverzekeringen kennen nagenoeg een uniform werknemersbegrip.
Door de inwerkingtreding van de ‘Wet werken na de AOW-gerechtigde leeftijd’ bestaat er wel een
belangrijk verschil in het werknemersbegrip tussen de ZW en de overige bovengenoemde wetten
(WAO, Wet WIA en WW). Voor de ZW is het niet meer vereist dat de werknemer niet ouder is dan de
pensioengerechtigde leeftijd. De nieuwe wet biedt de mogelijkheid dat ouderen kunnen blijven
doorwerken en een beroep kunnen doen op de ZW als ze ziek worden.

De meeste verzekerden zijn natuurlijke personen die op basis van een arbeidsovereenkomst
(privaatrechtelijk, art. 7:610 BW, of publiekrechtelijk) werkzaam zijn (art. 3 lid 1 ZW). De hoofdregel
voor premies van werknemersverzekeringen is dat de werknemer in Nederland werkt (art. 3 lid 2
ZW). Dit is het territorialiteitsbeginsel binnen de werknemersverzekeringen. Ook verzekerd is de
werknemer die niet in Nederland werkt, maar hier wel woont. Een bijkomende voorwaarde is dat zijn
werkgever in Nederland woont of gevestigd is (art. 3 lid 2 ZW). Als het om grensarbeiders gaat
bepaalt het internationale socialezekerheidsrecht onder welk nationaal rechtsstelsel de werknemer
valt.

Ten tweede is voor sommige groepen die niet in loondienst zijn de ZW toch van toepassing. Dit zijn
mensen met een fictieve dienstbetrekking zoals aannemers van werk (art. 4 ZW) of een profspeler in

3

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
14 juni 2026
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€7,66
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lotteklein

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Arbeidsrecht & sociale zekerheidsrecht
-
2 2026
€ 9,99 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lotteklein Hanzehogeschool Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
2 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
4
Laatst verkocht
2 maanden geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen