, 1.Onderzoeksproblemen en –vragen
Wetenschappelijk onderzoek
Wetenschappelijk onderzoek in de media
John Oliver laat zien hoe onderzoek in de media vaak wordt versimpeld. Voorbeelden:
● “Pizza is het meest verslavende fastfood dat er is.”
● “Suiker versnelt de verspreiding van kankercellen.”
● “Knuffelen met huisdieren is slecht voor je huisdier.”
● “Eén glas wijn per dag is net zo goed als één uur fitness.”
Deze uitspraken trekken aandacht, maar missen nuance. Belangrijk inzicht: media
vereenvoudigen, waardoor misinterpretaties ontstaan. Dit roept de vraag op: Is alle
wetenschappelijk onderzoek dan onzin? Nee!. Wetenschappelijk onderzoek wordt vaak
vereenvoudigd in de media om de aandacht te trekken, waardoor belangrijke details verloren
gaan en dit kan leiden tot misinterpretaties van de wetenschappelijke bevindingen.
Wat onderscheidt goed wetenschappelijk onderzoek?
Kenmerken
● Systematische dataverzameling en analyse
● Gebruikte methodologie en nauwkeurigheid van dataverzameling.
● Verschillen in kwaliteit kunnen voortkomen uit de omvang van de steekproef,
controle over variabelen en validiteit van de metingen.
● Kwaliteitsverschillen ontstaan bijvoorbeeld door verschillen in beschikbare middelen
of onderzoeksethiek (bijv. eerlijkheid, transparantie).
Voorbeelden:
1. Groot vs. klein steekproefonderzoek
● 1000 deelnemers → hogere betrouwbaarheid
● 20 deelnemers → lage generaliseerbaarheid
2. Controle over variabelen
Bij onderzoek naar slaaptekort moet je ook werkomgeving en mentale gezondheid
meenemen. Zonder deze controle kunnen de uitkomsten niet betrouwbaar of juist voor de
hele groep zijn.
Wetenschappelijk onderzoek is volgens Saunders et al. (2019): Een proces met als doel
nieuwe kennis te verkrijgen door data systematisch te verzamelen en te analyseren.
‘Systematiek’ (volgens een vaste, controleerbare aanpak) onderscheidt wetenschappelijk
onderzoek van niet-wetenschappelijk onderzoek. Het zorgt voor betrouwbaarheid van de
conclusies. Systematiek maakt de resultaten betrouwbaar en toepasbaar!
De rol van onderzoeksmethodologie in wetenschappelijk onderzoek
,Methodologie bepaalt de systematiek van een onderzoek:
● Onderzoeksmethoden = strategie
● Onderzoekstechnieken = concrete uitvoering
Uitdagingen zijn dat onbekende factoren, die niet volledig begrepen of gecontroleerd kunnen
worden, resultaten kunnen beïnvloeden en daarnaast kunnen verschillende
methodologische keuzes tot andere uitkomsten leiden.
Voorbeeld 1: In een onderzoek naar de effecten van fysieke activiteit op mentale
gezondheid werd geen rekening gehouden met mentale aandoeningen. Dit kan
invloed hebben op de waargenomen effecten van fysieke activiteit. Oplossing:
Identificeer en controleer zoveel mogelijk onbekende factoren die van invloed kunnen
zijn op de uitkomsten van het onderzoek.
Kwaliteit van onderzoek
Om inzicht te krijgen in de kwaliteit van onderzoek, wat belangrijk is voor wetenschappelijk
onderzoek, kijken we naar validiteit en betrouwbaarheid. Dit zijn de criteria waarmee we het
vertrouwen in wetenschappelijk onderzoek kunnen beoordelen.
double blind peer review:
Double blind -> Auteurs weten niet wie de beoordelaar is en ook andersom
Peer review -> Beoordeling door collega`s in het vakgebied
FFP: Fabrication, falsification en plagiarism.
- Fabrication Zelf gegevens verzinnen
- Falsification Vervalsen van gegevens
- Plagiarism Letterlijk overnemen van teksten zonder bronvermelding
of parafraseren zonder bronvermelding
VALIDITEIT
Validiteit: is de mate waarin procedures nauwkeurig meten wat ze beogen te meten, en de
onderzoeksresultaten overeenkomen met wat ze beweren te meten.
, ● Voorbeeld: Een onderzoek naar klanttevredenheid moet vragen stellen over
de ervaring met een product, niet over algemene levenskwaliteit.
Validiteit wordt in 4 criteria beschreven volgens Yin (2009):
- Constructvaliditeit/ Begrip validiteit
- Interne validiteit
- Externe validiteit
- Betrouwbaarheid
- (meet validiteit: Zijn ze geschikt voor het beoogde doel?)
Constructvaliditeit - meten wat men beoogt te meten
- gaat om de vraag of we met de waarnemingen in het onderzoek wel op een goede
manier de begrippen en variabelen afdekken. Bijvoorbeeld de vergelijking tussen
werksfeer en taakinhoud voor arbeidssatisfactie.
Zorg altijd voor een duidelijke link met de theorie door middel van operationalisatie.
Door te operationaliseren geef je aan welke metingen gebruikt worden om je
variabelen te meten. Er moet een logische verbinding zijn tussen de theorie en de
metingen. Maak daarbij ook gebruik van gevalideerde schalen. Door gebruik te
maken van gevalideerde schalen uit eerder gepubliceerd wetenschappelijk
onderzoek, weet je dat de schalen moeten meten wat je wil meten. Op basis van
eerder onderzoek kan je dus al een goede constructvaliditeit verwachten. Maar
check daarnaast ook de mate van constructvaliditeit in je eigen data. Je kan hiervoor
de factoranalyse hiervoor gebruiken. Er wordt dan gekeken naar de convergente en
discriminante validiteit. Convergente validiteit is dat de vragen die eenzelfde
construct zouden moeten meten ook overlap vertonen. Discriminante validiteit
betekent dat de vragen die juist niet hetzelfde construct zouden moeten meten, ook
geen overlap hebben.
Interne validiteit - causale relaties tussen variabelen
- Wil weten of gevonden verklaringen correct zijn. Is er geen andere verklaring
mogelijk?
- Zijn de analyses van de resultaten en de voorgestelde verbanden accuraat?
- Is de mate waarin uw bevindingen kunnen worden toegeschreven aan de interventie
die u onderzoekt, in plaats van aan tekortkomingen in uw onderzoeksopzet.
- Bijvoorbeeld, in een experiment is interne validiteit vastgesteld wanneer
statistisch kan worden aangetoond dat een interventie tot een bepaalde
uitkomst leidt, en niet dat deze is veroorzaakt door een andere verstorende
variabele die tegelijkertijd een rol speelt.
Externe validiteit - generaliseren van resultaten
- Wat betekenen de onderzoeksresultaten: Klopt de bewering over de
generaliseerbaarheid ervan