Werkgroep 1
Casus 1
Overige informatie bij de dagvaarding:
⁃ Adres hoofdvestiging verzekeraar aannemer: Maashaven 83p,
Rotterdam
⁃ Adres statutaire vestiging onderaannemer: Paalstraat 3, Zutphen
⁃ Adres familie Pietersen: Hackvorsttraat 12, Zutphen
Welke rechter is bevoegd om van dit geschil kennis te nemen?
Absolute competentie, Art. 42 Wet RO: rechtbank is bevoegd. Geen
sprake van een partij-afspraak.
Sectorale bevoegdheid, Art. 93 e.v. Rv:
- Aardvorderingen: (Art. 93 onder c Rv: ‘telkens ongeacht
het beloop of de waarde van de vordering’, ook als de vordering meer
bedraagt als 25.000 euro!) Nee niet het geval, want geen
consumentenkoop, arbeidsovereenkomst of huurovereenkomst.
- Waardevorderingen: In de casus de vordering ter waarde
van € 25.000,- te vermeerderen met de daarover verschuldigde
wettelijke rente VANAF de dag van de dagvaarding, dus niet boven de
grens en is dus de kantonrechter bevoegd. Art. 93 Rv: “de tot aan de
dag van dagvaarding verschenen rente daarbij inbegrepen”
Relatieve bevoegdheid: art. 99 Rv = woonplaats van gedaagde:
Zutphen
Dagvaarding: OD (6:170 BW) dus art. 102 Rv: rechter bevoegd van de
plaats waar de schade van het feit zich had voorgedaan:
Casus 2
Appie heeft aan Beyza € 50.000, - uitgeleend. Appie en Beyza spreken
af dat Beyza Appie terugbetaalt in maandelijkse termijnen van €
2.000,-. De eerste drie maanden blijft betaling door Beyza echter uit.
Appie vordert in rechte de eerste drie aflossingstermijnen van in totaal
€ 6.000,-.
a. Is de kamer voor kantonzaken bevoegd of een andere kamer dan die
voor kantonzaken?
Waardevordering, want de geldelijke hoogte van de vorderingen staat
centraal. Vordering van € 6.000,-, dus onder de grens van € 25.000,-,
hierdoor is de kantonrechter bevoegd.
,Stel dat Beyza als verweer voert dat Appie het bedrag aan haar heeft
geschonken en dat zij het door hem geëiste bedrag van € 6.000,-
daarom niet hoeft te betalen.
b. Heeft het verweer van Beyza invloed op de bevoegdheid van de
rechter?
Ja, Art. 93 onder a Rv: “tenzij de rechtstitel dat bedrag te boven gaat
en die rechtstitel wordt betwist”
bijv. geen geldlening maar een schenking, dan art. 71 voor verwijzing
naar sector civiel.
Casus 3 (oude tentamenvraag)
Tanja Botermans is als monteur in dienst bij Autobedrijf Autocrew B.V.
(hierna: Autocrew). Autocrew is statutair gevestigd in De Bilt
(arrondissement Midden-Nederland) en heeft diverse vestigingen
verspreid over het land. Tanja werkt normaal gesproken op de
Autocrew-locatie in Weesp (arrondissement Amsterdam), maar in
december 2022 moet zij een week invallen voor een zieke collega op
de locatie in Alphen aan den Rijn (arrondissement Den Haag). In die
week overkomt haar een ongeval: tijdens reparatiewerkzaamheden aan
een auto schiet haar voet van de pedaal van de krik af. Zij loopt
hierdoor letsel op aan haar knie. Zij wijt het ongeval aan het feit dat
haar veiligheidsschoenen geen adequaat profiel hadden en wil daarom
op de voet van artikel 7:658 BW een procedure tegen Autocrew
beginnen met de volgende vorderingen:
I. een verklaring van recht dat Autocrew op grond van artikel 7:658 BW
aansprakelijk is jegens Tanja Botermans, en
Il. veroordeling van Autocrew tot vergoeding van de schade die Tanja
Botermans als gevolg van het arbeidsongeval heeft geleden, ter hoogte
van EUR 30.000,-, waarvan EUR 26.000 ziet op schade ten gevolge van
het knieletsel en EUR 4.000,- op immateriële schade (art. 6:106 BW).
Beantwoord de volgende twee vragen:
1. Welke rechter(s) is/zijn bevoegd om van dit geschil kennis te
nemen? Ga bij de beantwoording in op de absolute, sectorale en
relatieve bevoegdheid.
⁃ Absolute competentie, Art. 42 Wet RO: rechtbank is bevoegd.
Geen sprake van een partij-afspraak of andere uitzondering.
⁃ Sectorale bevoegdheid, Art. 93 e.v. Rv: Aardvorderingen: (Art. 93
onder c Rv: ‘telkens ongeacht het beloop of de waarde van de
, vordering’, ook als de vordering meer bedraagt als 25.000 euro!)
Kantonrechter is bevoegd, want sprake van een arbeidsongeval.
⁃ Relatieve bevoegdheid: art. 99 Rv = woonplaats van gedaagde:
Autocrew is statutair gevestigd in De Bilt (arrondissement Midden-
Nederland). Art. 100 RV: Den Haag/Ams is medebevoegde, want is de
plaats waar de arbeid gewoonlijk wordt of laatstelijk gewoonlijk werd
verricht. de werknemer de arbeid tijdelijk heeft verricht. Geen OD,
want 7:658 BW.
2. Moeten partijen zich in de procedure wel of niet laten bijstaan
door een advocaat?
Nee, want is een kantonzaak. Zaken bij de sector civiel =
Advocaatzaken, want een procespartij is in deze zaken verplicht zich te
laten bijstaan door een advocaat (art. 79 Rv).
Werkgroep 2
Deel 1: Media BV vs. Ernst
Bekijk de dagvaarding die op Canvas is geplaatst in de zaak Media BV
vs. Ernst en beantwoord de vragen op de volgende slide. Context bij de
dagvaarding: Het is december 2018. Ernst de Koning heeft een geschil
met Media BV over betaling van abonnementsgelden. Ernst had in de
tijd dat hij in het studentenhuis in de Mathenesserlaan in Rotterdam
woonde bij Media BV als huisoudste op zijn naam een abonnement voor
telecommunicatiediensten (TV en internet) afgesloten. Media BV
vordert betaling van abonnementsgelden, terwijl Ernst zegt dat hij het
abonnement heeft beëindigd en dat het tegelijkertijd is overgenomen
door zijn vriend en huisgenoot Ali Amrani, als nieuwe huisoudste. Er zijn
al een paar brieven heen en weer gestuurd tussen Ernst, zijn advocaat
en Media BV, maar nu is het toch zover gekomen dat Ernst gisteren bij
thuiskomst een gerechtelijk stuk in de brievenbus vond.
Vragen bij dagvaarding Media BV vs. Ernst
1. Waarom is deze zaak niet ingeleid met een verzoekschrift?
Kijk naar de casus op zich: In de dagvaarding staat een vordering tot
nakoming (art. 3:296 BW). Daar staat in “vordering” en dat wijst op
een dagvaardingsprocedure.