Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Volledige samenvatting Materieel Strafrecht jaar 2| EUR | 2025/26

Beoordeling
3,0
(1)
Verkocht
1
Pagina's
47
Geüpload op
22-06-2026
Geschreven in
2025/2026

Volledige samenvatting van het vak Materieel Strafrecht van de Erasmus Universiteit. Deze samenvatting is bedoeld voor studenten uit jaar 2 van de studie rechtsgeleerdheid. Deze samenvatting bespreekt de volgende onderwerpen: wederrechtelijkheid, causaliteit, opzet, schuld, rechtvaardigingsgronden, schulduitsluitingsgronden, poging, voorbereiding, vrijwillige terugtred, internationaal strafrecht, functioneel daderschap (medeplegen, medeplichtigheid, uitlokken, doen plegen), strafbaarheid rechtspersoon, feitelijk leidinggeven, immuniteit publiekrechtelijk rechtspersoon, ne bis in idem en samenloop. Ook worden er 20+ arresten besproken in deze samenvatting. Hele fijne samenvatting om mee te leren voor een (her)tentamen!

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting materieel strafrecht


Week 1 (wederrechtelijkheid, elementen en bestanddelen, causaliteit)

Wederrechtelijkheid

Voorwaarden voor een strafbaar feit:

1. Menselijke gedraging.
2. Die onder een wettelijke delictsomschrijving valt.
3. Die wederrechtelijk is.
4. Die aan schuld te wijten is (verwijtbaarheid).

Wederrechtelijkheid: wederrechtelijkheid betekent handelen in strijd met het recht.
Wederrechtelijk staat niet altijd letterlijk in de wet. Wederrechtelijkheid wordt geconcretiseerd in
de delictsomschrijving. De wet beschrijft precies welk gedrag verboden is en als jouw gedrag
binnen die beschrijving valt, is het meestal wederrechtelijk. Wederrechtelijkheid is dan een
element (net als verwijtbaarheid). Voorbeeld: mishandeling (art. 300 Sr). In het stukje ‘mis’ zit
wederrechtelijkheid ingeblikt. Andere artikelen: art. 435, 430, 245, en 131 Sr.

- Formele wederrechtelijkheid: de gedraging past binnen de wettelijke
delictsomschrijving. Voorbeeld: iemand neemt een fiets mee van een ander. Dit past
binnen diefstal dus formeel wederrechtelijk.
- Materiele wederrechtelijkheid: is de gedraging ook echt strafwaardig? Soms overtreedt
iemand de wet, maar doet hij juist iets noodzakelijks (denk aan het arrest over materiële
wederrechtelijkheid).

Wederrechtelijk zal afwezig zijn indien er sprake is van een rechtvaardigingsgrond.

Veel gedragingen kunnen worden gezien als wederrechtelijkheid, zoals liegen en onbeleefd zijn.
Maar het strafrecht is een ultimum remedium, dus alleen ‘erge’ delicten worden bestraft.
Normen krijgen fragmentarisch bescherming (niet alle onrechtmatige of immorele gedragingen
zijn strafbaar). Zo is oplichting niet strafbaar als er sprake is van een enkele leugen. Er moet
sprake zijn van samenweefsel van verdichtsels.

Wederrechtelijkheid kan ook zijn opgenomen in de wettelijke delictsomschrijving.
Wederrechtelijkheid is dan een bestanddeel. Soms is het nodig om in de delictsomschrijving
een term te gebruiken die bepaalde gevallen uitzondert. Denk aan vernieling (art. 350 Sr). Als
wederrechtelijkheid niet als bestanddeel was opgenomen, zouden sloopbedrijven niet mogen
slopen want dan valt het onder strafbaarheid.

Een beroep op een rechtvaardigingsgrond zal niet meer gezien worden als een exceptief verweer,
maar als een bewijsverweer. Een succesvol beroep zal dan leiden tot vrijspraak en geen OVAR.

Ruim wederrechtelijkheidsbegrip (hoofdregel): in strijd met het recht, maatschappelijke normen
of wat normaal en behoorlijk gedrag is.

Eng wederrechtelijkheidsbegrip: hier kijk je specifiek naar welk recht precies geschonden wordt.
Dit kan op drie manieren: 1) zonder eigen recht: iemand doet iets terwijl hij daar zelf geen recht

,toe heeft (je neemt een fiets mee terwijl je geen eigendomsrecht hebt), 2) zonder toestemming
van de rechthebbende: de eigenaar geeft geen toestemming (je gebruikt iemands auto zonder
toestemming, ook al breng je hem terug) en 3) tegen het recht van een ander: je tast het recht
van iemand anders aan (lichamelijke integriteit, privacy).

Facetwederrechtelijkheid: houdt in dat per delictsomschrijving waarin de wederrechtelijkheid
voorkomt, onderzocht moet worden welke specifieke inhoud aan dit bestanddeel moet worden
gegeven. Volgens de Hullu schept dit verwarring en onzekerheid.

Ontbreken van Typizität: de wetstekst klopt technisch gezien, maar het “typische kwaad” van het
delict ontbreekt. Dus alle bestanddelen zijn aanwezig maar het voelt niet als het soort gedrag dat
de wet strafbaar wilde stellen. Voorbeeld: een arts die euthanasie pleegt. Ontbreken van
Typizität is vaak gekoppeld aan het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid.

Situaties die niet wederrechtelijk zijn:

- Verzetsrecht tijdens de oorlog: verzet tegen een bezetter kan formeel verboden zijn, maar
materieel gerechtvaardigd zijn.
- Ouderlijk tuchtigingsrecht: vroeger mochten ouders kinderen lichamelijk corrigeren,
maar die norm is nu veranderd. Het is belangrijk om te kijken naar proportionaliteit en
subsidiariteit.
- Medisch beroepsrecht: als een arts iemand open snijdt, zou dit normaal vallen onder
mishandeling maar hierbij is het gerechtvaardigd.
- Kunstexceptie: naaktfoto’s kunnen normaal problematisch lijken, maar kan niet
strafbaar zijn in artistieke context.
- Instemming (volenti non fit inuria): wie instemt, wordt geen onrecht aangedaan. In sport-
en spelsituaties is niet elke overtreding mishandeling. Maar ook hier zitten grenzen aan.
• HR Sliding: dit arrest gaat over een verdachte die tijdens een voetbalwedstrijd
een tegenspeler een sliding gaf. Zijn tegenspeler liep hierdoor een gebroken kuit-
en scheenbeen en een scheurtje in zijn enkelgewricht op. De gedraging is verricht
in een sport- of spelsituatie. De vraag is dan ook, gelet op de sport- of
spelsituatie, of sprake is van voorwaardelijk opzet en of het bewezenverklaarde in
dit geval kan worden gekwalificeerd als mishandeling. De omstandigheid dat een
gedraging is verricht in een sport- of spelsituatie is geen zelfstandige factor om te
beoordelen of sprake is van opzet. In dit geval heeft verdachte door zijn gedraging
bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat aan zijn tegenspeler pijn of letsel zou
toekomen. Daarbij maakt het niet uit dat het niet de bedoeling van verdachte was
om zijn tegenspeler letsel toe te brengen. Daarnaast is verdachte met zijn
handelen niet binnen de grenzen gebleven van hetgeen spelers van elkaar
hebben te verwachten. Hij heeft gevaarlijk spel gespeeld, wat een ernstige
overtreding van de spelregels opleverde. Derhalve kunnen de gedragingen
worden gekwalificeerd als mishandeling met zwaar lichamelijk letsel ten gevolge.
• HR Leestafel-zooien: leestafel-zooien is een spel binnen de Leidse
studentenvereniging Minevera. Hierbij moeten deelnemers met een leestafel de
deur rammen en zorgen dat deze buiten terecht komt. Iemand raakte gewond. De
vraag is of de aard en ernst van het letsel binnen het risico vallen dat door het
slachtoffer door deelneming aan het spel redelijkerwijs moet worden geacht te

, zijn aanvaard. Door de verdediging werd beroep gedaan op een spelsituatie
waarbij minder snel sprake is van schuld. Volgens de Hoge Raad moet allereerst
worden gesteld dat wanneer letsel veroorzakende gedragingen hebben
plaatsgevonden in een min of meer reguliere sport- of spelsituatie, van schuld
zoals bedoeld in art. 308 Sr in de regel minder snel sprake zal zijn dan wanneer
dezelfde gedragingen buiten zo’n situatie plaatsvinden. Door het hof is gesteld
dat in dit geval geen sprake was van zo’n sport- of spelsituatie die een
bewezenverklaring van schuld in de weg zou staan. Uit de bewijsmotivering volgt
dat sprake was van zeer gevaar zettend handelen en van een niet door duidelijke
spelregels afgebakend spel.

Elementen en bestanddelen

Elementen: verwijtbaarheid (schuld) en wederrechtelijkheid kunnen elementen zijn. Elementen
zie je niet in de wettekst. Het vervullen van elementen hoeft niet bewezen te worden. Het kan wel
aangetoond worden dat deze niet zijn vervuld door middel van schulduitsluitingsgronden of
rechtvaardigingsgronden.

- Als een gedraging niet voldoet aan een van de elementen van verwijtbaarheid (schuld) of
wederrechtelijkheid, leidt dit tot OVAR.

Bestanddelen: verwijtbaarheid (schuld) en wederrechtelijkheid kunnen bestanddelen zijn.
Bestanddelen staan in de wettekst. Bijvoorbeeld: ‘met het oogmerk om het zich wederrechtelijk
toe te eigenen’. Wederrechtelijkheid en verwijtbaarheid zijn allebei bestanddelen bij culpoze
delicten.

- Als een gedraging niet voldoet aan een van de bestanddelen, leidt dit tot vrijspraak.

Een voorstel van Vrij is om aan de elementen (wederrechtelijkheid en verwijtbaarheid) de
subsocialiteit toe te voegen. Dat houdt in dat men ook moet kijken of de daad een impact heeft
gehad op de samenleving. Een verdachte zou alleen kunnen worden veroordeeld als zijn
handeling ook daadwerkelijk iets heeft bewerkstelligd en een deuk heeft veroorzaakt in de
maatschappij. Volgens de Hullu is dat echter niet nodig omdat de subsocialiteit eigenlijk al
verwerkt is in andere leerstukken, zoals het opportuniteitsbeginsel (het OM gaat pas over tot
vervolging indien hij dat noodzakelijk acht).

Causaal verband

Causaliteit gaat over de relatie tussen een gedraging van de verdachte en het intreden van het
gevolg.

Delictsomschrijvingen die tot causaliteitskwesties aanleiding kunnen geven:

- Formeel omschreven delicten: hierbij staat de gedraging centraal, los van een bepaald
gevolg. Bijvoorbeeld diefstal. Of het goed wordt teruggevonden of niet, is niet meer van
belang voor de strafbaarheid (de daad zelf is genoeg).
• Bij formeel omschreven delicten speelt causaliteit een minder grote rol want de
gedragingen worden strafbaar gesteld en bij causaliteit wordt er juist gekeken
naar de gevolgen.

, - Materieel omschreven delicten: hierbij staat het gevolg centraal en moet er een causaal
verband zijn tussen de gedraging en dat gevolg. Bijvoorbeeld doodslag. Het gevolg
(doodslag) is noodzakelijk voor het delict.
- Commissiedelicten: dit zijn delicten die ontstaan door actief handelen. Bijvoorbeeld:
iemand steekt bewust een gebouw in brand of slaat iemand.
- Omissiedelicten: hierbij gaat het om nalaten waar handelen verplicht is. Bijvoorbeeld:
een ouder die zijn kind laat verhongeren.
• Eigenlijke omissiedelicten: het delict is expliciet gebaseerd op nalaten, wat in de
wet staat. Bijvoorbeeld: art. 450 Sr het niet verlenen van hulp bij een ongeval.
• Oneigenlijke omissiedelicten: het delict vereist een gevolg (zoals dood of letsel)
maar dat wordt bereikt door een nalaten. Hierbij staat in de wet het ‘normale’
gevolgdelict, dus doodslag. Maar dit is ontstaan door nalaten. Er is geen
expliciete wet.

De vier eerdere klassieke causaliteitscriteria:

1. Csqn-verband: het gedrag moet een onmisbare, noodzakelijke voorwaarde zijn geweest
voor het gevolg. Elk van deze factoren moet reeds op zichzelf als oordeel worden
beschouwd. Er is geen causaliteit wanneer aannemelijk zou zijn dat het gevolg ook
zonder het gedrag van de dader zou zijn ingetreden.
• Voordelen: biedt een duidelijk en objectief uitgangspunt en zorgt voor
systematiek en houvast.
• Nadelen: je kan eindeloos doorredeneren, zelf echt helemaal terug tot de
oerknal. Ook geeft dit verband een probleem bij twee oorzaken.
2. Causa proxima: de dichtstbijzijnde oorzaak op het gevolg is de relevante oorzaak.
• Voordelen: makkelijk te beredeneren en eenvoudig om toe te passen.
• Nadelen: te krap en te selectief. Je wilt niet altijd de laatste schakel als ‘de
oorzaak’ aanmerken. Het negeert eerdere soms belangrijkere oorzaken, wat kan
leiden tot onrechtvaardige uitkomsten.
3. Relevantietheorie: deze theorie selecteert binnen de onmisbare voorwaarden voor het
intreden van het gevolg de oorzaak die in de optiek van de wetgever voor het delict in
kwestie als de meest relevante geldt.
• Voordelen: sluit goed aan bij het doel en de strekking van de strafbepaling.
• Nadelen: heel breed toepassingsbereik dus het is niet altijd duidelijk wat de
wetgever wilde bereiken.
4. Adequate veroorzaking (voorzienbaarheidsleer): bij deze theorie staat de
voorzienbaarheid van de verdachte op een bepaald gevolg centraal. Kon de verdachte
weten dat een bepaald gevolg zou intreden door zijn handeling? Hierbij wordt uitgegaan
van wat een normaal mens naar algemene ervaringsregels zou kunnen hebben voorzien.
• Voordelen: maatwerk en rechtszekerheid. Als verdachte is het moeilijk om te
beredeneren dat hij niet heeft kunnen voorzien.
• Nadelen: voorzienbaarheidsbegrip is op te rekken. Wat iemand kan voorzien is
subjectief.

Maar wanneer is iets in het algemeen redelijkerwijs voorzienbaar? Er zijn theoretici die de
voorzienbaarheid sterk objectiveren, maar ook die deze in beginsel verbinden met wat de dader

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
22 juni 2026
Aantal pagina's
47
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€15,96
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
frederiekleeflang
3,0
(1)

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Volledige samenvatting Materieel Strafrecht + werkgroep uitwerkingen (jaar 2 Erasmus Universiteit)
-
2 2026
€ 20,96 Meer info

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
6 dagen geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
frederiekleeflang
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
4
Laatst verkocht
6 dagen geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen