Inhoudsopgave
HOOFDSTUK 1 BETEKENIS VAN DE ECONOMIE ............................................................................................. 2
HOOFDSTUK 2 ONDERNEMINGSVORMEN.................................................................................................... 4
EENMANSZAAK .................................................................................................................................................... 4
MAATSCHAP ......................................................................................................................................................... 4
VENOOTSCHAP ONDER FIRMA (Vof) ................................................................................................................... 5
COMMANDITAIRE VENNOOTSCHAP .................................................................................................................... 5
NAAMLOZE VENNOOTSCHAP .............................................................................................................................. 5
BESLOTEN VENNOOTSCHAP ................................................................................................................................ 6
BELASTINGEN .................................................................................................................................................. 6
VERENIGING ......................................................................................................................................................... 7
Gewone vereniging = ...................................................................................................................................... 7
Onderlinge waarborgmaatschappij ................................................................................................................ 7
Coöperatie ....................................................................................................................................................... 7
STICHTING ............................................................................................................................................................ 7
HOOFDSTUK 3 ONDERNEMINGSPLAN ......................................................................................................... 8
Marketingplan ..................................................................................................................................................... 8
Investeringsbegroting .......................................................................................................................................... 8
Personeelsplan ..................................................................................................................................................... 8
Financieringsplan ................................................................................................................................................. 8
Openingsbalans.................................................................................................................................................... 9
Liquiditeitsbegroting ............................................................................................................................................ 9
Winst en verliesrekening ...................................................................................................................................... 9
HOOFDSTUK 4 KOSTEN EN KOSTENSOORTEN............................................................................................. 11
HOOFDSTUK 9 VERMOGENSBEHOEFTE ...................................................................................................... 12
HOOFDSTUK 10 VORMEN VAN EIGEN VERMOGEN ..................................................................................... 14
HOOFDSTUK 11 VORMEN VAN VREEMD VERMOGEN ................................................................................. 15
OBLIGATIE .......................................................................................................................................................... 16
HOOFDSTUK 12 ANALYSE VAN FINANCIËLE STRUCTUUR ............................................................................ 18
1
,HOOFDSTUK 1 BETEKENIS VAN DE ECONOMIE
Economie is de wetenschap die het keuzegedrag van de mens bestudeerd
Schaarste = onvoldoende middelen om alle behoefte te voorzien
Economische principes = met bepaald doel met beschikbare middelen zoveel mogelijk
behoefte te voorzien
Bepaald doel halen door opoffering van zo min mogelijk middelen
Welvaart = de mate waarin de mens in staat is om de behoefte te voorzien met beschikbare
middelen
Vrije tijd, schoon milieu en dergelijke
Algemene economie = het bestuderen van economische handelen van de maatschappij als
gehaal
Betrekking op arbeidsverdeling inkomen, prijzen productiefactoren
Bedrijfseconomie = bestudeert het economische handelen van individuen in
bedrijfshoudingen
Betrekking op financiering, aanschaf productiemiddelen en organisatie
= onder te verdelen in 3 vakgebieden
Financial accounting
Management accounting
Financiering
Financial accounting = verstrekt financiële gegevens aan derden (externe belangstellende)
- Externe verslaggeving
- Informatieverschaffing eens per kwartaal
- Gericht op het verleden
- Wettelijke regels
- Derden moeten erop vertrouwen dat ondernemers hun financiële gegevens op orde
hebben
Management acounting = vertrekt financiële gegevens binnen de organisatie
- Om beslissingen te onderbouwen (Nieuw product op de markt brengen – kostprijs)
- Intern
- Voortdurende informatieverschaffing
- Gericht op de toekomst
- Geen wettelijke regels
- Administratie zijn basisgegevens voor management informatie
Financiering = Verkrijgen en behouden van voldoende geld
- Houdt zich bezig met verschillende vormen van eigen/vreemd vermogen en de
vergoedingen die verstrekkers eisen
2
, Bedrijfsadministratie vormt de basis van de berekeningen en analyses om beslissingen te
maken
Bedrijfsadministratie = Vastleggen en vertrekken van financiële en niet financiële gegevens
Financiële administratie = financiële gegevens
Boekhouding
Commerciële economie = handelen met consumenten
Productieorganisatie = omzetten van productiemiddelen naar een product
Goederenstroom = Stroom van productiemiddelen en producten binnen een organisatie
Primair proces = omzettingsproces
Primaire geldstroom = Geldstroom rechtsstreek uit omzetting proces
Betaling grondstoffen, uitbetalen loon, betalende belasting, subsidie
Secundaire geldstroom = Geldstroom van en naar de vermogensmarkt
Ontvangst eigen/vreemd vermogen, betaling interest, betaling
dividend, betaling van aflossing
Financieel economisch zelfstandig = Uitgaande geldstromen kan je betalen met je ingaande
geldstromen
Overheidsbedrijven – NS, Lokale bibliotheek
Particuliere sector – Bakker, makelaar
Financieel economische onzelfstandig = Lasten worden door de overheid betaald
Overheidsdienst – Politie, Brandweer, onderwijs
Particuliere sector - Rode kruis, liefdadigheidsinstellingen
Overheidsdiensten = financieel economisch onzelfstandig
Lasten worden door de overheid betaald (Politie brandweer)
Privatisering = overheidsbedrijf wordt een onderneming
Energiebedrijven, Essent Nuon
Vermogensmarkt = wordt eigen/vreemd vermogen aangeboden
Dividend = betaling (winst) aan verschaffers van eigen vermogen op aandelen
Interest = betaling (vergoeding) aan verschaffers van vreemd vermogen
Operationele doelen = behalen van bepaald marktaandeel
- verbetering van de werkomstandigheden
Marktvormen = markten indelen op basis van aantal aanbieders van product en dienst
Monoplie – 1 aanbieder van bepaald product
Oligopolie – Enkele grote bedrijven die het gedeelte van de markt in handen hebben
Sony & Phillips
Monopolistische concurrent – Vergelijkbare aanbieders met afwijkende producten, Jumbo
Volledige mededinging – Markt veel aanbieders en vraag
3
HOOFDSTUK 1 BETEKENIS VAN DE ECONOMIE ............................................................................................. 2
HOOFDSTUK 2 ONDERNEMINGSVORMEN.................................................................................................... 4
EENMANSZAAK .................................................................................................................................................... 4
MAATSCHAP ......................................................................................................................................................... 4
VENOOTSCHAP ONDER FIRMA (Vof) ................................................................................................................... 5
COMMANDITAIRE VENNOOTSCHAP .................................................................................................................... 5
NAAMLOZE VENNOOTSCHAP .............................................................................................................................. 5
BESLOTEN VENNOOTSCHAP ................................................................................................................................ 6
BELASTINGEN .................................................................................................................................................. 6
VERENIGING ......................................................................................................................................................... 7
Gewone vereniging = ...................................................................................................................................... 7
Onderlinge waarborgmaatschappij ................................................................................................................ 7
Coöperatie ....................................................................................................................................................... 7
STICHTING ............................................................................................................................................................ 7
HOOFDSTUK 3 ONDERNEMINGSPLAN ......................................................................................................... 8
Marketingplan ..................................................................................................................................................... 8
Investeringsbegroting .......................................................................................................................................... 8
Personeelsplan ..................................................................................................................................................... 8
Financieringsplan ................................................................................................................................................. 8
Openingsbalans.................................................................................................................................................... 9
Liquiditeitsbegroting ............................................................................................................................................ 9
Winst en verliesrekening ...................................................................................................................................... 9
HOOFDSTUK 4 KOSTEN EN KOSTENSOORTEN............................................................................................. 11
HOOFDSTUK 9 VERMOGENSBEHOEFTE ...................................................................................................... 12
HOOFDSTUK 10 VORMEN VAN EIGEN VERMOGEN ..................................................................................... 14
HOOFDSTUK 11 VORMEN VAN VREEMD VERMOGEN ................................................................................. 15
OBLIGATIE .......................................................................................................................................................... 16
HOOFDSTUK 12 ANALYSE VAN FINANCIËLE STRUCTUUR ............................................................................ 18
1
,HOOFDSTUK 1 BETEKENIS VAN DE ECONOMIE
Economie is de wetenschap die het keuzegedrag van de mens bestudeerd
Schaarste = onvoldoende middelen om alle behoefte te voorzien
Economische principes = met bepaald doel met beschikbare middelen zoveel mogelijk
behoefte te voorzien
Bepaald doel halen door opoffering van zo min mogelijk middelen
Welvaart = de mate waarin de mens in staat is om de behoefte te voorzien met beschikbare
middelen
Vrije tijd, schoon milieu en dergelijke
Algemene economie = het bestuderen van economische handelen van de maatschappij als
gehaal
Betrekking op arbeidsverdeling inkomen, prijzen productiefactoren
Bedrijfseconomie = bestudeert het economische handelen van individuen in
bedrijfshoudingen
Betrekking op financiering, aanschaf productiemiddelen en organisatie
= onder te verdelen in 3 vakgebieden
Financial accounting
Management accounting
Financiering
Financial accounting = verstrekt financiële gegevens aan derden (externe belangstellende)
- Externe verslaggeving
- Informatieverschaffing eens per kwartaal
- Gericht op het verleden
- Wettelijke regels
- Derden moeten erop vertrouwen dat ondernemers hun financiële gegevens op orde
hebben
Management acounting = vertrekt financiële gegevens binnen de organisatie
- Om beslissingen te onderbouwen (Nieuw product op de markt brengen – kostprijs)
- Intern
- Voortdurende informatieverschaffing
- Gericht op de toekomst
- Geen wettelijke regels
- Administratie zijn basisgegevens voor management informatie
Financiering = Verkrijgen en behouden van voldoende geld
- Houdt zich bezig met verschillende vormen van eigen/vreemd vermogen en de
vergoedingen die verstrekkers eisen
2
, Bedrijfsadministratie vormt de basis van de berekeningen en analyses om beslissingen te
maken
Bedrijfsadministratie = Vastleggen en vertrekken van financiële en niet financiële gegevens
Financiële administratie = financiële gegevens
Boekhouding
Commerciële economie = handelen met consumenten
Productieorganisatie = omzetten van productiemiddelen naar een product
Goederenstroom = Stroom van productiemiddelen en producten binnen een organisatie
Primair proces = omzettingsproces
Primaire geldstroom = Geldstroom rechtsstreek uit omzetting proces
Betaling grondstoffen, uitbetalen loon, betalende belasting, subsidie
Secundaire geldstroom = Geldstroom van en naar de vermogensmarkt
Ontvangst eigen/vreemd vermogen, betaling interest, betaling
dividend, betaling van aflossing
Financieel economisch zelfstandig = Uitgaande geldstromen kan je betalen met je ingaande
geldstromen
Overheidsbedrijven – NS, Lokale bibliotheek
Particuliere sector – Bakker, makelaar
Financieel economische onzelfstandig = Lasten worden door de overheid betaald
Overheidsdienst – Politie, Brandweer, onderwijs
Particuliere sector - Rode kruis, liefdadigheidsinstellingen
Overheidsdiensten = financieel economisch onzelfstandig
Lasten worden door de overheid betaald (Politie brandweer)
Privatisering = overheidsbedrijf wordt een onderneming
Energiebedrijven, Essent Nuon
Vermogensmarkt = wordt eigen/vreemd vermogen aangeboden
Dividend = betaling (winst) aan verschaffers van eigen vermogen op aandelen
Interest = betaling (vergoeding) aan verschaffers van vreemd vermogen
Operationele doelen = behalen van bepaald marktaandeel
- verbetering van de werkomstandigheden
Marktvormen = markten indelen op basis van aantal aanbieders van product en dienst
Monoplie – 1 aanbieder van bepaald product
Oligopolie – Enkele grote bedrijven die het gedeelte van de markt in handen hebben
Sony & Phillips
Monopolistische concurrent – Vergelijkbare aanbieders met afwijkende producten, Jumbo
Volledige mededinging – Markt veel aanbieders en vraag
3