,
,Ik heb er videos en andere links aan toegevoegd, gewoon op klikken
,DEEL 1 – STRAFRECHT
1. Het strafbare feit
Strafrecht bepaalt wanneer menselijk gedrag strafbaar is en welke rechtsgevolgen daarop volgen.
Een strafbaar feit is een gedraging die voldoet aan een wettelijke delictsomschrijving, wederrechtelijk
is en aan de dader kan worden toegerekend.
1.1 Voorwaarden van het strafbare feit
Voor strafbaarheid moeten doorgaans de volgende voorwaarden zijn vervuld:
Menselijke gedraging:
o Handelen (actief doen).
o Nalaten (niet handelen terwijl rechtsplicht bestaat).
Delictsomschrijving:
o Gedraging valt binnen wettelijke omschrijving.
Wederrechtelijkheid:
o Handelen in strijd met het recht.
Schuld/verwijtbaarheid:
o Gedraging kan dader worden toegerekend.
Geen geslaagd beroep op strafuitsluitingsgrond.
, Schema: tentamen!!
1. Is sprake van een gedraging?
2. Voldoet gedraging aan wettelijke delictsomschrijving?
3. Is gedraging wederrechtelijk?
4. Is dader verwijtbaar?
5. Is geen strafuitsluitingsgrond aanwezig?
Pas bij bevestigende beantwoording volgt strafbaarheid.
1.2 Bestanddelen en elementen
Bestanddelen
Bestanddelen zijn expliciet opgenomen onderdelen van de wettelijke delictsomschrijving.
Voorbeelden:
Opzettelijk.
Wederrechtelijk.
Wegnemen.
Toebehorend aan een ander.
Kenmerken:
Moeten door het Openbaar Ministerie worden bewezen.
Staan letterlijk in de wet.
Elementen
Elementen zijn voorwaarden voor strafbaarheid die niet altijd expliciet in de delictsomschrijving
staan.