OLM 1: Het onderzoeksproces
Business science bestaat uit onderzoek dat door wetenschappers is uitgevoerd. Net zoals
andere wetenschappers zijn bedrijfseconomische onderzoekers emperici: ze baseren hun
conclusies op empirisch onderzoek.
Voor complexere bedrijfseconomische problemen wenden managers zich tot externe
onderzoeksbureaus of de interne onderzoeksafdeling
Ongeacht of je straks onderzoek gaat:
Consumeren (gepubliceerd onderzoek lezen dat van toepassing is op jouw
probleem),
Produceren (een nieuw onderzoek zelf uitvoeren), of
Delegeren (een derde partij inschakelen om een onderzoek voor je uit te voeren),
Is het belangrijk dat je de beginselen van bedrijfseconomisch onderzoek goed onder de
knie hebt.
Wat is bedrijfseconomisch onderzoek?
Bedrijfseconomisch onderzoek is een systematisch en empirisch proces waarbij
hypothesen worden getoetst door middel van zorgvuldige data-analyse, met als doel een
managementprobleem op te lossen of te verkleinen en managers te helpen betere,
evidence-based beslissingen te nemen.
Belangrijke kenmerken:
Systematisch proces
- Bestaat uit meerdere, samenhangende stappen
- Deze stappen worden universeel toegepast
Toetsen van hypothesen
- Onderzoek start meestal met toetsbare hypothesen
- Hypothesen zorgen voor structuur en een beter begrip van het probleem
- Zonder hypothesen kunnen resultaten toevalstreffers zijn
Empirisch: data verzamelen en analyseren
- Beslissingen zijn gebaseerd op data
- Data kan verzameld worden via: vragenlijsten, experimenten, databanken,
interviews, observaties
Gericht op betere managementbeslissingen
- Doel is ondersteuning van managers
- Leidt tot evidence-based beslissingen, gebaseerd op grondige en zorgvuldige
data-analyse
Hoe zit het met intuïtie?
Voorbeeld C2 CocaCola. C2 bevatte de helft minder koolhydraten, maar had dezelfde
smaak -> manager dacht dat het een hit zou zijn. Dat was niet zo, mensen wilden een
drankje zonder koolhydraten niet met minder. Het hele idee was gebaseerd op intuïtie.
Idee Harvard: meningen en persoonlijke ervaringen zijn geen vervanging voor degelijk
onderzoek. Zonder systematisch en empirisch onderzoek zijn zulke claims onbetrouwbaar.
Hoe onbekender de uitdagingen waarmee je geconfronteerd wordt, hoe minder je op je
intuïtie mag vertrouwen en hoe meer je best terugvalt op bewijs/onderzoek.
Waarom kan de intuïtie van managers zo verkeerd zijn?
,Cognitieve bias: een onbewuste denkfout. Poging van onze hersenen om de complexe
wereld te versimpelen en besluitvorming te versnellen -> informatie verkeerd
interpreteren -> vermindert rationaliteit en nauwkeurigheid van de beslissingen.
Belangrijke biases:
Confirmation bias
Availability bias
Confirmation bias
= de neiging om alleen informatie in overweging te nemen die overeenstemt met onze
reeds bestaande overtuigingen.
Cherry-picken: zoeken alleen naar bewijs dat ondersteunt wat we al denken en negeren
de rest.
In de beleggingswereld -> alleen goed nieuws lezen over de bepaalde sector waar ze geld
in beleggen ipv ook slecht nieuws zien.
Availability bias
= we nemen een beslissing op basis van informatie die gemakkelijk beschikbaar is, ookal
is dat niet de beste informatie die je kan hebben.
De availability bias houdt in dat mensen gebeurtenissen waarschijnlijker en vaker
inschatten wanneer ze makkelijk te herinneren zijn (bijvoorbeeld omdat ze recent of
opvallend zijn).
Gebeurtenissen die moeilijker te herinneren zijn,
worden juist als minder waarschijnlijk en minder
frequent gezien.
Gevolg: we overschatten de kans en frequentie
van levendige of recente gebeurtenissen.
Beleggers krijgen hier de neiging om overdreven
te reageren op nieuwtjes.
Als iets frequenter voorkomt zijn die makkelijker
te herinneren, dit is dus ook geen availability
bias.
WYSIATI bias: Deze consument neemt de informatie mee die aanwezig is, maar hij ziet
over het hoofd dat andere potentieel belangrijke informatie ontbreekt. Hij merkt niet op
dat hij veel andere vrienden heeft die hem hun mening over het restaurant niet hebben
verteld.
Hoe evalueer je onderzoeksresultaten? De kwaliteit van academische publicatie
beoordelen
Predatory journals= tijdschriften die alleen maar geld willen verdienen, zonder peer
review.
Hoe kan je beoordelen of een publicatie betrouwbaar is?
Nagaan of het gereviewd is. Zo niet -> predatory
Impactfactor opzoeken. Geen perfecte maatstaf, maar impactfactor groter dan 1,0
is niet predatory
Lijst van TISEM raadplegen
,De kwaliteit van artikels binnen peer-reviewed tijdschriften beoordelen
Een grote steekproef is niet altijd het belangrijkste. Andere kenmerken van een studie
kunnen veel belangrijker zijn.
Evalueren van media artikelen
Sommige populairwetenschappelijke artikels zijn gebaseerd op gebrekkig academisch
onderzoek. In andere gevallen is een populairwetenschappelijk artikel onbetrouwbaar
omdat het onderliggende academisch artikel niet correct werd weergegeven; het verhaal
klopt dan niet.
Samengevat:
Waarom moet je een basiskennis verwerven van bedrijfseconomisch onderzoek?
Om bedrijfseconomisch onderzoek te kunnen EVALUEREN.
Je moet kunnen evalueren in welke mate je academische en populair-wetenschappelijke
artikelen kunt vertrouwen om je beslissingen op te baseren.
Om bedrijfseconomisch onderzoek te kunnen AANSTUREN
Je moet kunnen samenwerken met de interne onderzoeksafdeling van je bedrijf en/of
externe onderzoeksbureaus die voor jou onderzoeken zullen uitvoeren. Als je niet in staat
bent om bedrijfseconomisch onderzoek aan te sturen, kan het zijn dat externe
onderzoekers je wel goede antwoorden geven, maar niet op de vragen die jij graag
beantwoord had gezien.
Om bedrijfseconomisch onderzoek te kunnen UITVOEREN
Je moet zelf onderzoeken kunnen uitvoeren om de kleinere problemen aan te pakken die
je zal tegenkomen in je toekomstige baan.
Deductief vs. Inductief onderzoek
Bij een inductieve onderzoeksbenadering verzamelen onderzoekers eerst data.
Vervolgens proberen ze een patroon te vinden in deze data. Daarna ontwikkelen ze een
theoretisch kader op basis van het gevonden patroon.
Bij een deductieve onderzoeksbenadering formuleren onderzoekers eerst hypothesen
over de relaties tussen variabelen op basis van theorie. Deze hypothesen toetsen ze
vervolgens aan de hand van data.
Terwijl inductief onderzoek dus een theorie
wil ontwikkelen, wil deductief onderzoek
een theorie testen.
Sluiten elkaar niet uit. Soms samen
gebruiken
Het 7-staps deductieve onderzoeksproces
, Samengevat
Deductief onderzoek begint met een theorie en toetst deze theorie vervolgens
met behulp van data.
De zeven stappen in het onderzoeksproces zijn:
1. Een probleem afbakenen
2. Onderzoeksvragen formuleren
3. Een theoretisch kader ontwikkelen
4. Een onderzoeksstrategie kiezen
5. Data verzamelen
6. Data analyseren
7. Rapporteren
OLM 2: Het onderzoeksprobleem
De eerste stap in het onderzoeksproces – het afbakenen van het te onderzoeken
probleem – is minder makkelijk (en veel belangrijker) dan je zou denken.
Wanneer is er sprake van een bedrijfseconomisch probleem
Een bedrijfseconomisch probleem doet zich voor wanneer een bedrijf te maken krijgt
met een bedreiging (een te overwinnen moeilijkheid) of een opportuniteit (een situatie
met potentieel voor verbetering). Kan allebei de aanzet geven tot een onderzoeksstudie.
Afbakenen van een bedrijfseconomisch probleem
Het doel van een probleem afbakenen is te focussen op een specifiek stukje van het
grotere probleem.
Niet goed afgebakend probleem: "Pfizer wil meer winst maken."
Wel goed afgebakend probleem: "Pfizer wil de impact weten van reclame-uitgaven op het
aantal recepten dat huisartsen uitschrijven voor Pfizer-producten."
Samengevat
Een bedrijfseconomisch probleem moet afgebakend worden voordat je aan een
onderzoek begint.
Twee soorten relevantie
Academische relevantie
Praktische relevantie
Academische relevantie
Wanneer een bedrijfseconomisch probleem al eerder onderzocht is, kan je het antwoord
dat je zoekt terugvinden in eerdere onderzoeken. Een nieuw onderzoek naar hetzelfde
probleem voegt dan weinig toe en is de investering van tijd en geld niet waard.