Kernlessen in politicologisch onderzoek
Les 1 Onderzoek is systematisch
Wetenschappelijk onderzoek kent altijd een koppeling met een theorie.
Deductie: Hypothese opstellen mbv een theorie toetsen door empirisch onderzoek
Inductie: Empirisch onderzoek leidt tot hypothese / theorie
Les 2 Kennis is onzeker
De sociale werkelijkheid is een black box, die niet kan worden geopend.
We kunnen hypotheses opstellen en toetsen.
Falsificatie: uitsluiten van verklaringen (andere theorieën ontkrachten).
Verificatie: bevestigen van theorie (onmogelijk)
Kennis is cumulatief: context van meerdere onderzoeken
Kennis is niet gelijk aan waarheid.
We hebben het niet over waarheid, maar over de waarschijnlijkheid van de werkelijkheid.
Les 3 Betrouwbaar en valide meetinstrument nodig
Gelijke standaarden nodig
IPO 2 Week 1, College 2
Wat is wetenschap?
Clichebeeld anders dan werkelijkheid. Geen witte jassen in laboratoria.
Wetenschap: activiteit die gericht is op het begrijpen van de wereld om ons heen, en het
zoeken naar verklaringen van verschijningen die wij waarnemen.
Doen journalisten ook, maar wat maakt ons uniek?
Centrale rol van concepten en theorieën
Theorieën zijn relaties tussen concepten.
Grand theories: Grootse ideeën die niet direct getoetst kunnen worden
Middle range theories: bouwstenen van grand theories, die je wel kunt toetsen.
Centrale rol van onderzoeksmethoden
Wetenschappers maken een bewuste keuze voor een onderzoeksontwerp, en een
onderzoeksstrategie. Fundamenteel om deze keuzes te verantwoorden voor- en
nadelen eerlijk beschrijven. Dit voorkomt fraude, en slodderwetenschap.
Denken over kennis
Oorspronkelijk denken vanuit religie. Kerk is waarheid. Maar tegenwoordig:
Empiristische benadering
Kennis komt van de zintuigen. Je onderzoekt, en neemt de uitkomst waar.
Rationaliteit
Kennis gebaseerd op logica. Niet observeren maar nadenken.
Altijd filosofen die hier dieper op ingaan. Nooit helemaal zwart-wit.
,Debatten in de wetenschapsfilosofie
Debatten alleen relevant voor sociale wetenschap.
Kunnen wij objectieve (of evt. subjectieve) kennis krijgen over de werkelijkheid?
Twee verschillende visies:
Ontologie en Epistemologie zijn metafysica. Geen goed of fout antwoord eigen positie
innemen in het debat.
Ontologie
Ontologie is de leer van het zijn, gericht op de aard van de werkelijkheid.
Is er een objectieve werkelijkheid, los van onze waarnemingen?
Objectivisme
Ja, er is een objectieve werkelijkheid die wij kunnen bestuderen. Het is niet veel
anders dan in de natuurwetenschap. Gaat om het VERKLAREN van de werkelijkheid.
Constructivisme
Nee, er is geen objectieve sociale werkelijkheid. Wij maken samen de werkelijkheid
(subjectief). Bestaat uit sociale constructen.
Sociale werkelijkheid niet verklaren, maar BEGRIJPEN.
Epistemologie
Epistemologie is de leer van de kennis, gericht op de aard van de kennis.
Kan de werkelijkheid objectief gekend worden?
Positivisme
Er is een sociale werkelijkheid (objectief danwel subjectief), en die kunnen we leren
kennen. Er is sprake van intersubjectiviteit: mensen vergaren dezelfde soort kennis,
en kunnen daarover discussiëren.
Wetenschapper is in staat om onafhankelijk en waardevrij onderdzoek te doen.
Interpretavisme
Objectieve kennis over de sociale werkelijkheid bestaat niet. Kennis is altijd gekleurd.
Geen sprake van intersubjectiviteit, want ieder heeft zijn eigen gekleurde bril.
Wetenschappers kunnen ook geen waardevrij onderzoek doen.
Objectivisme Constructivisme
Positivisme Positivisme
Interpratavisme Post-modernisme
Sociaal-constructivisme
Andere vakjes zijn wel mogelijk maar komen weinig voor.
Waarom is dit debat belangrijk?
Sturend in een onderzoek, het leidt namelijk tot anders soort onderzoeksvragen en
onderzoeksmethoden. Maar het is niet absoluut.
Positivisten waarschijnlijk voorkeur voor experimenten en kwantitatief onderzoek.
Sociaal constructivisten waarschijnlijk voorkeur voor case-study en kwalitatief onderzoek.
, IPO 3 Week 2, college 3
Onderzoekscyclus
1. Onderwerp en relevantie
2. Onderzoeksvraag
3. Theorie
4. Operationalisatie
5. Dataverzameling
6. Data-analyse
7. Rapportage
1. Onderwerp en relevantie
Onderwerp
Abstract, maar niet té. Wel concreet, maar koppeling met theorie en concepten. En moet
empirisch te onderzoeken zijn.
Afgebakend in tijd en ruimte en politicologisch van aard.
Maatschappelijke relevantie
Welke debatten spelen er over het onderwerp?
Wie zijn de steakholders? (mensen die jouw kennis kunnen gebruiken)
Wetenschappelijke relevantie
Literature review concepten voor nodig.
Hoe dichter bij de actualiteit, hoe lastiger te vertalen in concepten.
Bijdrage leveren aan state of art. Is er sprake van:
Conflict – vergelijken verschillende theorieën / bronnen etc.
Lacune – ‘gat’ in de wetenschap opvullen.
Altijd afvragen waarom er een lacune is!! Wel interessant?
Verdieping – Onvolledige informatie aanvullen.
2. Onderzoeksvraag
Vraag moet eenvoudig geformuleerd zijn.
Vraag moet beschrijvend of verklarend zijn.
Vraag moet empirisch te beantwoorden zijn.
Niet normatief, tweeledig of journalistiek.
Onderzoeksvraag vind je altijd door tegensteling tussen:
Empirie – Empirie
Emperie – Theorie
Theorie – Theorie
Deelvragen zijn vaak beschrijvend. Antwoorden op de deelvragen moeten samen een
antwoord op de centrale vraag vormen (bouwstenen).
3. Theorie
Verwachtingen omzetten in een (empirisch te toetsen) hypothese.
Een hypothese is pas een hypothese als die gefalsificeerd kan worden.
Causaal effect: theorie van oorzaak en gevolg. Bv: hoge opleiding politieke kennis