2014
Fontys Economische Hogeschool Tilburg
1-10-2014
,Inhoud
Hoofdstuk 1 ............................................................................................................................................. 2
Hoofdstuk 3 ............................................................................................................................................. 2
Hoofdstuk 4 ............................................................................................................................................. 3
Hoofdstuk 5 ............................................................................................................................................. 5
Hoofdstuk 6 ............................................................................................................................................. 8
Hoofdstuk 8 ............................................................................................................................................. 8
Hoofdstuk 9 ............................................................................................................................................. 8
afbeeldingen
Figuur 1 Kraljic-matrix ............................................................................................................................. 3
Figuur 2: uitgangspunten goedkope logistiek ......................................................................................... 4
Figuur 3: kenmerken snelle logistiek ....................................................................................................... 4
Figuur 4: een robuuste logistiek .............................................................................................................. 4
Figuur 5: convergentie en divergentie .................................................................................................... 6
Figuur 6: Voor- en nadelen van een KOOP stroomopwaarts of afwaarts ............................................... 6
Figuur 7: voor- en nadelen nationale en Europese distributie ............................................................... 7
Figuur 8: rangschikking transportvormen (1 = beste alternatief; 5 = slechtste alternatief) ................... 7
Figuur 9: voor- en nadelen van uitbesteding .......................................................................................... 7
Figuur 10: logistieke kostenbeheersing................................................................................................... 8
Figuur 11: mogelijke kengetallen magazijnprocessen ............................................................................ 9
, Hoofdstuk 1
De waardeketen van Porter (value chain)
Primaire activiteiten:
- Inkomende goederenstroom: ontvangen opslaan en verdelen van de grondstoffen.
- Operaties: transformeren van grondstoffen naar product of dienst
- Uitgaande goederenstroom: het opslaan, verzamelen, en transporteren van het uiteindelijke
product naar de klanten
- Verkoop & marketing: maken potentiele klanten bewust van de producten en diensten van
het bedrijf en stimuleert hen tot aankopen.
- Service: waarde toevoegen aan het product
Ondersteunende activiteiten:
- Inkoop: proces van het verwerven van materialen bij leveranciers.
- Technologische ontwikkeling: nieuwe technologie bedenken voor productie en processen.
- Personeelsmanagement: werven, opleiden, ontwikkelen en belonen van personeel
- Infrastructuur: planning, financiering, kwaliteitscontrole en informatiemanagement.
Logistiek: is het regelen van de goederenstroom vanaf het moment dat de grondstoffen worden
gekocht bij leveranciers tot aan de levering van het product aan de klant (en soms zelfs weer retour).
Supply chain management: als het regelen van de goederenstroom over diverse bedrijven heen gaat.
De drie belangrijkste onderdelen van logistiek zijn
- Goederenstroom: transport van grondstoffen distributiecentrum grondstoffen
verwerken naar de klant.
- Informatiestroom: waar wanneer en hoe moeten de goederen worden geleverd.
- Geldstroom: het bedrijf krijgt pas geld als de goederen bewegen.
Logistiek moet effectief of efficiënt zijn.
Marketing mix Kotler: Product promotie prijs en plaats
Logistieke vraagstukken worden onderscheiden naar strategische, tactische en operationele
vraagstukken afhankelijk van de termijn waarvoor het bedrijf zich vastlegt.
Hoofdstuk 3
Bij logistiek draait het om de klant. Pas als het bedrijf weet wat de klanten willen kan de logistiek
goed worden geregeld.
Verwachtingen van klanten:
- Manier waarop het bedrijf het logistieke servicebeleid aan de klant duidelijk maakt.
- Het gemak waarmee de klant kan bestellen
- Telefonische en elektronische bereikbaarheid
- Keurmerk
- Informatie over voorraden, levertijden en assortiment
- De snelheid van offerte
- De leveringscondities
Fontys Economische Hogeschool Tilburg
1-10-2014
,Inhoud
Hoofdstuk 1 ............................................................................................................................................. 2
Hoofdstuk 3 ............................................................................................................................................. 2
Hoofdstuk 4 ............................................................................................................................................. 3
Hoofdstuk 5 ............................................................................................................................................. 5
Hoofdstuk 6 ............................................................................................................................................. 8
Hoofdstuk 8 ............................................................................................................................................. 8
Hoofdstuk 9 ............................................................................................................................................. 8
afbeeldingen
Figuur 1 Kraljic-matrix ............................................................................................................................. 3
Figuur 2: uitgangspunten goedkope logistiek ......................................................................................... 4
Figuur 3: kenmerken snelle logistiek ....................................................................................................... 4
Figuur 4: een robuuste logistiek .............................................................................................................. 4
Figuur 5: convergentie en divergentie .................................................................................................... 6
Figuur 6: Voor- en nadelen van een KOOP stroomopwaarts of afwaarts ............................................... 6
Figuur 7: voor- en nadelen nationale en Europese distributie ............................................................... 7
Figuur 8: rangschikking transportvormen (1 = beste alternatief; 5 = slechtste alternatief) ................... 7
Figuur 9: voor- en nadelen van uitbesteding .......................................................................................... 7
Figuur 10: logistieke kostenbeheersing................................................................................................... 8
Figuur 11: mogelijke kengetallen magazijnprocessen ............................................................................ 9
, Hoofdstuk 1
De waardeketen van Porter (value chain)
Primaire activiteiten:
- Inkomende goederenstroom: ontvangen opslaan en verdelen van de grondstoffen.
- Operaties: transformeren van grondstoffen naar product of dienst
- Uitgaande goederenstroom: het opslaan, verzamelen, en transporteren van het uiteindelijke
product naar de klanten
- Verkoop & marketing: maken potentiele klanten bewust van de producten en diensten van
het bedrijf en stimuleert hen tot aankopen.
- Service: waarde toevoegen aan het product
Ondersteunende activiteiten:
- Inkoop: proces van het verwerven van materialen bij leveranciers.
- Technologische ontwikkeling: nieuwe technologie bedenken voor productie en processen.
- Personeelsmanagement: werven, opleiden, ontwikkelen en belonen van personeel
- Infrastructuur: planning, financiering, kwaliteitscontrole en informatiemanagement.
Logistiek: is het regelen van de goederenstroom vanaf het moment dat de grondstoffen worden
gekocht bij leveranciers tot aan de levering van het product aan de klant (en soms zelfs weer retour).
Supply chain management: als het regelen van de goederenstroom over diverse bedrijven heen gaat.
De drie belangrijkste onderdelen van logistiek zijn
- Goederenstroom: transport van grondstoffen distributiecentrum grondstoffen
verwerken naar de klant.
- Informatiestroom: waar wanneer en hoe moeten de goederen worden geleverd.
- Geldstroom: het bedrijf krijgt pas geld als de goederen bewegen.
Logistiek moet effectief of efficiënt zijn.
Marketing mix Kotler: Product promotie prijs en plaats
Logistieke vraagstukken worden onderscheiden naar strategische, tactische en operationele
vraagstukken afhankelijk van de termijn waarvoor het bedrijf zich vastlegt.
Hoofdstuk 3
Bij logistiek draait het om de klant. Pas als het bedrijf weet wat de klanten willen kan de logistiek
goed worden geregeld.
Verwachtingen van klanten:
- Manier waarop het bedrijf het logistieke servicebeleid aan de klant duidelijk maakt.
- Het gemak waarmee de klant kan bestellen
- Telefonische en elektronische bereikbaarheid
- Keurmerk
- Informatie over voorraden, levertijden en assortiment
- De snelheid van offerte
- De leveringscondities