3.9
Belangrijkste manieren van tegen andere culturen aankijken:
- Cultureel relativisme. Geen algemeen aanvaarde waarden en normen.
- Cultureel universalisme. Er zijn universeel, voor iedereen geldende
waarden.
- Cultureel pluralisme. Culturen dragen bij dat er bij mensen bereidheid is
om van andere culturen te leren. Pluralisme staat tegenover etnocentrisme
Wij-cultuur. Belang van groep voorop. Veel onderscheid in posities. Groepsleden
komen voor elkaar op.
Ik-cultuur. Nadruk op individu en persoonlijke ontplooiing. Iedereen dezelfde
rechten.
Ik-cultuur is schuldcultuur. Het overtreden van de regels leidt tot persoonlijke
schuldgevoelens.
Wij-cultuur is over het algemeen schaamtecultuur, het overtreden van regels
leidt tot schaamte. Je maakt anderen te schande.
Hofstede 5 cultuurdimensies: bij elke dimensie sprake van continuüm.
1. Machtsafstand. De machtsafstand die er bestaat tussen de verschillende
partijen en de mate waarin ondergeschikten dat accepteren.
2. Collectivisme en individualisme. Collectivisme als mensen vanaf
geboorte zijn opgenomen in hechte groepen, die bescherming bieden in
ruil voor loyaliteit. Individualisme wanneer onderlinge banden los zijn.
(China vs. VS)
3. Masculiniteit en feminiteit. Masculien wanneer de sekserollen duidelijk
gescheiden zijn en van mannen wordt verwacht dat ze assertief zijn en
presenteren, van vrouwen dat ze zorgen en bescheiden zijn. Feminien
wanneer de rollen niet duidelijk te onderscheiden zijn.
4. Onzekerheidsvermijding. Vermijden van situaties die onzekerheid
oproepen en bedreigend zijn. Culturen met een lage
onzekerheidsvermijding laten meer ruimte voor persoonlijke interpretatie,
zijn ook vaak individualistische culturen.
5. Lange- en korte termijngerichtheid. Lange termijn wordt nagedacht
over de toekomst, behoeften niet onmiddellijk bevredigd. Westerse
culturen vaak lange termijn.
Hoofdstuk 5 verandering van afhankelijkheidsverhoudingen
(interdependentie)
5.1.1
De individualisering van de samenleving is een historisch, sociaal en cultureel
proces dat al sinds eeuwen in westerse samenlevingen werkzaam en merkbaar
is. De collectivistische oriëntatie die onze samenleving gedurende lange jaren
heeft gekenmerkt, is in een rap tempo vervangen door een individualistische.
De vier uitgangspunten van het individualisme:
- Erkenning van de waarde en de waardigheid van de mens. Ieder mens is
gelijk in waarde en heeft een gelijke waardigheid, onafhankelijk van andere
kenmerken zoals geslacht, ras, afstamming, macht, rijkdom, geloof of
intelligentie.
- Erkenning van de autonomie van het individu, van zijn mogelijkheden tot
zelfbepaling en van zijn persoonlijke verantwoordelijkheid. De mens heeft
in principe zijn eigen lot in handen.
- Erkenning van de waarde van het onderscheid tussen het openbare en het
private leven.
Belangrijkste manieren van tegen andere culturen aankijken:
- Cultureel relativisme. Geen algemeen aanvaarde waarden en normen.
- Cultureel universalisme. Er zijn universeel, voor iedereen geldende
waarden.
- Cultureel pluralisme. Culturen dragen bij dat er bij mensen bereidheid is
om van andere culturen te leren. Pluralisme staat tegenover etnocentrisme
Wij-cultuur. Belang van groep voorop. Veel onderscheid in posities. Groepsleden
komen voor elkaar op.
Ik-cultuur. Nadruk op individu en persoonlijke ontplooiing. Iedereen dezelfde
rechten.
Ik-cultuur is schuldcultuur. Het overtreden van de regels leidt tot persoonlijke
schuldgevoelens.
Wij-cultuur is over het algemeen schaamtecultuur, het overtreden van regels
leidt tot schaamte. Je maakt anderen te schande.
Hofstede 5 cultuurdimensies: bij elke dimensie sprake van continuüm.
1. Machtsafstand. De machtsafstand die er bestaat tussen de verschillende
partijen en de mate waarin ondergeschikten dat accepteren.
2. Collectivisme en individualisme. Collectivisme als mensen vanaf
geboorte zijn opgenomen in hechte groepen, die bescherming bieden in
ruil voor loyaliteit. Individualisme wanneer onderlinge banden los zijn.
(China vs. VS)
3. Masculiniteit en feminiteit. Masculien wanneer de sekserollen duidelijk
gescheiden zijn en van mannen wordt verwacht dat ze assertief zijn en
presenteren, van vrouwen dat ze zorgen en bescheiden zijn. Feminien
wanneer de rollen niet duidelijk te onderscheiden zijn.
4. Onzekerheidsvermijding. Vermijden van situaties die onzekerheid
oproepen en bedreigend zijn. Culturen met een lage
onzekerheidsvermijding laten meer ruimte voor persoonlijke interpretatie,
zijn ook vaak individualistische culturen.
5. Lange- en korte termijngerichtheid. Lange termijn wordt nagedacht
over de toekomst, behoeften niet onmiddellijk bevredigd. Westerse
culturen vaak lange termijn.
Hoofdstuk 5 verandering van afhankelijkheidsverhoudingen
(interdependentie)
5.1.1
De individualisering van de samenleving is een historisch, sociaal en cultureel
proces dat al sinds eeuwen in westerse samenlevingen werkzaam en merkbaar
is. De collectivistische oriëntatie die onze samenleving gedurende lange jaren
heeft gekenmerkt, is in een rap tempo vervangen door een individualistische.
De vier uitgangspunten van het individualisme:
- Erkenning van de waarde en de waardigheid van de mens. Ieder mens is
gelijk in waarde en heeft een gelijke waardigheid, onafhankelijk van andere
kenmerken zoals geslacht, ras, afstamming, macht, rijkdom, geloof of
intelligentie.
- Erkenning van de autonomie van het individu, van zijn mogelijkheden tot
zelfbepaling en van zijn persoonlijke verantwoordelijkheid. De mens heeft
in principe zijn eigen lot in handen.
- Erkenning van de waarde van het onderscheid tussen het openbare en het
private leven.