Tijdvak 2: Grieken en Romeinen
De Griekse stadstaat
KA: de ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en
politiek in de Griekse stadstaat
Vanaf 1850 v.Chr. komen Griekse stadstaten op.
Een stadstaat (polis) is een bijzondere vorm van een staat. Een staat is een gebied met vaste
grenzen en eigen bestuur
- “Stad” met omringend platteland
- Klein in oppervlakte en inwonersaantal
- Autarkisch: zelfvoorzienend
- Autonoom: eigen bestuur en regels
Iedere polis had een eigen staatsvorm. Bijvoorbeeld:
- Monarchie: staatsvorm waarbij de macht legitiem bij een persoon ligt
- Tirannie: staatsvorm waarbij de macht niet legitiem bij een persoon ligt
- Aristocratie: regering van de adel (aristocraten)
- Oligarchie; regering van een kleine groep mensen die niet perse van adel zijn
- Democratie: regering door de bevolking met burgerrecht
Een belangrijke stad was Sparta, een conservatieve oligarchie. De stad had een erg sterk
leger, door de training die jongens van jongs af aan kregen.
De eerste democratische stad was Athene. Zolang je een Atheense burger was had je
inspraak in het bestuur. Alleen mannen die in Athene geboren waren waren burgers.
Burgerschap: het feit dat je een burger bent met alle politieke en maatschappelijke rechten
die daarbij horen
Filosofen: mensen die proberen om op een rationele manier de wereld te verklaren
Wetenschap: het opdoen van kennis/theorie op basis van experimenten, waarneming en
gebruik van het verstand
Wetenschappers/filosofen hielden zich bezig met o.a. natuurwetenschap, wiskunde,
geneeskunde en politiek.
De Griekse wereld (850-338 v.Chr.)
, In 338 v.Chr. werden de Griekse stadstaten veroverd door koning Filippos, een Macedoniër.
Zijn zoon, Alexander de Grote, ging de Griekse stadstaten verder besturen.
Alexander de Grote veroverde nog meer gebieden richting het oosten, en verspreidde de
Griekse cultuur. Deze verspreiding heet ook wel het hellenisme.
De Grieks-Romeinse cultuur
KA: de klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur
De Grieks-Romeinse cultuur wordt ook wel de klassieke cultuur genoemd.
Klassiek: voortreffelijk voorbeeld, iets dat blijvende waarde heeft
Dingen uit de Grieks-Romeinse cultuur die sterke blijvende waarde hebben zijn de
beeldhouwkunst en de architectuur. Dit is de vormentaal waar het in het KA over gaat.
Griekse beeldhouwkunst
- Driedimensionaal
- Anatomisch correct
- Naakt
- Geperfectioneerd
Griekse architectuur
- Fronton/timpaan
- Fries
- Architraaf
- Kapiteel
- Zuil
o Dorische stijl: strakke lijnen, simpele versiering
o Ionische stijl: smaller, meer versiering
o Korintische stijl: veel versieringen, vooral bladeren
De Griekse stadstaat
KA: de ontwikkeling van wetenschappelijk denken en het denken over burgerschap en
politiek in de Griekse stadstaat
Vanaf 1850 v.Chr. komen Griekse stadstaten op.
Een stadstaat (polis) is een bijzondere vorm van een staat. Een staat is een gebied met vaste
grenzen en eigen bestuur
- “Stad” met omringend platteland
- Klein in oppervlakte en inwonersaantal
- Autarkisch: zelfvoorzienend
- Autonoom: eigen bestuur en regels
Iedere polis had een eigen staatsvorm. Bijvoorbeeld:
- Monarchie: staatsvorm waarbij de macht legitiem bij een persoon ligt
- Tirannie: staatsvorm waarbij de macht niet legitiem bij een persoon ligt
- Aristocratie: regering van de adel (aristocraten)
- Oligarchie; regering van een kleine groep mensen die niet perse van adel zijn
- Democratie: regering door de bevolking met burgerrecht
Een belangrijke stad was Sparta, een conservatieve oligarchie. De stad had een erg sterk
leger, door de training die jongens van jongs af aan kregen.
De eerste democratische stad was Athene. Zolang je een Atheense burger was had je
inspraak in het bestuur. Alleen mannen die in Athene geboren waren waren burgers.
Burgerschap: het feit dat je een burger bent met alle politieke en maatschappelijke rechten
die daarbij horen
Filosofen: mensen die proberen om op een rationele manier de wereld te verklaren
Wetenschap: het opdoen van kennis/theorie op basis van experimenten, waarneming en
gebruik van het verstand
Wetenschappers/filosofen hielden zich bezig met o.a. natuurwetenschap, wiskunde,
geneeskunde en politiek.
De Griekse wereld (850-338 v.Chr.)
, In 338 v.Chr. werden de Griekse stadstaten veroverd door koning Filippos, een Macedoniër.
Zijn zoon, Alexander de Grote, ging de Griekse stadstaten verder besturen.
Alexander de Grote veroverde nog meer gebieden richting het oosten, en verspreidde de
Griekse cultuur. Deze verspreiding heet ook wel het hellenisme.
De Grieks-Romeinse cultuur
KA: de klassieke vormentaal van de Grieks-Romeinse cultuur
De Grieks-Romeinse cultuur wordt ook wel de klassieke cultuur genoemd.
Klassiek: voortreffelijk voorbeeld, iets dat blijvende waarde heeft
Dingen uit de Grieks-Romeinse cultuur die sterke blijvende waarde hebben zijn de
beeldhouwkunst en de architectuur. Dit is de vormentaal waar het in het KA over gaat.
Griekse beeldhouwkunst
- Driedimensionaal
- Anatomisch correct
- Naakt
- Geperfectioneerd
Griekse architectuur
- Fronton/timpaan
- Fries
- Architraaf
- Kapiteel
- Zuil
o Dorische stijl: strakke lijnen, simpele versiering
o Ionische stijl: smaller, meer versiering
o Korintische stijl: veel versieringen, vooral bladeren