Bedrijfseconomie in Balans – Hoofdstuk 18
18.1 aandelenkapitaal
-> onderdeel van eigen vermogen nv/bv, permanent vermogen. Hoe groter het eigen vermogen hoe
makkelijker om geld te lenen. Garantiefunctie: het eigen vermogen vormt een buffer om mogelijke
verliezen op te vangen.
Emitteren: bv/nv verkoopt aandelen. Aandeel: bewijs van deelname in eigen vermogen van een
bv/nv. Bv: aandelen worden geregistreerd in aandeelhoudersregister, nv: aandelen worden
elektronisch bewaard door bank die is aangesloten bij Centrum voor Fondsenadministratie.
Nominale waarde: bedrag dat op het aandeel staat. Beurskoers: bedrag dat je voor een aandeel
betaald-> komt tot stand door vraag en aanbod (hoog-> gaat goed met nv). Koerswaarde: bedrag dat
je betaald voor een aandeel.
Emissiekoers: prijs die nv vaststelt waartegen beleggers deze nieuwe aandelen kunnen kopen->
aandelenkapitaal uitbreiden.
Maatschappelijk aandelenkapitaal: totaalbedrag dat de nv aan nominaal aandelenkapitaal nodig
denkt te hebben en tot welk bedrag een nv maximaal aandelen mag uitgeven-> in statuten vermeld
(hoeft bv niet). Geplaatst aandelenkapitaal: maatschappelijk aandelenkapitaal verminderd met het
bedrag van de niet-uitgegeven aandelen-> nominale bedrag van de werkelijk uitgegeven aandelen.
Balans: geplaatst.
Belegger: koopt aandelen omdat hij verwacht eraan te verdienen. -> beurskoersen kunnen wisselen-
> risico.
Dividend: uitkering uit de winst voor aandeelhouders. Bepaald bedrag/percentage per aandeel-> via
bank afgehandeld; schrijft dividend automatisch op bankrekening van belegger.
Koerswinst: waardestijging van aandelen. Als dividend lager is, wordt een groter deel van de winst
gereserveerd (blijft in nv)-> waarde nv en aandelen stijgen sneller. Koersverlies: waardevermindering
van aandelen. Tantième: een winstuitkering voor commissarissen en personeelsleden, met name de
van directie. -> + optieregeling; directieleden hebben recht om over een aantal jaren een aantal
aandelen te kopen tegen de huidige koersprijs.
18.2 Preferent aandelenkapitaal
: aandelen die op een bepaald gebied voorrang hebben op gewone aandelen. De preferentie kan
betrekking hebben op:
- Winstuitkering: bv/nv keert eerst aan de houders van preferente aandelen het dividend uit
waarop ze recht hebben-> daarna gewone. 8% preferent aandelenkapitaal van €200.000->
€16.000 dividend. Is er te weinig winst-> gewone krijgen minder dan 8%. Meer-> meer dan
8%.
- Zeggenschap: houders van preferente aandelen mogen een bindende voordracht van twee
personen voor de benoeming van een bestuurslid opstellen. -> hieruit moeten gewone
kiezen. -> prioriteitsaandelen. -> kleine groep en op naam zodat ze de leiding van de nv in
handen houden.
- Liquidatie (opgeheven): verschaffers van het vreemd vermogen krijgen eerder hun geld terug
dan de eigenaren van de bv/nv. Houders van preferente aandelen krijgen eerder geld terug
dan gewone.
18.1 aandelenkapitaal
-> onderdeel van eigen vermogen nv/bv, permanent vermogen. Hoe groter het eigen vermogen hoe
makkelijker om geld te lenen. Garantiefunctie: het eigen vermogen vormt een buffer om mogelijke
verliezen op te vangen.
Emitteren: bv/nv verkoopt aandelen. Aandeel: bewijs van deelname in eigen vermogen van een
bv/nv. Bv: aandelen worden geregistreerd in aandeelhoudersregister, nv: aandelen worden
elektronisch bewaard door bank die is aangesloten bij Centrum voor Fondsenadministratie.
Nominale waarde: bedrag dat op het aandeel staat. Beurskoers: bedrag dat je voor een aandeel
betaald-> komt tot stand door vraag en aanbod (hoog-> gaat goed met nv). Koerswaarde: bedrag dat
je betaald voor een aandeel.
Emissiekoers: prijs die nv vaststelt waartegen beleggers deze nieuwe aandelen kunnen kopen->
aandelenkapitaal uitbreiden.
Maatschappelijk aandelenkapitaal: totaalbedrag dat de nv aan nominaal aandelenkapitaal nodig
denkt te hebben en tot welk bedrag een nv maximaal aandelen mag uitgeven-> in statuten vermeld
(hoeft bv niet). Geplaatst aandelenkapitaal: maatschappelijk aandelenkapitaal verminderd met het
bedrag van de niet-uitgegeven aandelen-> nominale bedrag van de werkelijk uitgegeven aandelen.
Balans: geplaatst.
Belegger: koopt aandelen omdat hij verwacht eraan te verdienen. -> beurskoersen kunnen wisselen-
> risico.
Dividend: uitkering uit de winst voor aandeelhouders. Bepaald bedrag/percentage per aandeel-> via
bank afgehandeld; schrijft dividend automatisch op bankrekening van belegger.
Koerswinst: waardestijging van aandelen. Als dividend lager is, wordt een groter deel van de winst
gereserveerd (blijft in nv)-> waarde nv en aandelen stijgen sneller. Koersverlies: waardevermindering
van aandelen. Tantième: een winstuitkering voor commissarissen en personeelsleden, met name de
van directie. -> + optieregeling; directieleden hebben recht om over een aantal jaren een aantal
aandelen te kopen tegen de huidige koersprijs.
18.2 Preferent aandelenkapitaal
: aandelen die op een bepaald gebied voorrang hebben op gewone aandelen. De preferentie kan
betrekking hebben op:
- Winstuitkering: bv/nv keert eerst aan de houders van preferente aandelen het dividend uit
waarop ze recht hebben-> daarna gewone. 8% preferent aandelenkapitaal van €200.000->
€16.000 dividend. Is er te weinig winst-> gewone krijgen minder dan 8%. Meer-> meer dan
8%.
- Zeggenschap: houders van preferente aandelen mogen een bindende voordracht van twee
personen voor de benoeming van een bestuurslid opstellen. -> hieruit moeten gewone
kiezen. -> prioriteitsaandelen. -> kleine groep en op naam zodat ze de leiding van de nv in
handen houden.
- Liquidatie (opgeheven): verschaffers van het vreemd vermogen krijgen eerder hun geld terug
dan de eigenaren van de bv/nv. Houders van preferente aandelen krijgen eerder geld terug
dan gewone.