Een functie bestaat uit drie onderdelen:
Taken (1 of meer werkzaamheden)
Verantwoordelijkheden (je kunt goed aangesproken worden op het uitvoeren van je taken)
Bevoegdheid (het recht om zelfstandig beslissingen te nemen)
In je functieomschrijving staan je taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden beschreven
Objectieve eisen kan je aantonen met diploma’s, subjectieve eisen gaat meer over je persoonlijke
eigenschappen
Er is sprake van een arbeidsovereenkomst als er:
Een gezagsverhouding is (werkgever geeft opdrachten aan de werknemer)
De werkgever betaalt loon
De werknemer levert arbeid
Binnen het personeelsbeleid heb je drie fasen:
Instroombeleid
Doorstroombeleid
Uitstroombeleid
H uman: De mens met al zijn vaardigheden, kwaliteiten, creativiteit en daadkracht
R esources: De bronnen van kwaliteit die je kan aanboren
M anagement: Planning, uitvoering, analyse en evaluatie
Intrinsieke motivatie: Wanneer je intrinsiek gemotiveerd bent, doe je iets zonder dat je daarvoor
beloond wordt.
Extrinsieke motivatie: Dan komt de motivatie van buitenaf
Job-rotation: Je wisselt regelmatig van taak met een collega. Het grote voordeel hiervan is dat je meer
inzicht krijgt in processen binnen de organisatie, veelzijdig en flexibel inzetbaar bent.
Job-enlargement: Je krijgt meer taken. Dit zijn wel taken die op hetzelfde niveau liggen.
Job-enrichment: Je krijgt meer taken die op een hoger niveau liggen. Meestal houdt dit in dat je meer
zelfstandigheid en/of meer vrijheid krijgt.
Piramide van Maslov
Primaire : eten, drinken slapen, seks, onderdak ,Behoefte aan zekerheid, veiligheid en
bescherming.
Secundaire: Sociale contacten, waardering, genegenheid, ergens bij horen
Tertiaire : Zelfontplooiing
Grondrechten Cliëntenraad
1
,Recht op informatie: De cliëntenraad heeft informatie nodig om mee te kunnen praten over het beleid
van de organisatie. De organisatie moet de cliëntenraad alle informatie geven die deze voor zijn taak
nodig heeft.
Recht op overleg: De cliëntenraad overlegd regelmatig met de directie over het beleid van de
organisatie. Hoe ze dat doen regelen de cliëntenraad en de directie in een overeenkomst.
Recht om te adviseren: De clientenraad mag altijd een advies uitbrengen aan de directie van de
instelling, gevraagd en ongevraagd. Over bepaalde onderwerpen moet de directie altijd een advies
vragen aan de clientenraad. Deze onderwerpen zijn in de wet vastgelegd en er gelden speciale
bevoegdheden voor. Dit adviesrecht heet het verzwaard adviesrecht.
Recht van enquete: Als de clientenraad vindt dat er sprake is van wanbeleid, dan kan ze de
Ondernemerskamer van het gerechtshof in Amsterdam vragen om een onderzoek. De
ondernemerskamer beslist zelf of ze een onderzoek instelt.
Bindende voordracht bestuurslid: De clientenraad kan invloed hebben op de samenstelling van het
bestuur. De clientenraad mag tenminste 1 persoon aanwijzen als bestuurslid. Deze voordracht is
bindend, deze persoon wordt daadwerkelijk benoemd.
H2
Teamwerk houdt in: Met een “wij-gevoel” samenwerken waarbij je rekening houdt met elkaar en met
de belangen van de organisatie.
Belbin spreekt van zes succesfactoren voor teamwerk:
1) Heldere doelen
2) Flexibel aanpassen
3) Gezamenlijke verantwoordelijkheid
4) Open communicatie
5) Wederzijds respect
6) Initiatief tonen
Teamrollenmodel van Belbin
Voorzitter: de coördinator van het team: Kent de kwaliteiten van het team en kan goed
delegeren.
Vormer: Ook een leider, maar dan meer een vechter. Is gedreven, wilskrachtig maar kan ook
driftig zijn.
Monitor: een denker. Bekijkt zaken van een afstand. Analyseert en is vaak kritisch.
Plant: een creatieve denker. Gesloten, teruggetrokken. Kan met verrassende ideeën komen.
Brononderzoeker: Ook creatief, maar meer een open, naar buiten gerichte doener (een echte
netwerker)
Bedrijfsman: een doener. Harde werker. Plichtsgetrouw, praktisch, gedisciplineerd en vooral
taakgericht.
2
, Groepswerker: Werkt vooral vanuit het gevoel. Hij is de bindende factor. Richt zich op sfeer en
teambuilding.
Zorgdrager: Werkt ook vanuit zijn gevoel. Voelt vooral goed aan wat er fout kan gaan. Is
perfectionistisch, maar ook een beetje pietluttig.
Specialist: een stille eenling. Weet veel van weinig. Is eigenlijk geen echte teamspeler.
Onderdelen Enneagram model
1) Perfectionist: Iemand die alles zo perfect mogelijk probeert te doen
2) Helper: Gericht op anderen en wil graag helpen
3) Succesvolle werker (ook wel verkoper): Voert het liefst taken uit waar hij goed in is.
4) Romanticus: Gaat voor idealen. Is erg gevoelig en gericht op hechte relaties
5) Waarnemer (ook wel denker): Diegene die alles analyseert en handelt vanuit zijn verstand
6) Teamspeler: Ook wel loyalist en vragensteller
7) Optimist (Levensgenieter): Zoekt naar plezier
8) Leider (ook wel baas): is uit op macht, krachtbeheersing en overheersing
9) Bemiddelaar: gericht op de wensen, gevoelens en verwachtingen van anderen
Roos van Leary
3