-verwoorden op welke twee samenhangende vragen de sociologie antwoord probeert te geven.
Hoe worden mensen in hun gedrag beïnvloed door het feit dat ze deel uitmaken van een groter
geheel? Er wordt hier op 3 verschillende niveaus naar gekeken.
Microniveau: kleine samenlevingsverbanden zoals gezin, vriendengroep, collegas.
Mesoniveau: grotere organisatiegroep zoals kerk vereniging of wijk
Macroniveau: de volledige maatschappij
Hoe zit de samenleving in elkaar?
-normen en waarden
-machtsverhoudingen
-type problemen in de samenleving
-de wetenschappelijke benadering van de sociologie beschrijven en benoemen wat de relevantie
van de sociologie is voor verpleegkundigen
Sociologie bestudeert hoe wij met elkaar samenleving in een maatschappij, welke invloed we op
elkaar hebben en hoe de omgeving ons beïnvloed.
Relevantie sociologe voor verpleegkundigen is dat je meer inzicht krijgt op:
-Het eigen gedrag en dat van de ander
-Maatschappelijke factoren met betrekking tot zorg, ziekte en gezondheid.
-De inrichting en ontwikkeling van de gezondheidszorg en de rol en positie van de
verpleegkundige daarin.
-De positie van verpleegkundigen in allerlei groeperingen op micro-, meso- en
macroniveau.
-de volgende begrippen sociologisch duiden: interactie, identiteit, collectieve definitie van de
situatie en referentiekader.
Interactie: het gedrag van mensen ten opzichte van elkaar en in onderlinge wisselwerking
Subjectieve definitie van de situatie: mensen creëren hun eigen werkelijkheid
Collectieve definitie van de situatie: aangeleerd, we hebben ons aangeleerd hoe we in verschillende
situaties moeten handelen
Identiteit: de wijze waarop iemand zichzelf ziet
, Referentiekader: de manier waarop je kijkt naar de wereld en bedenkt wat je normaal en niet
normaal vindt.
-de gevolgen beschrijven van etiketterings- en stigmatiseringsprocessen.
Etikettering is een sociaal-psychologisch proces waarbij bepaalde mensen op grond van hun uiterlijk
of gedrag worden gestempeld en vervolgens in termen van dat stempel worden bejegend.
Stigmatisering is wanneer bepaalde kenmerken aan een bepaalde persoon of groep wordt
toegekend, dit kan leiden tot vooroordelen en een negatief zelfbeeld
Week 2
• Het fenomeen ‘cultuur’ beschrijven en de hiermee samenhangende begrippen waarden, normen,
afwijkend gedrag en [vraagstukken m.b.t. de] multiculturele samenleving
cultuur is een geheel van normen en waarden in een samenleving, dit leren we via leer- en
gewenningsprocessen en heeft veel invloed op onze cognities gedrag en emoties.
etnocentrisme: Je zet je
eigen normen en waarde
centraal. Hij of zij ziet
dat zijn of haar
normen en waarde beter
zijn dan die van een
ande
etnocentrisme: Je zet je
eigen normen en waarde