Literatuur
Minor
Complexe Zorg
2021
Door: Julia Meurs
,Toetsmatrijs; november 2021
Hoofdonderwerp Aantal Toetsvragen
Complexiteit van Zorg 5
Zorgtechnologie 3
Klinisch redeneren 11
Respiratie 10
Zuur-base evenwicht/inleiding beademing 5
Circulatie 10
Shock 5
Interventiecardiologie 2
Advanced Life Support 2
Neurologie 15
Exposure & Environment 5
Vochthuishouding 3
Pijn 5
Antibiotica en antibiotca stewardship programma 2
Oncologie 8
Bloed en stolling 4
Procedurele sedatie en analgesie 2
De immuun gecompromitteerde patiënt 2
Totaal toetsvragen 99
Week 37
Hoofdstuk 11 Respiratie (ademhaling)
11.2 functionele anatomie
Bovenste luchtwegen:
- transport van lucht
o Neusholte
o Mondholte
o Pharynx (keelholte)
o Larynx (strottenhoofd)
o Trachea (luchtpijp)
o Bronchi en bronchioli
Onderste luchtwegen
- Gasuitwisseling
1
, o Alveoli (longblaasjes)
o Eenlagig plaveiselepitheel
Longvolumia:
Inspiratie: inademing -> lucht van buiten via de luchtwegen naar de longblaasjes.
Expiratie: uitademing
TLC -> totale longcapaciteit = grootst mogelijk longvolume. 6 liter.
RV -> residuaal volume = volume na geforceerde expiratie.
VC -> vitale capaciteit = TLC – RV of TV + ERV + IRV (4500ml).
TV of Vt (tidal volume) -> volume normale ademteug (500ml).
ERV (expiratoir reserve volume)-> hoeveelheid lucht die men na een normale expiratie nog uit kan
blazen (1500ml) -> residuvolume.
IRV (inspiratoir reserve volume) -> hoeveelheid lucht die na een gewone inspiratie nog kan worden
ingeademd (3000ml).
FRC -> functionele residucapaciteit = volume long na normale expiratie ERV + RV
Functie slijmvliezen luchtwegen
Verwarmen, reinigen, bevochtigen
- Macroscopisch: trilhaarepitheel
- Microscopisch: afweercellen
Gastransport (O2 en CO2) alveoli (longblaasjes)
Uitwisseling door middel van diffusie op basis van concentratieverschil -> passief proces waarbij gas
van een hoger drukgebied naar een lager drukgebied stroomt tot het drukverschil is opgeheven.
PaO2 (arteriële zuurstofspanning) en PaCO2 (arteriële koolstofdioxidespanning) -> bloedgas.
Alveolaire ventilatie = ademminuutvolume – dode ruimte (Va= Ve – Vd)
Longen
Rechter long heeft 3 kwabben en links 2.
Na passieve expiratie: 2,5 liter lucht in longen (FRC). Longen hebben een negatieve druk (vacuüm
zuigen) zo blijven ze ontplooit. Bij maximale inspiratie 6 liter (TLC).
Pleura: wat grenst aan de longen; long vlies of pleura visceralis. Het gedeelte aan de buitenkant, dat
dus grenst aan de borstholte, heet borstvlies of pleura parietalis.
Zuurstofvoorziening longen
- Kleine bloedsomloop
- Arteria pulmonalis (longslagader; rechterkamer naar de longen)
o Zuurstof arm
Lage druk systeem (syst 30 mmHg)
2
, - Voorziening longen van zuurstof via
arteriae bronchialis
o Ontspringt uit de aorta
o 2% van circulatie
Compliantie (compliance) = rekbaarheid
- Maat voor elasticiteit en vermogen
tot uitzetting.
- Retractiekracht van de longen
o Elastische eigenschappen
longvezels
o Surfactant;
oppervlaktespanning alveoli -> voorkomt collaberen van longblaasjes na expiratie.
- Vormverandering: Volumetoename = Compliance van de longen.
- Lage compliance (stugge long): veel kracht nodig om longen te vullen en te legen.
- Hoge compliance (slappe long): weinig kracht nodig om longen te vullen en te legen.
- Eenheid = liter/ cm H2O
- Elasticiteit van de longen: om weer in oude vorm terug te keren na inspiratie.
- Retractiekracht van de longen: surfacant; oppervlaktespanningen alveoli. Voorkomt
collaberen van longblaasjes na expiratie.
Ademarbeid (work of breathing; WOB)
- Hoeveelheid energie die gebruikt wordt voor de ademhaling -> (12 x per minuut 500 ml)
- Normaliter 1 – 3 % van totale energieverbruik
- Bij pathologie (ziekte) tot 10% verhoogd (COPD)
- Bij pathofysiologie kan WOB oplopen en uitputting
van ademhalingsspieren veroorzaken.
o Toename luchtwegweerstand
o Afname compliantie longen (fibrose, ARDS,
pneumonie)
o Afname compliantie thoraxwand
(thoraxmisvormingen)
VQ verhouding (ventilatie (V); hoeveelheid buitenlucht de
alveoli bereikt en perfusie (Q); bloedtoevoer alveoli die
uitwisseling CO2 en O2 mede mogelijk maakt)
- Bij een lage V/Q verhouding: minder koolzuur uitgeademd
- Bij een hoge V/Q verhouding: verhoogde uitademing van koolzuur
Dode ruimte ventilatie
- Anatomisch: inhoud van luchtwegen
- Fysiologisch: ruimte in longen die niet deelneemt aan gasuitwisseling, komt niet in de alveoli
terecht. Geen bloed aanwezig voor ventilatie. Wel ventilatie -> geen perfusie.
- Instrumenteel: mondstuk en beademingsslang.
- Tegen over gestelde: shunting: wel perfusie -> minder / geen ventilatie, bloed stroomt door
de long zonder zuurstof op te nemen -> lage PaO2. Bij bv. een pneumonie, ARDS.
Ademhaling (aansturing via CZS)
- Ademhalingscyclus: Inademing, (pauze), uitademing
- Ademhalingsfrequentie; aantal ademhalingen per minuut
o Volwassenen 12 – 18 keer per minuut
3