Onderdeel Europees recht:
Wetgeving afkomstig uit de EU geldt in Nederland, dus relevant voor een jurist in opleiding
In de praktijk casussen met Europeesrechtelijke aspecten
Bijvoorbeeld over vrij verkeer van personen en naar aanleiding hiervan vragen over:
- Verblijfsrecht EU-burgers en hun familie
- Recht op sociale voorzieningen voor EU-burgers en hun familie
Wat moet je kunnen?
- Uitleggen wat internationale organisaties zijn en wat voor organisatie de EU is.
- Verschillende bronnen van Europees recht kunnen benoemen, herkennen en
uitleggen.
Kijkvragen:
- Reden oprichting EU? Tweede wereldoorlog, Europese eenheid, hoe zorgen we
ervoor dat zoiets nooit weer gebeurt.
- Supranationaal? Onder één organisatie.
- Welke naamswijzigingen en overige ontwikkelingen? Welke vraagstukken/
problemen spelen er nu? Europese overeenkomst van kolen en staal, EEG, Euratom,
Europese gemeenschappen: EG, Europese Unie. Bankencrisis, Syrische burgeroorlog,
brexit.
De EU in een internationale organisatie waarvan de voorlopers (EGKS, Euratom, EEG) zijn
opgericht na de Tweede Wereldoorlog:
- Oprichting door de lidstaten door het sluiten van verdragen
- Focus in eerste instantie op:
o Veiligheid
o Economische integratie
Daarna uitbreidingen/wijzigingen door middel van verdere verdragen totdat we de EU
hebben zoals deze nu is:
- Steeds meer lidstaten
- Meer bevoegdheden (niet meer, alleen economisch)
- Verandering van de structuur (bijv. meer bevoegdheden Europees Parlement)
- Naamswijzigingen (EEG-> EG -> EU)
- Nu gelden het Verdrag betreffende de Europese Unie (VUE) en het Verdrag
betreffende de Werking van de Europese Unie (VWEU)
Doelstellingen EU
Zie onder andere art. 2 en 3 VEU:
- Vrede en welzijn
- Vrijheid en veiligheid
- Interne markt
o Vrije markt
o Staatsteun
o Mededinging: eerlijke concurrentie
, - Monetaire unie
- Extern (mensenrechten)beleid
De EU heeft de bevoegdheden die in het VEU en VWEU staan
De EU kan deze gebruiken om de doelstellingen te realiseren
- Zie art. 5 lid 2 VEU (attributiebeginsel)
Soorten internationale organisaties
Er zijn verschillende soorten internationale organisaties:
- Gouvernementele organisaties
o Samenwerkingsverband tussen staten
o Bijvoorbeeld Europese Unie, Verenigde Naties
o Opgericht door het sluiten van een verdrag:
Onderhandelingen
Ondertekenen
Ratificatie: moet officieel worden bekrachtigd in een staat (parlement)
o Twee soorten gouvernementele organisaties:
Intergouvernementele organisaties
Supranationale organisaties
Intergouvernementele organisaties
Staten geven geen soevereiniteit op -> nationale regeringen hebben het voor het zeggen:
besluiten met eenparigheid van stemmen of niet-bindende besluiten
Andere kenmerken:
- Vaak een eenvoudige structuur
- Vaak beperkte bevoegdheden
- Uitvoering van besluiten door de landen zelf
Bijvoorbeeld: ITU, WGO, WHO
Supranationale organisaties
Staten dragen wel soevereiniteit over -> de organisatie kan haar wil opleggen aan de
lidstaten: bij meerderheidsbesluiten
Andere kenmerken:
- Complexe structuur
- Verregaande bevoegdheden
De Europese Unie is een supranationale organisatie
- Non-gouvernementele organisaties
o Een rechtspersoon opgericht door personen
o Bijvoorbeeld Amnesty International, Rode Kruis
Een casus waarbij het EU recht relevant kan zijn
, - Een Belgische moeder woont met haar kinderen in Nederland sinds 2015
- Zij heeft van 2015 tot 2016 een aantal kortlopende arbeidscontracten gehad
- Sindsdien is ze niet opnieuw aan het werk gekomen
- Aangezien ze vanwege een beperking ondersteuning nodig heeft vraagt ze WMO aan
o Vraag 1: Speelt Europees recht een rol?
o Vraag 2: Spelen hier meerdere bronnen van EU-recht een rol?
o Vraag 3: Wat zijn de belangrijkste van de bronnen?
Bronnen van Europees Recht:
- De verdragen en het Handvest (= primair EU recht)
- EU-regelgeving (= secundair EU recht)
- Algemene beginselen van Europees recht
- Jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie
Primair EU recht:
Bestaat uit de Verdragen en het Handvest van de Grondrechten van de EU
- De belangrijkste verdragen: VEU en VWEU
Komt tot stand doordat de lidstaten van de EU een verdrag sluiten (zie eerder besproken
theorie sluiten verdrag)
Het primair recht heeft bijvoorbeeld de volgende inhoud:
- Bevoegdheden:
o Bevoegdheden van de instellingen (art. 13 lid 1 VEU)
o Rechtsbasis voor nadere regelgeving
- Procedures (bijvoorbeeld hoe de Europese Commissie wordt benoemd)
- Materiële bepalingen = rechten en plichten van burgers
Voor de casus?
- Met name het verdragsartikel over het vrij verkeer van werknemers (art. 45 VWEU)
Secundair EU recht:
Het gaar hier onder meer om richtlijnen, verordeningen en besluiten (art. 288 VWEU)
Het secundaire recht wordt gemaakt door de instellingen van de EU volgens de
voorgeschreven wetgevingsprocedure
Het secundaire recht is een uitwerking van het primaire recht
- Verhouding met het primaire recht?
o Secundaire recht is meer specifiek
o Primaire recht is hoger in hiërarchie
Voor de casus?
- Met name:
o Richtlijn 2004/38 betreffende het recht van vrij verkeer en verblijf op het
grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun
familieleden