College 1 Geotechniek
Geotechniek: bouwen op, in of met de grond
- dijken, tunnels, bruggen, wegen, gebouwen
Fundering op staal: kracht van het gebouw direct naar de grond afdragen Op basis van
Fundering op palen: kracht wordt via de palen naar de grond afgedragen grondopbouw
Verschil:
Staal -> ondiepe fundatie
- Poer, strook en plaat
Palen -> diepe fundatie
- beton toegevoegd om paal rot te voorkomen (1945-1970)
- toepassen van lange palen als:
-> de zandkaag niet voldoende is
-> klei en veen laag gaat zetten, de constructie zakt dan mee
Een paal is een paal als deze langer is dan 3 meter of als de lengte groter is dan 5 x de diameter
Fouten bij fundering
Paal in stijve laag, altijd controleren door metingen/ onderzoek
Hoe minder aarde rondom het gebouw, hoe minder draagkracht het gebouw af kan geven
Wanneer er wordt opgehoogd zakt het gebouw mee
Fundering niet direct op maaiveld, want:
- lelijk, vorst, obstakel
Type grondsoorten in Nederland:
• Niet-samenhangende grondsoorten zand en grind (goed doorlaatbaar)
• Samenhangende grondsoorten klei en leem (slecht doorlaatbaar)
• Samenhangende organische grondsoorten veen
Goed samendrukbaar Goed waterdoorlatend Cohesie (samenhangend)
Klei + veen zand klei + veen
geen zand geen zand en klei geen zand
Grond opbouw
* grond onderzoek
- sonderingen
- boring (+monsters) bieden beter inzicht in opbouw van de grondlagen
monsters nemen materiaal beproeven nauwkeurige parameters
* geologie
- holoceen; mengelmoes
- pleistoceen; zand kenmerkend
- vele afzettingen door: rivieren, zee, landijs en wind
, Sondering
- conusweerstand in Mpa (1Pa = 1 N/m2)
- wrijvingsweerstand in Mpa (1Pa = 1 N/m2)
- waterspanning
- aflezen: je kijkt naar het wrijvingsgetal (%) en naar de conusweerstand
hoe hoger het wrijvingsgetal hoe meer je richting veen gaat. Deze waarden
gelden voor onder de grondwaterstand, erboven kan uitgedroogd zijn.
Voordelen sondering:
• relatief goedkoop
• snel visuele indruk
• continue beeld (dunne laagjes goed te onderscheiden)
• globale indeling grondlagen mogelijk
• tot grote diepte toepasbaar (50 a 100 m)
• objectief, dus geen menselijke invloed
• bepaling van parameters m.b.v. correlaties
Nadelen sondering:
• in grind onbetrouwbaar
• in gesteente niet mogelijk
• bepalen van de sterkte parameters in zeer slappe lagen niet nauwkeurig
-> boring is wel nauwkeurig
Globale vaststelling grondparameters op basis van sonderingen:
• Vaststelling indeling in lagen en grondsoort:
− conusweerstanden + wrijvingsgetal
• Vaststellen parameters:
− m.b.v. conusweerstanden en tabel 2.b uit de Eurocode
-> Eurocode 7: Geotechnisch ontwerp:
* NEN-EN 1997-1: Deel 1: Algemene regels
* NEN-EN 1997-2: Deel 2: Grondonderzoek en beproeving
Sterkte van de grond, parameters
φ’ = hoek van inwendige wrijving
hellingshoek waaronder droge grond (zonder cohesie) nog net niet instort uitgedrukt in graden
c’ = cohesie
samengang in kN/m2 en biedt weerstand tegen verschuiven
τ = schuifsterkte
σV = spanning in de ondergrond
τ = c’ + σ’V ∙ tan φ’
Links of rechts is afhankelijk van de situatie:
Links als je minder belasting hebt omdat de kleilaag kan zetten
De functie van het gebouw
Geotechniek: bouwen op, in of met de grond
- dijken, tunnels, bruggen, wegen, gebouwen
Fundering op staal: kracht van het gebouw direct naar de grond afdragen Op basis van
Fundering op palen: kracht wordt via de palen naar de grond afgedragen grondopbouw
Verschil:
Staal -> ondiepe fundatie
- Poer, strook en plaat
Palen -> diepe fundatie
- beton toegevoegd om paal rot te voorkomen (1945-1970)
- toepassen van lange palen als:
-> de zandkaag niet voldoende is
-> klei en veen laag gaat zetten, de constructie zakt dan mee
Een paal is een paal als deze langer is dan 3 meter of als de lengte groter is dan 5 x de diameter
Fouten bij fundering
Paal in stijve laag, altijd controleren door metingen/ onderzoek
Hoe minder aarde rondom het gebouw, hoe minder draagkracht het gebouw af kan geven
Wanneer er wordt opgehoogd zakt het gebouw mee
Fundering niet direct op maaiveld, want:
- lelijk, vorst, obstakel
Type grondsoorten in Nederland:
• Niet-samenhangende grondsoorten zand en grind (goed doorlaatbaar)
• Samenhangende grondsoorten klei en leem (slecht doorlaatbaar)
• Samenhangende organische grondsoorten veen
Goed samendrukbaar Goed waterdoorlatend Cohesie (samenhangend)
Klei + veen zand klei + veen
geen zand geen zand en klei geen zand
Grond opbouw
* grond onderzoek
- sonderingen
- boring (+monsters) bieden beter inzicht in opbouw van de grondlagen
monsters nemen materiaal beproeven nauwkeurige parameters
* geologie
- holoceen; mengelmoes
- pleistoceen; zand kenmerkend
- vele afzettingen door: rivieren, zee, landijs en wind
, Sondering
- conusweerstand in Mpa (1Pa = 1 N/m2)
- wrijvingsweerstand in Mpa (1Pa = 1 N/m2)
- waterspanning
- aflezen: je kijkt naar het wrijvingsgetal (%) en naar de conusweerstand
hoe hoger het wrijvingsgetal hoe meer je richting veen gaat. Deze waarden
gelden voor onder de grondwaterstand, erboven kan uitgedroogd zijn.
Voordelen sondering:
• relatief goedkoop
• snel visuele indruk
• continue beeld (dunne laagjes goed te onderscheiden)
• globale indeling grondlagen mogelijk
• tot grote diepte toepasbaar (50 a 100 m)
• objectief, dus geen menselijke invloed
• bepaling van parameters m.b.v. correlaties
Nadelen sondering:
• in grind onbetrouwbaar
• in gesteente niet mogelijk
• bepalen van de sterkte parameters in zeer slappe lagen niet nauwkeurig
-> boring is wel nauwkeurig
Globale vaststelling grondparameters op basis van sonderingen:
• Vaststelling indeling in lagen en grondsoort:
− conusweerstanden + wrijvingsgetal
• Vaststellen parameters:
− m.b.v. conusweerstanden en tabel 2.b uit de Eurocode
-> Eurocode 7: Geotechnisch ontwerp:
* NEN-EN 1997-1: Deel 1: Algemene regels
* NEN-EN 1997-2: Deel 2: Grondonderzoek en beproeving
Sterkte van de grond, parameters
φ’ = hoek van inwendige wrijving
hellingshoek waaronder droge grond (zonder cohesie) nog net niet instort uitgedrukt in graden
c’ = cohesie
samengang in kN/m2 en biedt weerstand tegen verschuiven
τ = schuifsterkte
σV = spanning in de ondergrond
τ = c’ + σ’V ∙ tan φ’
Links of rechts is afhankelijk van de situatie:
Links als je minder belasting hebt omdat de kleilaag kan zetten
De functie van het gebouw