Samenvatting hoorcolleges ontwikkelingspsychologie
DEEL 2
1
,Inhoudsopgave
HOORCOLLEGE 7 COGNITIEVE ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6 TOT 12JAAR)..........................................3
HOORCOLLEGE 8 SOCIALE EN PERSOONLIJKHEIDS-ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6-12jaar) (MORELE
ONTWIKKELING)............................................................................................................................................ 5
HOORCOLLEGE 10 hersenontwikkeling in de adolescentie (neurobiologie)....................................................10
HOORCOLLEGE 11 Cognitieve en emotionele ontwikkeling in de adolescentie + Psychoseksuele ontwikkeling
in de adolescentie........................................................................................................................................ 12
2
, HOORCOLLEGE 7 COGNITIEVE ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6 TOT
12JAAR)
Pedagoog stelt waarom vragen, gaat discussie aan
Piaget en Vygotsky
- Piagets fasen van cognitieve ontwikkeling
1. Sensomotorisch fasen (0-2 jaar) Weinig tot geen vermogen om dingen
symbolisch weer te geven. (Leren door ervaren.
2. Pre-operationeel denken (2-7 jaar) Ontwikkeling van taal en symbolisch denken;
egocentrisch denken. Zonder het letterlijk ervaren snappen. Smiley staat voor
goed gedaan. Ring staat voor huwelijk.
3. Concreet operationeel (7-12 jaar) Kinderen kunnen vooruitdenken, verder
denken dan jij verteld hebt. Begrip van conservatie (kwantiteit staat los van hoe
iets eruit ziet, biedt basis voor zelfreflectie) en transformatie (dingen kunnen
veranderen), vermogen tot reversibiliteit (dingen terug kunnen zetten, iets gaat
stuk en kind snapt niet dat dat gemaakt kan worden) en decentreren. (Het kind
leert om omgevingsfactoren in beschouwing te nemen) = Vader loopt binnen is
boos, dat ziet kind, maar een kind van 7 jaar kan daar omheen (verder) kijken,
waarom is hij boos, waar komt hij vandaan, hij is laatste tijd vaker boos. Conclusie
trekken.
4. Formeel operationeel (>12 jaar) Ontwikkeling van logisch en abstract denken.
Piaget onderschat kinderen.
Kanttekeningen van de fasetheorie van Piaget
- Kinderen passen minder stelselmatig in Piagets stadia.
- Cultuurgebonden: Geen universele beschrijving.
- Rol instructie en ervaring (alles gaat vanzelf)
Vygotsky en de zone van naaste ontwikkeling.
De zone van naaste ontwikkeling waarbij kinderen dingen
net niet alleen kunnen. Net boven hun niveau. Goede zone
om in te zitten, kinderen leren daar het meeste van.
Didactiek o.a.
Samenwerkend leren en rolwisselend leren. Scaffolding =
breed begrip voor van een bepaalde afstand leren
ondersteunen. Langs de kant aanmoedigen. (Denk aan
voetbal)
Belangrijke ontwikkelingen in de schooltijd
- Technische taalontwikkeling
1. Woordenschat
2. Grammatica
3. Intonatie (Vragende of stellende zinnen)
4. Wederkerigheid (luisteren naar elkaar)
3
DEEL 2
1
,Inhoudsopgave
HOORCOLLEGE 7 COGNITIEVE ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6 TOT 12JAAR)..........................................3
HOORCOLLEGE 8 SOCIALE EN PERSOONLIJKHEIDS-ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6-12jaar) (MORELE
ONTWIKKELING)............................................................................................................................................ 5
HOORCOLLEGE 10 hersenontwikkeling in de adolescentie (neurobiologie)....................................................10
HOORCOLLEGE 11 Cognitieve en emotionele ontwikkeling in de adolescentie + Psychoseksuele ontwikkeling
in de adolescentie........................................................................................................................................ 12
2
, HOORCOLLEGE 7 COGNITIEVE ONTWIKKELING IN DE SCHOOLTIJD (6 TOT
12JAAR)
Pedagoog stelt waarom vragen, gaat discussie aan
Piaget en Vygotsky
- Piagets fasen van cognitieve ontwikkeling
1. Sensomotorisch fasen (0-2 jaar) Weinig tot geen vermogen om dingen
symbolisch weer te geven. (Leren door ervaren.
2. Pre-operationeel denken (2-7 jaar) Ontwikkeling van taal en symbolisch denken;
egocentrisch denken. Zonder het letterlijk ervaren snappen. Smiley staat voor
goed gedaan. Ring staat voor huwelijk.
3. Concreet operationeel (7-12 jaar) Kinderen kunnen vooruitdenken, verder
denken dan jij verteld hebt. Begrip van conservatie (kwantiteit staat los van hoe
iets eruit ziet, biedt basis voor zelfreflectie) en transformatie (dingen kunnen
veranderen), vermogen tot reversibiliteit (dingen terug kunnen zetten, iets gaat
stuk en kind snapt niet dat dat gemaakt kan worden) en decentreren. (Het kind
leert om omgevingsfactoren in beschouwing te nemen) = Vader loopt binnen is
boos, dat ziet kind, maar een kind van 7 jaar kan daar omheen (verder) kijken,
waarom is hij boos, waar komt hij vandaan, hij is laatste tijd vaker boos. Conclusie
trekken.
4. Formeel operationeel (>12 jaar) Ontwikkeling van logisch en abstract denken.
Piaget onderschat kinderen.
Kanttekeningen van de fasetheorie van Piaget
- Kinderen passen minder stelselmatig in Piagets stadia.
- Cultuurgebonden: Geen universele beschrijving.
- Rol instructie en ervaring (alles gaat vanzelf)
Vygotsky en de zone van naaste ontwikkeling.
De zone van naaste ontwikkeling waarbij kinderen dingen
net niet alleen kunnen. Net boven hun niveau. Goede zone
om in te zitten, kinderen leren daar het meeste van.
Didactiek o.a.
Samenwerkend leren en rolwisselend leren. Scaffolding =
breed begrip voor van een bepaalde afstand leren
ondersteunen. Langs de kant aanmoedigen. (Denk aan
voetbal)
Belangrijke ontwikkelingen in de schooltijd
- Technische taalontwikkeling
1. Woordenschat
2. Grammatica
3. Intonatie (Vragende of stellende zinnen)
4. Wederkerigheid (luisteren naar elkaar)
3