2015
Week 1: Organisatie en taken van het Openbaar Ministerie
Het OM heeft het vervolgingsmonopolie en is daardoor de spil in de
strafrechtsketen.
Het OM kampt met capaciteitsproblemen en hierdoor blijven strafzaken
liggen. Alle aandacht gaat uit naar de grotere zaken.
Er heerst organisatorische chaos, mede door:
o Herziening gerechtelijke kaart
o Reorganisaties
o Bezuinigingen
Er is (volgens de rekenkamer) veel ongewenste uitstroom (in 2012 verdwijnen
800.000 zaken):
o Hoge sepotcijfers
o Blijven liggen van zeken in eerste aanleg
o ‘Verdwijnen’ van zaken na eerste aanleg
o Problemen bij de executie
Om dit te verbeteren is het volgende in gang gezet (brief van de minister):
o Ongewenste uitstroom verminderd
o Digitalisering informatie uitwisseling
o Verkorting doorlooptijden (ZSM, snelrecht)
o Herstructurering Wetboek van Strafrecht
Sepots zijn zonde, want dan gooi je eigenlijk politiewerk weg
Corstens: belangrijke affaires (LIBOR) mogen niet buitengerechtelijk worden
afgedaan (schikking), maar moeten aan de rechter worden voorgelegd.
Vanuit rechtsstatelijk oogpunt heeft hij gelijk, maar dan belast je de hele
strafrechtsketen wel extra met lastige zaken.
Wettelijke organisatie
Geen hiërarchische verhouding: het is een platte organisatie. Alleen het
Parket-Generaal (waaronder het College van Procureurs-Generaal valt) staat
erboven
Politieke afhankelijkheid (art. 127 RO): de minister van Veiligheid en Justitie is
verantwoordelijk voor het OM
o Algemene aanwijzingen: over het hele beleid
o Bijzondere aanwijzingen: de minister mag zich dus op detailniveau
bezighouden met één strafzaak (kan doen of nalaten inhouden)
Instrumenten College:
o Aanwijzingen
o Instructies (interne beleidsregels)
o Richtlijnen
o Beleidsplannen
Functionele organisatie van het OM
Het hangt van de aard van de zaak af bij welk parket een zaak terecht komt
o Productie: CVOM
o Interventie: Strafbeschikking, transactie of dagvaarden bij de
politierechter (AP)
o Onderzoek: Recherche capaciteit (AP of FP(economisch))
1
, o Ondermijning (= vermenging van de onderwereld met de bovenwereld.
Criminelen worden gefaciliteerd door mensen in de ‘witte’ wereld):
Landelijk parket
o Hoger beroep: Ressortsparket
Taken
Hoofdtaak: strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde (opsporing,
vervolging, executie)
Andere taken: faillissementswetgeving, wet BOPZ, rechtspersonenrecht…
Vervolgingsmonopolie
o Uitholling: bestuurlijke boetes, bestuurlijke strafbeschikking (beperkt tot
geldboete die tariefmatig is bepaald)
o Als andere instanties ook mogen dagvaarden krijg je versnippering en dit
leidt tot onevenwichtigheid: iedereen zal zijn eigen feiten belangrijker
vinden en je krijgt ook minder eenheid
Opportuniteitsbeginsel (art. 167-2 Sv)
o Beknibbeling: bestuurlijke strafbeschikking
o Tot 1926: legaliteitsbeginsel (plicht tot vervolging)
Niet haalbaar: capaciteitsproblemen en dan alles moeten opsporen en
vervolgen
Je dient de maatschappij er niet mee: je kunt geen rationele keuzes
meer maken. Straf is niet altijd de oplossing voor een probleem
o Tot 1970: negatief opportuniteitsbeginsel: het is een uitzondering op de
vervolgingsplicht (haalbare zaak moet in principe vervolgd worden)
o Tot 1985: positief opportuniteitbeginsel: dient strafvervolging het
algemeen belang?
o Na 1985: primaat van de politiek
OM bepaalt de inzet van het geding: grondslag is namelijk de tenlastelegging
(grondslagleer). Bij het legaliteitsbeginsel bepaalt de rechter aan de hand van
feiten welke delicten het oplevert.
Beleid
Baanbrekend beleidsplan jaren ’80: Samenleving en criminaliteit
Beleidsthema’s
o Georganiseerde criminaliteit
o High impact crime: tegenwoordig alle misdrijven waar een slachtoffer bij
is
o Financieel-economische criminaliteit
o Cybercrime: dit is erg ingewikkeld en door de internationale dimensie
ongrijpbaar
Programmatische aanpak: probleemoplossingsgericht, bijvoorbeeld
Veiligheidshuizen
Week 2: Strafrechtelijk beleid
Magistratelijke attitude: de officier van justitie moet ervoor waken dat de
integriteit van de strafrechtspleging en de rechtsorde niet in het geding komt.
Je waakt ervoor dat de rechten van de verdachte worden gewaarborgd.
Rechtsbescherming, ook van de individuele verdachte
o Bescherming van de samenleving tegen criminaliteit
o Bescherming individuele positie van de verdachte
Het OM is als het ware een bestuursorgaan, maar het verschil is de atitude
waarmee beslissingen worden genomen. Die is bij het OM magistratelijk. Voor
2