Verbandleer
Letsel
Trauma is een letsel van menselijke weefsels en organen, t.g.v. de transfer van energie vanuit de
omgeving. Letsels worden veroorzaakt door een energievorm die de tolerantiegrens van het lichaam
overschrijdt. De impact op het menselijk lichaam hangt af van het type krachten die aangewend
worden:
- Interne krachten
- Karakteristieken van de betrokken anatomische structuren
- Letselpatroon
Verbanden:
Wonddekverbanden: worden gebruikt om bij een (dreigende) uitwendige wond contaminatie van de
wond of de omgeving te voorkomen. Het verband bestaat uit 3 lagen:
1. Een wondbedekkende, vochtdoorlatendelaag, die steriel is of een antisepticum bevat.
2. Absorberende kern.
3. Een vochtafsluitende en/of fixerende laag (zwachtel, pleister of een elastisch fixatie
netverband).
Wonddrukverbanden: zijn varianten van wonddekverbanden. Ze worden toegepast bij uitwendige
wonden met veneuze of arteriële bloeding. Het verband bestaat uit 4 lagen:
1. Een wondbedekkende laag.
2. Een absorberende laag.
3. Voorwerp ter grootte van de wond.
4. Een vochtafsluitende en/of fixerende laag waarmee onderlagen stevig tegen de wond
worden aangedrukt.
Drukverbanden: worden gebruikt bij inwendige verwondingen om een zwelling ten gevolge van het
bloedverlies te voorkomen, dan wel te beperken. Het verband bestaat uit 2 lagen:
1. Drukverdelende laag (polstering).
2. Een zwachtel (onelastisch ofwel elastisch).
Steun- en immobiliserende verbanden: worden gebruikt indien een lichaamsdeel gesteund en niet
of slechts beperkt gebruikt kan worden. Hierdoor wordt de wondgenezing bevorderd, voorbeelden:
- Mitella
- Collar ‘n’ cuff
- Gipsverband
- Bandages
Aandachtspunten voor en tijdens het aanleggen van een verband:
- Informeer de patiënt over het doel van het verband.
- Leg alle materialen klaar die je van plan bent te gebruiken.
- Hanteer goede handhygiëne.
- Laat de patiënt in een ontspannen houding zitten of liggen.
- Neem zelf een juiste positie in, met rechte rug.
Letsel
Trauma is een letsel van menselijke weefsels en organen, t.g.v. de transfer van energie vanuit de
omgeving. Letsels worden veroorzaakt door een energievorm die de tolerantiegrens van het lichaam
overschrijdt. De impact op het menselijk lichaam hangt af van het type krachten die aangewend
worden:
- Interne krachten
- Karakteristieken van de betrokken anatomische structuren
- Letselpatroon
Verbanden:
Wonddekverbanden: worden gebruikt om bij een (dreigende) uitwendige wond contaminatie van de
wond of de omgeving te voorkomen. Het verband bestaat uit 3 lagen:
1. Een wondbedekkende, vochtdoorlatendelaag, die steriel is of een antisepticum bevat.
2. Absorberende kern.
3. Een vochtafsluitende en/of fixerende laag (zwachtel, pleister of een elastisch fixatie
netverband).
Wonddrukverbanden: zijn varianten van wonddekverbanden. Ze worden toegepast bij uitwendige
wonden met veneuze of arteriële bloeding. Het verband bestaat uit 4 lagen:
1. Een wondbedekkende laag.
2. Een absorberende laag.
3. Voorwerp ter grootte van de wond.
4. Een vochtafsluitende en/of fixerende laag waarmee onderlagen stevig tegen de wond
worden aangedrukt.
Drukverbanden: worden gebruikt bij inwendige verwondingen om een zwelling ten gevolge van het
bloedverlies te voorkomen, dan wel te beperken. Het verband bestaat uit 2 lagen:
1. Drukverdelende laag (polstering).
2. Een zwachtel (onelastisch ofwel elastisch).
Steun- en immobiliserende verbanden: worden gebruikt indien een lichaamsdeel gesteund en niet
of slechts beperkt gebruikt kan worden. Hierdoor wordt de wondgenezing bevorderd, voorbeelden:
- Mitella
- Collar ‘n’ cuff
- Gipsverband
- Bandages
Aandachtspunten voor en tijdens het aanleggen van een verband:
- Informeer de patiënt over het doel van het verband.
- Leg alle materialen klaar die je van plan bent te gebruiken.
- Hanteer goede handhygiëne.
- Laat de patiënt in een ontspannen houding zitten of liggen.
- Neem zelf een juiste positie in, met rechte rug.