De Osiriscode van deze toets is: GLO-3AB-IPKIN-21
Bij perceptieve slechthorendheid ligt het probleem in het binnenoor, in de gehoorzenuw of in de
hersenen. Door beschadiging van de cellen in het slakkenhuis (cochlea) worden geluiden minder
goed en/of vervormd waargenomen.
Geleidingsverlies of conductief verlies wordt veroorzaakt door problemen in het buitenoor of het
middenoor. Het kan ontstaan door iets simpels als oorsmeer dat de gehoorgang blokkeert.
Gehoor
- Buitenoor: oorschelp en gehoorgang
- Middenoor: trommelvlies, buis van eustachius, malleus (hamer), incus (aambeeld), stapes
(stijgbeugel)
- Binnenoor (labyrynt): foramen ovale (ovaal venster) , evenwichtsorgaan, cochlea
(slakkenhuis), gehoorzenuw
Orgaan van corti (interpreteren van de golven)
Gehoorverlies:
1. Conductief/ geleidingsverlies (prikkelgeleidingsverlies)
a. Overdracht van geluidsgolven worden ergens gehinderd wordt, waardoor het niet of
in mindere maten aankomt in de cochlea
b. Voorbeeld: oorsmeerprop (cerumenprop), ontsteking v/h middenoor, orosclerose
(extra botgroei rondom de stapes)
2. Perceptief verlies (sensorineuraal gehoorsverlies)
a. Gevolg van afwijkingen aan de zenuwen van het labyrint (binnenoor) of
gehoorzenuw, waardoor de trillingen wel aankomen in het binnenoor maar ze
kunnen niet meer omgezet worden naar een actiepotentiaal.
, b. Schade aan de haarcellen, bijv. ouderdom (presbyacusis), aangeboren oorzaken.
Otitis media acuta acute middenoor ontsteking
Presbyacusis ouderdomsslechthorendheid, de kortste haartjes verdwijnen eerst dus de hoge tonen
worden niet meer gehoord. Dit breidt uit.
F.I. LG beste oor Ernstcategorie (Lamoré (2010)
-10 t/m 15 dB HL Normaal gehoor
16 t/m 40 dB HL Licht gehoorverlies
41 t/m 55 dB HL Matig gehoorverlies
56 t/m 70 dB HL Ernstig gehoorverlies
71 t/m 90 dB HL Zeer ernstig gehoorverlies
Meer dan 90 dB HL doof
Diagnostiek- hoor ontwikkeling
LittlEars auditieve vragenlijst
- Vorm: vragenlijst voor ouders (35 vragen)
- Score: ja/nee
- Doelgroep: kinderen met hoorleeftijd tot 24 maanden
o Hoorleeftijd: Periode dat je gehoord hebt of hoort.
MAIS (meaningful auditory integration Scale)
- Doel: auditieve perceptie
- Vorm: observatielijst voor ouders (10 vragen)
- Score: 5 puntschaal van 0= nooit – 4 = altijd
- Kort na implantatie
- Zelf evaluatie
CAP (categories of Auditory performance)
- Doel: auditieve perceptie
- Vorm: observatielijst voor ‘’iedereen’’ (ouders of leerkracht)
- Globaal
- Classificatie
LIP (listening process profile)
- Doel: auditieve perceptie
- Vorm: observatielijst dooe de logopedist
- Score: nooit (0), soms (1), altijd (2)
- Alledaagse situaties
- Ling klanken (aa, ah, ie, ee, oe, oo, sj, sh,
m)
, (gehoor) Diagnose
- Omschrijving kind en leeftijd
- Diagnose op stoornisniveau
o Aard (geleidingsverlies, perceptief verlies (cochleair of retro cochleair)
o Ernst (F.I.)
o Vorm (vlak, hoge tonenverlies?)
o Symmetrie (allebei de oren gelijk of anders)
Neem ook de gegevens van het spraakaudiogram mee (opschuiving van de SRT,
maximale discriminatie score, kijken of het kind iets hoort bij 65 dB)
- Diagnose op activiteiten niveau:
o Zenden/ taalproductie
o Ontvangen/ taalbegrip
Denk aan NL, NmG, NGT (gebarentaal)
Beschrijf evt. verschil met en zonder hulpmiddelen
- Diagnose op participatie niveau
o Beschrijf ook het functioneren van het kind t.o.v. de diagnose op stoornisniveau
o Invloed van persoonlijke en externe factoren
o Denk bij externe factoren ook aan extra hulpmiddelen zoals solo-app
Diagnose TOS - Stoornisniveau
- Aard:
o receptief-expressieve of expressieve stoornis
o taalaspecten
- Ernst:
o lichte, matige of ernstige stoornis
Onderbouwing:
- onderbouwen diagnose met testgegevens
- Richtlijn TOS aanbeveling 3a & 3b
Diagnose TOS formulering
P. heeft een (ernst) receptief/expressieve TOS die zich uit in de taalvorm/taalinhoud/taalgebruik.
Bij spraak-taalproblematiek:
- Hoe is de verstaanbaarheid
- Welke klanken beheerst?
o FAN-analyse (jaar 1)
- Welke syllabestructuren beheerst?
o FAN-analyse/Metaphononderzoek (jaar 1)
- Hoe is de ontwikkeling van fonologisch en fonemisch bewustzijn
o Toetspakket Beginnende geletterdheid
o Kleutertesten Anneke Smits
- Welke relatie is er tussen fonologie en morfo-syntaxis
o Vervoegingen van bijv. werkwoorden
- Welke relatie is er tussen fonologie en lees-schrijfstoornissen