Inhoudsopgave
Leerdoelen week 1 2
Hoorcollege 1 4
Hoorcollege 2 11
Extra informatie 17
Hoorcollege 3 20
Hoorcollege 4 25
Hoorcollege 5 30
Hoorcollege 6 35
Hoorcollege 7 42
Hoorcollege 8 47
Hoorcollege 9 53
Hoorcollege 10 60
Hoorcollege 11 64
Hoorcollege 12 69
Overig72
1
,Leerdoelen week 1
Verschillende basis statistieken (zoals gemiddelde, correlatie, covariantie,
standaarddeviatie, variantie, z- score, kans en conditionele kans) kunnen
interpreteren en weten hoe en wanneer deze kunnen worden toegepast
Gemiddelde:
o Alle aantal getallen opgeteld en gedeeld door het aantal getallen
o Kan worden weergegeven met: µ, m, of mu
Correlatie:
o Samenhang tussen twee grootheden
Covariantie:
o Parameter die bij twee gemeten variabelen aangeeft in welke mate de
beide toevalsvariabelen (lineair) met elkaar samenhangen
Standaarddeviatie:
o Standaardafwijking
o Is een maat voor de spreiding van een variabele of van een verdeling of
populatie
o De wortel van de variantie, wordt weergegeven met σ (eigenlijk logisch
wanneer je de volgende formule bekijkt: √σ2 = σ). Standaarddeviatie
kan daarnaast ook worden weergegeven met s of SD
Variantie:
o Een maat voor de spreiding van een reeks waarden
o Vaak lastig te interpreteren
o Weergegeven met: σ2 of s2 of var()
Z-score:
o Een z-score geeft aan hoeveel standaarddeviaties een observatie van
het gemiddelde af zit. Je krijgt dus je plek ten opzichte van het
gemiddelde, uitgedrukt in een standaard maat. Dit heeft als voordeel
dat je direct kunt zien hoe goed iemand scoort ten opzichte van de rest.
o Formule: z = (score – gemiddelde) / sd
Kans:
o In de context van kansrekening wordt het kiezen van een bepaalde
antwoordoptie op een vragenlijst een ‘gebeurtenis’ genoemd. Het
invullen van antwoord 1 is een specifieke uitkomst van die gebeurtenis
en het invullen van antwoord 2 is een andere specifieke uitkomst van
die gebeurtenis. Als een respondent slechts één antwoordoptie mag
kiezen (i.p.v. meerdere opties), dan sluiten de verschillende uitkomsten
elkaar uit.
o In dat geval van elkaar uitsluitende gebeurtenissen is de som van de
kansen op alle mogelijke uitkomsten noodzakelijkerwijs gelijk aan 1.
o Formule: het aantal geobserveerde 0 antwoorden / totaal aantal
antwoorden
Conditionele kans:
2
, o De kans in een bepaalde omstandigheid (gegeven een voorwaarde of
conditie)
Begrijpen wat een latente variabele is welke specifieke complicaties zich
voordoen bij meten van latente variabelen in vergelijking met niet-latente
variabelen
Latente variabele: psychologische variabelen (constructen) zijn “latente
variabelen” of “latente trekken” = niet observeerbaar
Latente variabelen worden gemeten met items die wel meetbaar zijn, hierdoor
ontstaat er een error want de relatie is nooit 1-op-1
We hebben psychologische theorie, causaliteit, statistiek en een grafische
weergave van de relatie tussen observeerbare variabelen en de latente
psychologische variabelen (pad diagram) nodig
Weten wat psychometrie is, hoe het is ontstaan en wat in de psychometrie de
rollen zijn van theorie, causaliteit en statistiek
Psychometrie: de wetenschap die zich bezighoudt met de technieken van het
meten van psychologische fenomenen
Theorie:
o Wat zijn de relevante variabelen, wat stellen ze voor?
o Wat zijn relevante observeerbare variabelen?
Causaliteit:
o De latente variabele zijn van causale invloed op de items
o De errors zijn van causale invloed op de items
Statistiek:
o Relatie tussen latente en geobserveerde variabelen
Regressie model (lineaire en logistische regressie)
Correlatie: samenhang tussen variabelen, Pearson product
moment correlatiecoëfficiënt (correlatie matrix)
3
, Hoorcollege 1:
Inleiding
Meten in psychologie: wat is het “probleem’?
Wat is psychometrie?
Wat zijn hierin de rollen van…
o Theorie
o Causaliteit
o Statistiek
Meten in de psychologie
Weten wat psychometrie is, hoe het is ontstaan en wat in de psychometrie de rollen
zijn van theorie, causaliteit en statistiek
Een definitie van meten in de psychologie:
o Meten is het – volgens regels – toekennen van symbolen (numerals)
aan individuen zodat de symbolen de psychologische eigenschap van
het individu weergeeft
Toekenning gaat aan de hand van een test procedure
o Bijv. het afnemen van een vragenlijst
Psychometrie: de wetenschap van de eigenschappen van psychologische test
(niet per se een “paper and pencil” vragenlijst)
o Psychometrie (evaluatie van kenmerken van tests) is niet beperkt tot
zelf-rapportage tests / vragenlijst
o Intelligentie
o Reactietijden
o Piagets stadia: conservation task
Meten:
Begrijpen wat een latente variabele is en welke specifieke complicaties zich voordoen
bij het meten van latente variabelen in vergelijking met niet-latente variabelen
Eigenschap: gewicht
Procedure: staat op weegschaal
Uitkomst: gewicht in Kg
Eigenschap: extraversie
Procedure: vragenlijst items beantwoorden “ik ga graag naar feestjes”
(ja: 0 / nee: 1)
Uitkomst: 0/1 score op de items, en totaal scores op de test
Verschil tussen meten gewicht en (bijv.) extraversie:
o Psychologische variabelen (constructen) zijn “latente variabelen” of
“latente trekken” = niet observeerbaar
Het meten van psychological variabelen gaat a.d.h.v. de meting van
observeerbaar gedrag
4