Arbeidsmarkt:
Alle vraag naar en het aanbod van arbeid
Abstracte markt: niet tastbaar, geen producten, maar diensten
Samenkomst van werkgevers en werkzoekenden
‘Het totaal van ruil- en onderhandelingsprocessen dat plaatsvindt tussen vragers en
aanbieders van arbeidsvermogen en de daarmee samenhangende regels en institutionele
arrangementen, waardoor zowel de allocatie als de prijsvorming van arbeid tot stand komt.’
Spanning op arbeidsmarkt: hoeveel mensen zijn er beschikbaar vs hoeveel vacatures zijn er?
Wie zijn er actief op de arbeidsmarkt?
1. De overheid: stimuleren economie, bepalen regels/wetten
Creëren van een gunstige economische situatie
Samenwerken met sociale partners: vakbonden, werkgeverpartijen,
werknemerspartijen
Wet- en regelgeving
2. Werkgevers
Creëren de vraag naar arbeid
Bezetten en onbezette arbeidsplaatsen
3. Beroepsbevolking
Aanbod van de arbeidsmarkt
a. Werkend
b. Niet-werkend: ‘huismoeders’
*Zie schema beroepsbevolking: kennen voor tentamen
4. Intermediairs: uitzendbureaus, tussenpersonen
Dienstverleners
o Uitzendbureaus
o Re-integratiebureaus
o Nog veel meer, zie H2
‘De marktkraam’ uitzendbureau opbellen en vragen of er personeel is
Hoe werkt de arbeidsmarkt?
1. Neoklassieke theorie
Vraag en aanbod
o Vraag: vacature is vraag naar arbeid
o Aanbod: arbeider
Loon = prijs van arbeid
Stijgt de prijs? Wat gebeurt er met de vraag? Wat gebeurt er met het aanbod?
Daalt de prijs? Wat gebeurt er met de vraag? Wat gebeurt er met het aanbod?
Marktwerking
, Menselijk kapitaal (Human Capital) (Menselijke arbeid = geld waard)
Sociaal kapitaal (Effectieve interactie = geld waard)
Cultureel kapitaal (Vaardigheden, aanzien, sociale privileges = geld waard)
Moreel kapitaal (Normen en waarden vanuit beroep = geld waard)
Loonstructuur minimumloon een goed idee?
2. Neo-institutionele benadering
Staat tegenover de neoklassieke benadering:
Markt werkt niet of anders dan de neoklassieken aannemen.
Redenen:
Non-competing groups
o Advocaat vs gastarbeiders
‘Ondoordringbare schotten’ tussen de segmenten van de markt:
o Intern/extern
o Outsiders/insiders
o Hoogopgeleid/laagopgeleid
o Sectoren
o Regios
Flexibele bemanningsstrategie van bedrijven
o Bedrijfstijd langer dan arbeidstijd
Labour hoarding in tijden van arbeidsschaarste
Sociale uitsluiting op de interne bedrijfsmarkt
Statische discriminatie
o Selectief groepen uitsluiten
3. Keynesiaanse theorie
Individu vs maatschappij
Grote rol overheid: anticyclisch beleid op de conjunctuur bepaalt de werking van de
arbeidsmarkt
Neerwaartse verdringing
Laagconjunctuur Effectieve vraag niet hoog genoeg waardoor productiecapaciteit
onvoldoende wordt benut en dus de werkgelegenheid daalt.
Hoogconjunctuur Effectieve vraag heel hoog, waardoor productiecapaciteit
omhoog moet, waardoor de werkgelegenheid stijgt.
Waardoor wordt het aantal banen beïnvloed? (Tentamenvraag)
1. Arbeidsproductiviteit Creatieve destructie en sterkere concurrentiepositie
2. Loonniveau Wat het minimumloon nou goed of niet?
3. Onderwijs
4. Wettelijke regels en bezuinigingen
Kunnen we voorspellen hoe het op de arbeidsmarkt zal gaan? (Tentamenvraag)
Indicatoren (o.a.)
o Aantal faillissementen
o Aantal uitzenduren
, o Aantal beschikbare vacatures
o Het arbeidsvolume
Wat brengt de toekomst?
Flexibilisering neemt steeds meer toe
Verdere afname potentiële beroepsbevolking
Ontstaan van krapte Zie PowerPoint