Taal in de 21e eeuw :
Vraag van in de les :
Wat verwacht jij van dit vak? Wat wil je leren?
Leren over hoe je de spelling leert aan kinderen, hoe je een kind leert
lezen, enz.
Taal Altijd aanwezig in kinderen hun leven
Hoe? Door de vier vaardigheden
Lezen
Luisteren en spreken
Schrijven
Taalbeschouwing1
Kan je voorbeelden koppelen van de teksten van Leon en Hayat aan de
vaardigheden?
Lezen Luisteren en Schrijven Taalbeschouwi
spreken ng
Boek Interview Huiswerk Zinsleer
Boodschappenlij Boekbespreking Vragen Woordleer
st Karrewiet kijken interview
Vraagstuk … Uitnodiging …
… …
Taal heeft veel functies, welke?
Conceptualiserende functie :
→ Benoemen van zaken en zo grip krijgen op de wereld
→ Bv. Leon zoekt de verschillen tussen zijn tijd en die van de
grootouders
Communicatieve functie :
→ Geven van betekenis aan de werkelijkheid en verbondenheid
creëren
→ Bv. Leon vertelt een verhaal aan zijn broer over eenhoorns
Expressieve functie :
→ Met taal geef je uitdrukking aan je eigen emoties
→ Bv. Hayat is blij wanneer oma opneemt, zo weet ze dat alles
goed gaat met haar
Sociale functie :
→ Met taal behoor je al dan niet tot een sociale groep
→ Bv. Hayat creëert een band door te praten met Myriam
Wat betekent taalcompetentie?
1
= Nadenken over taal
1
,Geheel van talige kennis, vaardigheden en attitudes die nodig zijn om
geschreven, gesproken en multimodale teksten te begrijpen, te evalueren
en te gebruiken zodat :
1. Volwaardige deelname aan de samenleving mogelijk wordt
2. De eigen doelen gerealiseerd kunnen worden
3. De eigen kennis en mogelijkheden levenslang en duurzaam
ontwikkeld worden
Wat is het verschil tussen ontwikkelingsdoelen en eindtermen?
Streefdoelen aan het einde van de kleuterschool
Minimumdoelen aan het einde
van de lagere school
Taalonderwijs in de 21e eeuw :
De zeven principes
Hb p 402-403 voor
kijkwijzer
Principe 1:
Taalkrachtig onderwijs stimuleert een positieve talige
grondhouding
Basisprincipe voor de volgende zes principes
Zie kader
Taalontwikkeling stimuleren
Rekening houden met motivatie en sociaal-emotionele factoren van
kinderen
Toch is er een samenspel nodig
1. Veilige oefencontext bieden :
→ Ruimte om te experimenteren met taal
→ Fouten mogen maken
→ Bv. Juf Isha laat de leerlingen in kleine groepen experimenteren
met taal
2. Het talige repertoire van leerlingen omarmen :
2
, → Elk kind wordt aanvaard
→ Appreciëren wat ze al kunnen en elk kind op zijn niveau iets
bijleren
→ Bv. Juf Isha laat de jongen die niet graag in groep werkt in een
duo werken
3. Hoge verwachtingen koesteren :
→ Leraren moeten geloven in de leerlingen en zij moeten dit voelen
→ Leerlingen worden zo uitgedaagd
→ Bv. Juf Isha laat de leerlingen zelfstandig een tekst verwerken
Principe 2 : Zie kader
Taalkrachtig onderwijs is contextrijk
Hoe kan taal betekenis krijgen door contexten?
Inspelen op interesses en leefwereld van kinderen
→ Iets op economisch vlak interesseert hun niet, hun games wel
Je vertrekt vanuit concrete materialen, vragen, … verbind je met
abstracte inhouden
→ Zorgt voor herkenbaarheid en uitdaging
Zorg voor visuele ondersteuning of ervaringen + Rijk taalaanbod
en ondersteuning
→ Afbeeldingen gebruiken of echte situaties delen
→ Vaktaal gebruiken die hun nieuwe woorden leert
Link leggen met gemeenschappelijke voorkennis
→ Terugblikken op wat ze al weten en hierop inspelen
Ken je een voorbeeld?
→ Je gaat sneller leren fietsen door het te doen dan door de theorie te
kennen
Principe 3 :
Taalkrachtig onderwijs is functioneel
Taal functioneel inzetten Om doelen te bereiken
Middel om betekenisvolle zaken op te lossen Zie kader
Als leerkracht hou je het talige doel voor ogen
Wat zijn de voordelen van dit principe?
1. Functioneel doel verhoogt de motivatie en betrokkenheid
2. Functionaliteit zorgt voor uitdaging, waarbij ze hun grenzen
verleggen en zo leren
Ken je een voorbeeld?
→ Leerlingen mogen zelf een Nieuwjaarsbrief schrijven
Principe 4 : Zie kader
3
, Taalkrachtis onderwijs is (inter)actief :
Leerlingen leren veel van elkaar Wat moet je doen om taal te
verwerven?
→ Taalaanbod2
→ Reageren3
→ Feedback4
Je hebt op verschillende momenten en in verschillende contexten tijd om
taal te leren
(Interactieve klaspraktijk)
Welke twee soorten interacties bestaan er?
1. Leeraar-leerlinginteractie :
→ Kwaliteitsvolle input (Persoonlijk taalaanbod) + Feedback =
Ondersteuning
→ Taalstimulerend reageren
Verrijken, verbreden en verbeteren
Hoe? Denkstimulerende vragen, opinievragen, …
2. Leerling-leerlinginteractie :
→ Functionele interacties plannen Homogeen5 of
heterogeen6
Principe 5 :
Taalkrachtig onderwijs geeft ondersteuning :
Hoe?
→ Ondersteuning terwijl de leerling leest, spreekt, schrijft of luistert
→ Differentiëren
→ Individuele en klassikale ondersteuning
Zie kader
Welke combinatie moet er gemaakt worden?
Feedback :
→ Beschrijving van de huidige stand van zaken
Feed-up :
→ Beschrijving van de gewenste leeruitkomst
Feedforward :
→ Beschrijving van de stap die nodig is om het gewenste resultaat
te hebben
Wat is scaffolding?
→ De juiste hoeveelheid ondersteuning om de leerlingen een stap hoger
te brengen
2
= De leerlingen nieuwe zaken meegeven
3
= In gesprek gaan met elkaar
4
= Zeggen wat ze al goed doen en waar ze nog wat aan moeten werken
5
= Alleen
6
= In groep met mensen van verschillende niveaus
4