moleculen
Triglyceriden zijn vetzuren die samen zijn gekomen en dit kennen we van de celmembraan.
Cholesterolesters zitten in de lipoproteïnen.
Het enige wat vetzuren en cholesterol met elkaar gemeen hebben zijn hun hydrofobe
eigenschappen.
Belang van eiwit-lipidering
● Hedgehog-eiwitten
○ Rol in ontwikkeling ⇒ hormoon wordt voor uitzending in de cel eerst
post-translationeel gemodificeerd = dubbel gelipideerd ⇒ uitzending en
herkenning door receptoren
○ Stoornis embryogenese schapen ⇒ cyclopisme
■ Door moeder die gegraasd heeft op een veld met cyclopamine =
teratogene stof
Membraanlipiden en triglyceriden
● Laatste gemeenschappelijke voorloper = fosfatidaat
● CDP-diacylglycerol
○ Ontstaat uit fusie van fosfatidaat en CTP
○ Hieruit ⇒ fosfatidylserine
■ Hieruit fosfatidylethanolamine (decarboxylatie)
● Hieruit fosfatidylcholine methylering door SAM)
1
, Synthese van fosfatidylcholine
● Via de novo synthese
○ uit CDP-diacylglycerol
● Via salvage weg
○ Hergebruiken van
choline die vrij komt
uit afgebroken
membranen/voedingscholine
○ Metabool omzetten tot CDP-choline waar diacylglycerol wordt aan
toegevoegd
● Belangrijk onderdeel van surfactans
○ Zeer dunne monomoleculaire laag ⇒ polaire koppen en apolaire staarten
○ In alveoli: polaire koppen maken contact met de waterlaag en apolaire
staarten met lucht ⇒ vormgeving longblaasje, zorgt ervoor dat deze niet
dichtklappen
■ Type 1 alveolaire cel maakt deze laag
○ Type 2 alveolaire cel ⇒ secretie surfactanseiwitten in waterlaag
= antimicrobiële bescherming
○ Geen surfactans of lecithine ⇒ risico op dichtklappen
■ Druk waterlaag is hoger dan luchtlaag in alveoli ⇒ nog
geen probleem wanneer foetus in de buik zit want
omgeven door ammnionvocht maar vanaf het moment
men zelfstandig begint te ademen geeft dit atelectase
● Respiratory Distress Syndrome
○ Vaak probleem bij premature baby’s =
nog niet genoeg lecithine ⇒ men moet
oppervlaktespanning door een overdruk
in de longen te reguleren of als dit niet werkt kan men
ook surfactant eiwitten kunstmatig toedienen in longen
Synthese van sfingolipiden
● Bevatten sfingosine
○ Gemaakt door
serine en
palmitoyl-CoA te
verbinden met
elkaar, gevolgd
door twee redoxreacties, waarbij NADPH en FAD wordt verbuikt
2