Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Leerdoelen Europees Publiekrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
28
Geüpload op
09-01-2022
Geschreven in
2018/2019

Samenvatting van de leerdoelen van Europees Publiekrecht

Voorbeeld van de inhoud

Leerdoelen publiekrecht EU-recht

Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1................................................................................................................................................... 3
De student kan de begrippen intergouvernementeel en supranationaal uitleggen............................................3
De student kan uitleggen wat staatssoevereiniteit is en hoe deze kan worden beperkt.....................................4
De student kan uiteenzetten wat de doelstellingen van de Europese Unie zijn...................................................4
De student kan uitleggen wat het begrip interne markt inhoudt........................................................................5
De student kan het gelijkheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel uitleggen..............................................6

Hoofdstuk 2................................................................................................................................................... 6
De student kan uitleggen welke rol de Europese Raad speelt binnen de EU; daarbij kan de student aangeven
wat de taken en bevoegdheden zijn van deze instelling......................................................................................6
De student kan uitleggen welke rol de Raad van de Europese Unie speelt binnen de EU; daarbij kan de
student aangeven wat de taken en bevoegdheden zijn van deze instelling........................................................7
De student kan uitleggen welke rol de Europese Commissie speelt binnen de EU; daarbij kan de student
aangeven wat de taken en bevoegdheden zijn van deze instelling.....................................................................7
De student kan uitleggen welke rol het Europees Parlement speelt binnen de EU; daarbij kan de student
aangeven wat de taken en bevoegdheden zijn van deze instelling.....................................................................8
De student kan uitleggen welke rol het Hof speelt binnen de EU; daarbij kan de student aangeven wat de
taken en bevoegdheden zijn van deze instelling..................................................................................................9
De student kan uitleggen welke rol de nationale rechter speelt bij het toepassen van het Europees recht.......9
De student kan kort uiteenzetten wat het doel en de mogelijkheden zijn van de prejudiciële procedure en de
verdragsschendingsprocedure..............................................................................................................................9
De student kan kort uiteenzetten hoe de gewone wetgevingsprocedure verloopt en welke rol de instellingen
en de nationale parlementen hierin spelen........................................................................................................10

Hoofdstuk 3................................................................................................................................................. 10
De student kent de kenmerken van de verschillende vormen van Europees recht en kan uitleggen wat het
verschil is tussen deze vormen.......................................................................................................................10
De student kan het beginsel van wederzijdse erkenning uitleggen en het belang ervan toelichten.................12
De student kan uitleggen wat de begrippen direct werking en voorrang (JP HvJEU: Van Gend en Loos en
Costa/ENEL) inhouden........................................................................................................................................12
De student kan het verschil tussen horizontale en verticale directe werking uitleggen....................................13
De student kent de criteria met betrekking tot directie werking van de verschillende vormen van Europese
regelgeving, MAAR voorbeeld 3.10 en 3.11 (JP HvJEU: Wells en Kücükdeveci) en het leerstuk ‘horizontaal
effect’ (p. 86 en 87) ≠ verplicht!..........................................................................................................................13
De student kan de criteria van staatsaansprakelijkheid uitleggen....................................................................14

Hoofstuk 4................................................................................................................................................... 14
De student kan de begrippen vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal uitleggen; de student
kan daarbij aangeven wat de specifieke kenmerken zijn van deze begrippen en onderscheid maken tussen de
verschillende onderdelen van het vrij verkeer....................................................................................................14

, De student kan uitleggen hoe vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal met elkaar
samenhangen.....................................................................................................................................................16
De student kan het begrip ‘grensoverschrijdend aspect’ uitleggen en herkennen of er sprake van is in een
casus...................................................................................................................................................................16
De student kan het discriminatieverbod uitleggen, waarbij de student onderscheid kan maken tussen directe
en indirecte discriminatie; de student kan beargumenteren of het verbod is geschonden...............................16
De student kan onderscheid maken tussen het discriminatieverbod en het belemmeringsverbod..................17
De student kan beargumenteren of het belemmeringsverbod is geschonden..................................................17
De student kan de verdragsuitzonderingen op het verbod van belemmering van het vrij verkeer uitleggen en
toepassen, en daarbij de aanvullende voorwaarden toepassen........................................................................17
De student kan uiteenzetten wat de rule of reason inhoudt en deze uitzonderingsmogelijkheid toepassen. De
student kan daarbij de aanvullende voorwaarden toepassen...........................................................................18

Hoofdstuk 5................................................................................................................................................. 18
De student kan aangeven wat het onderscheid is tussen tarifaire en non-tarifaire maatregelen....................18
De student kan de voorwaarden van artikel 34 VWEU uitleggen en toepassen................................................19
De student kan uitleggen dat artikel 34 VWEU niet alleen een discriminatie-, maar ook een
belemmeringsverbod inhoudt............................................................................................................................20
De student kan de mogelijkheden van artikel 36 VWEU en de rule of reason (cassis-de-dijon) uitleggen en de
voorwaarden ervan toepassen...........................................................................................................................20

Hoofdstuk 6................................................................................................................................................. 20
De student kan uitleggen wat het begrip EU-burger inhoudt en aangeven welke rechten eraan zijn
verbonden; de student kan daarbij kort uiteenzetten wat in het algemeen het belang is van de introductie
van het EU-burgerschap voor burgers in de EU..................................................................................................20
De student kan onderscheid maken tussen economisch actieve en inactieve EU-burgers; de student kan
daarbij aangeven welke personen onder beide categorieën vallen...................................................................21
De student kan het Europeesrechtelijke begrip ‘werknemer’ uitleggen en toepassen......................................21
De student kan uitleggen wanneer er op grond van Europees recht sprake is van een zelfstandige; en kent de
rechten die Richtlijn 2004/38/EG geeft aan EU-burgers....................................................................................22
De student kan uitleggen wat het begrip derdelander inhoudt.........................................................................22
De student kan een toelichting geven op de verdragsuitzonderingen op het gebied van het vrij verkeer van
personen, te weten de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en het openbaar gezag en
rule of reason; de student kan daarbij kort toelichten onder welke omstandigheden een beroep op elk van
deze uitzonderingsmogelijkheden gerechtvaardigd is.......................................................................................22

Hoofdstuk 7................................................................................................................................................. 23
De student kan art. 56 VWEU uitleggen en toepassen......................................................................................23
De student kan aangeven wanneer er binnen het vrij verkeer van vestiging en diensten sprake is van een
grensoverschrijdend aspect................................................................................................................................23
De student kan de verdragsuitzonderingen op het vrij verkeer van vestiging en diensten uitleggen,
onderscheiden en toepassen..............................................................................................................................23
De student kan de rule of reason toepassen op het vrij verkeer van vestiging en diensten..............................24



2

, De student kan de reikwijdte, verplichtingen en uitzonderingen van de Dienstenrichtlijn toelichten en
grotendeels toepassen (van vestiging en diensten)...........................................................................................24

Hoofstuk 8................................................................................................................................................... 25
De student kan het begrip concurrentie uitleggen en herkennen wanneer de concurrentie wordt belemmerd.
............................................................................................................................................................................25
De student kan het Europeesrechtelijke begrip ‘onderneming’ uitleggen en toepassen...................................26
De student kan de voorwaarden van art. 107 lid 1 VWEU toelichten en toepassen.........................................26
De student kan in kaart brengen wat de uitzonderingsmogelijkheden op art. 107 VWEU zijn en de
voorwaarden hiervan toepassen........................................................................................................................26
De student kan uitleggen wat de gevolgen zijn van het geven van met het verdrag strijdige staatssteun......27
De student kan de procedure voor het aanvragen van toestemming aan de Europese Commissie voor het
geven van staatssteun uitleggen........................................................................................................................27

Hoofdstuk 10............................................................................................................................................... 27
De student kan de voorwaarden van artikel 106 VWEU toelichten...................................................................27
De student kan het begrip ‘dienst van algemeen economisch belang’ uitleggen en aangeven wanneer de
overheid een dergelijke dienst mag inzetten......................................................................................................27




Hoofdstuk 1
De student kan de begrippen intergouvernementeel en supranationaal uitleggen.
Een samenwerkingsverband tussen staten wordt een gouvernementele organisatie
genoemd. De oprichting van zo’n organisatie gebeurt in een verdrag; in dat verdrag
vermelden de lidstaten de doelstellingen en de middelen die de organisatie heeft. Een


3

Documentinformatie

Geüpload op
9 januari 2022
Aantal pagina's
28
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING
€6,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
meikevegter

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
meikevegter Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
6
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
5
Documenten
4
Laatst verkocht
4 maanden geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen