Deeltentamen 1: Kennistoets
32 vragen over verpleegkunde:
- Verpleegkundig redeneren – methodisch werken
- De geschiedenis van verpleegkunde
- Beroepsprofiel: CanMedsrollen
- Mantelzorg
- Gezondheid-ziekte
- Financiële en wettelijke regelingen
24 vragen over communicatieve vaardigheden:
- Communicatie
- Analyse van het gesprek
- Actief luisteren
- Het anamnese gesprek
- Het probleem verhelderend gesprek
24 vragen over verpleegtechnische vaardigheden:
- Hygiënisch van patiënt naar patiënt
- Handen wassen, handen desinfecteren, kruisinfecties voorkomen
- Tiltechnieken
- Persoonlijke verzorging
- Observatietechnieken
- Medicatieverstrekking
- Het aanbrengen van oog-/oordruppels
- Toedienen van neusspray
- Inhalatie
- Zuurstof toedienen
40 vragen over Anatomie/Fysiologie:
- Topografie over het menselijk lichaam
- Celleer
- Wondgenezing/fractuurleer
- Fysiologische reacties bij angst
- Ademhaling (COPD)
- Hart en circulatie
- Algemene farmacologie
, Verpleegkunde:
- Verpleegkundig redeneren = dat je denkt vanuit de kennis die je hebt als
verpleegkundige om er zo achter te komen wat het verpleegkundig probleem is.
methodisch werken= werken volgens een stappenplan/schema
- De geschiedenis van verpleegkunde
- Beroepsprofiel: CanMedsrollen
1. De zorgverlener, de belangrijkste rol. Je brengt in kaart welke problemen en vragen
de patiënt heeft. En welke verpleegkundige zorg daar het beste bij past.
2. De communicator. Je onderzoekt hier welke informatie je patiënt nodig heeft in zijn
of haar ziekteproces. Je houdt hier rekening met begripsniveau, taalbeheersing, en
culturele achtergrond.
3. De samenwerkingspartner. Je werkt nooit alleen dus zorg ervoor dat alle partijen de
juiste informatie hebben, zodat de zorg optimaal kan worden uitgevoerd.
4. De reflectieve EBP-professional. Het is van belang dat je altijd opzoek bent naar de
best beschikbare onderbouwing voor je handelen: Evidence-based Practice. En die
ook toepast in de praktijk. Je leert eigenlijk je leven lang.
5. De gezondheidsbevorderaar. Als verpleegkundige ben je meer bezig met het
bevorderen van de gezondheid in plaats van genezen. Je beïnvloedt de leefstijl en het
gezond gedrag van de burgers en patiënten.
6. De organisator. Waar je ook werkt je hebt altijd een coördinerende rol. Je beslist
over de zorg die je je patiënten verleent.
7. De professional en kwaliteitsbevorderaar. Je zorgt er altijd voor dat de zorg die je
verleent past binnen de wet- en regelgeving. Je onderzoekt of de zorg die je verleent
aan de eisen voldoet en zo nodig verbetert.
- Mantelzorg
- Gezondheid-ziekte
- Financiële en wettelijke regelingen
1. Wet langdurige zorg
2. Wet maat. Ondersteuning
3. Zorgverzekeringswet
4. Persoonsgebonden budget
Wet langdurige zorg
- Wanneer mensen de hele dag toezicht/zorg nodig heeft (alles wat daarbij komt
kijken)
- vb. dement
- Hierbij is de overheid verantwoordelijk, niet de gemeente
Wet maatschappelijke ondersteuning
- Ondergebracht bij de gemeente iedere gemeente kan kijken naar de inwoners en
bepaalt wat zijn inwoners nodig hebben qua zorg
- Begeleiding en dagbesteding
- Ondersteuning om de mantelzorger tijdelijk te ontlasten
32 vragen over verpleegkunde:
- Verpleegkundig redeneren – methodisch werken
- De geschiedenis van verpleegkunde
- Beroepsprofiel: CanMedsrollen
- Mantelzorg
- Gezondheid-ziekte
- Financiële en wettelijke regelingen
24 vragen over communicatieve vaardigheden:
- Communicatie
- Analyse van het gesprek
- Actief luisteren
- Het anamnese gesprek
- Het probleem verhelderend gesprek
24 vragen over verpleegtechnische vaardigheden:
- Hygiënisch van patiënt naar patiënt
- Handen wassen, handen desinfecteren, kruisinfecties voorkomen
- Tiltechnieken
- Persoonlijke verzorging
- Observatietechnieken
- Medicatieverstrekking
- Het aanbrengen van oog-/oordruppels
- Toedienen van neusspray
- Inhalatie
- Zuurstof toedienen
40 vragen over Anatomie/Fysiologie:
- Topografie over het menselijk lichaam
- Celleer
- Wondgenezing/fractuurleer
- Fysiologische reacties bij angst
- Ademhaling (COPD)
- Hart en circulatie
- Algemene farmacologie
, Verpleegkunde:
- Verpleegkundig redeneren = dat je denkt vanuit de kennis die je hebt als
verpleegkundige om er zo achter te komen wat het verpleegkundig probleem is.
methodisch werken= werken volgens een stappenplan/schema
- De geschiedenis van verpleegkunde
- Beroepsprofiel: CanMedsrollen
1. De zorgverlener, de belangrijkste rol. Je brengt in kaart welke problemen en vragen
de patiënt heeft. En welke verpleegkundige zorg daar het beste bij past.
2. De communicator. Je onderzoekt hier welke informatie je patiënt nodig heeft in zijn
of haar ziekteproces. Je houdt hier rekening met begripsniveau, taalbeheersing, en
culturele achtergrond.
3. De samenwerkingspartner. Je werkt nooit alleen dus zorg ervoor dat alle partijen de
juiste informatie hebben, zodat de zorg optimaal kan worden uitgevoerd.
4. De reflectieve EBP-professional. Het is van belang dat je altijd opzoek bent naar de
best beschikbare onderbouwing voor je handelen: Evidence-based Practice. En die
ook toepast in de praktijk. Je leert eigenlijk je leven lang.
5. De gezondheidsbevorderaar. Als verpleegkundige ben je meer bezig met het
bevorderen van de gezondheid in plaats van genezen. Je beïnvloedt de leefstijl en het
gezond gedrag van de burgers en patiënten.
6. De organisator. Waar je ook werkt je hebt altijd een coördinerende rol. Je beslist
over de zorg die je je patiënten verleent.
7. De professional en kwaliteitsbevorderaar. Je zorgt er altijd voor dat de zorg die je
verleent past binnen de wet- en regelgeving. Je onderzoekt of de zorg die je verleent
aan de eisen voldoet en zo nodig verbetert.
- Mantelzorg
- Gezondheid-ziekte
- Financiële en wettelijke regelingen
1. Wet langdurige zorg
2. Wet maat. Ondersteuning
3. Zorgverzekeringswet
4. Persoonsgebonden budget
Wet langdurige zorg
- Wanneer mensen de hele dag toezicht/zorg nodig heeft (alles wat daarbij komt
kijken)
- vb. dement
- Hierbij is de overheid verantwoordelijk, niet de gemeente
Wet maatschappelijke ondersteuning
- Ondergebracht bij de gemeente iedere gemeente kan kijken naar de inwoners en
bepaalt wat zijn inwoners nodig hebben qua zorg
- Begeleiding en dagbesteding
- Ondersteuning om de mantelzorger tijdelijk te ontlasten