Hoorcollege 1A: Maatschappelijke invloeden op opvoeden
Superdiversiteit:
- Veelheid aan dimensies
- Onderlinge interacties en veranderingen
- Creolisering: het overnemen van dingen uit andere culturen
Bijvoorbeeld: nieuwe woorden leren uit andere talen
Intersectionaliteit of kruispuntdenken
Kruispuntdenken houdt in dat je mensen ziet en tegemoet treedt
als individuen die bij meerdere sociale categorieën tegelijk horen.
Verschillen waar iedereen mee te maken heeft in het contact met de
ander. Het kruispuntdenken wordt ook geassocieerd met het beeld
van een caleidoscoop. Instersectionaliteit verwijst naar de
intersecties (kruisingen) van de verschillende maatschappelijke
ordeningsprincipes die gelijktijdig en met elkaar verweven zijn in
het snijpunt (diversiteitscirkel).
Voorbeeld een Turkse, rijke, hetero, moslimman.
De ordeningsprincipes structureren of geven richting aan de manier waarop de
samenleving is georganiseerd. Zij worden daarom maatschappelijke
ordeningsprincipes genoemd die werkzaam zijn op verschillende niveaus:
1. Persoonlijk niveau
2. Symbolisch niveau
3. Institutioneel (maatschappelijk) niveau
Wat betekent dit voor de pedagoog?
Verschillende factoren waar je rekening mee moet houden.
De diversiteitscirkel helpt je om
Belang van maatwerk
Rekening houden met het idee dat mensen niet
De machtsvraag stellen
Kenmerken van armoede
- Relatief
- Meerdimensionaal
- Gradueel
- Tijdsduur
Verschillende oorzaken van Armoede
Microniveau
- Ontoereikend kapitaal
o Economisch, sociaal en cultureel
Mesoniveau
- Sociale perceptie
- Toegankelijkheid van publieke goederen en diensten
o Bekendheid, bereikbaarheid, betaalbaarheid, beschikbaarheid,
begrijpbaarheid en betrouwbaarheid
Macroniveau
Typen kapitaal (Bourdieu’s veld):
- Demografische ontwikkelingen
- Economisch kapitaal: geld en dingen die in geld uit te drukken zijn
- Scholing en arbeidsmarkt
- Opvang, hulp en zorg
- Cultuur t.o.v. armen