aan zet!?
MENINGEN OVER HET GEDIFFERENTIEERD INZETTEN VAN
VERPLEEGKUNDIGEN
Ellen Dijkstra
NAAM CURSUS: AFSTUDEEERONDERWIJS
AANTAL WOORDEN SAMENVATTING: 300
AANTAL WOORDEN TOTAAL VERSLAG: 3946 INLEVERDATUM: 27 MEI 2021
,Samenvatting
In de praktijk doen mbo-, inservice- en hbo-opgeleide verpleegkundigen dezelfde
werkzaamheden. Omdat de zorgvraag complexer wordt, was het volgens de
minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport nodig om meer onderscheid in
werkzaamheden aan te brengen. Er zou voor de hbo-verpleegkundigen een
nieuwe functie gecreëerd moeten worden: de regieverpleegkundige. Mbo-
verpleegkundigen, inservice-verpleegkundigen en hbo’ers die vóór 2012 hun
diploma hebben gehaald kunnen zich niet zomaar herregistreren als
regieverpleegkundige en vallen in de overgangsregeling. Er is veel kritiek
gekomen en uiteindelijk is besloten dat de werkgevers zelf kunnen inventariseren
op welke manier verpleegkundigen gedifferentieerd ingezet kunnen worden.
Het doel van het onderzoek is om de meningen van verpleegkundigen uit
te vragen over functiedifferentiatie. De hoofdvraag van dit onderzoek luidt: ‘Wat
zijn de meningen van inservice- en hbo-verpleegkundigen van de afdeling
interne, chirurgie, urologie en gynaecologie (AB2) van het Antonius ziekenhuis in
Sneek ten aanzien van functiedifferentiatie, wat betreft de eigen functie en de
verschillen tussen de functies?’
Om antwoord te kunnen geven op de hoofdvraag is een kwalitatief
onderzoek uitgevoerd waarbij acht verpleegkundigen van afdeling AB2 zijn
geïnterviewd. Uit de interviews blijkt dat de verpleegkundigen het belangrijk
vinden om hun mening te geven over het gehele (besluitvormings)proces. Een
toekomstige regieverpleegkundige moet een coördinerende rol krijgen en taken
uitvoeren waar verpleegkundigen geen tot weinig tijd voor hebben.
De belangrijkste conclusie van dit onderzoek is dat differentiëren op
afdelingen wenselijk is maar dat verpleegkundigen in het hele
(besluitvormings)proces meegenomen moeten worden. Tevens moet er gekeken
worden naar de individuele verpleegkundige en moet duidelijk zijn wat
differentiëren oplevert voor de patiënten. Advies is dat er gekeken wordt op
welke manier er een brug tussen de verpleegkundigen en het hoofd geslagen kan
worden en dat er naast de kwaliteiten van de individuele verpleegkundige ook
gekeken moet worden naar de specifieke afdeling en de behoefte van die
afdeling.
1
, Inhoudsopgave
Samenvatting................................................................................................1
Inleiding........................................................................................................ 3
Doelstelling..................................................................................................................... 4
Vraagstelling................................................................................................................... 5
Methode........................................................................................................ 5
Ethische aspecten omtrent het uitvoeren van onderzoek...............................................6
Resultaten..................................................................................................... 7
Verscheidenheid............................................................................................................. 7
Meningen........................................................................................................................ 8
Functieprofiel regieverpleegkundige...............................................................................9
Toekomst...................................................................................................................... 11
Discussie..................................................................................................... 12
Conclusie..................................................................................................... 14
Advies......................................................................................................... 14
Referenties.................................................................................................. 15
Bijlagen....................................................................................................... 17
Bijlage 1: Literatuurstrategie........................................................................................17
Bijlage 2: Reflectie en samenwerking...........................................................................19
Bijlage 3: Beoordeling van de opdrachtgever...............................................................20
Bijlage 4: Checklist zorgvuldigheid persoonsgebonden data........................................21
Bijlage 5: Codeboom..................................................................................................... 22
2