Welke spoedprocedures bestaan er, welke procedureregels gelden daarvoor en welke
vorderingen kunnen in spoedprocedures worden ingesteld?
Kort geding
Het KG wordt gevoerd voor een alleensprekende rechter (voorzieningenrechter) art 50 RO of
kantonrechter. Het leidt tot een beslissing die in zin voorlopig is dat het rechtsgeschil er niet
door wordt beëindigd. Het vonnis heeft het doel om de tijd te overbruggen die ermee
gemoeid zal zijn voordat in de tussen dezelfde partijen over dezelfde zaak bij de gewone
rechter te voeren procedure vonnis zal zijn gewezen.
Eisen:
- Art 256 Rv zaak moet geschikt zijn om in KG te worden beslist (ongeschikt als er
onvoldoende zicht is inzicht kan worden verkregen in de feiten en als gevolgen van
eventuele beslissing onvoldoende zijn)
- Art 254 Rv spoedeisend belang
- Alleen voorziening bij voorraad kunnen worden uitgesproken (zuiver declaratore niet
want KG kan alleen een vovo worden gegeven en wordt de rechterverhouding tussen
partijen niet definitief vastgesteld. constitutieve niet want KG brengt niet de vereiste
definitieve wijziging van de rechtstoestand teweeg).
- Onherstelbare gevolgen
Beoordeling kort gedingrechter: de beslissing is een afweging van de belangen. KGrechter
kan wachten tot er een beslissing is genomen in de bodemzaak. Als er al een beslissing inde
bodemzaak is genomen, dan moet de KGrechter zijn vonnis daar op afstemmen
(afstemmingsregel).
Bevoegdheid rechter: absolute bevoegdheid art 254 Rv, als eenmaal een spoedeisend belang
is gesteld, geen beperkingen. Relatieve bevoegdheid van KGrechter is niet in de wet
geregeld. Moet aan de KGrechter bij de rb die volgens art 99 e.v. Rv van het geschil zou
moeten kennisnemen, dan wel aan die ter plaatse waar de gevraagde voorziening moet
worden getroffen.
Proces is gericht op flexibele procesvoering en spoedige en efficiënte afdoeningen an geschil
tussen partijen. Volg regels art 254 – 259 Rv over proces-voering. Algemene beginselen
moeten gewaarborgd zijn. Het KG pleegt op een afzonderlijke zitting te worden behandeld.
De gedaagde moet worden opgeroepen per dagvaarding die aan alle gebruikelijke eisen
moet voldoen incl. motiverings- en bewijsaandraagplicht van art 111 lid 3 en ook info over
verschijnen en griffierecht. Voor uitbrengen dagvaarding gelden voorgeschreven
minimumtermijnen, maar als de toepasselijke termijn niet kan worden gehaald, impliceert
de dagbepaling van de kortgedingrechter het verlof om op een kortere termijn te
dagvaarden (art 117). Tot uitroeping van de zaak bij aanvang van de mondelinge behandling
kan de eiser de zaak intrekken. Bij de procedure voor de voorzieningenrechter van de
adeling iviel recht geldt het vereisere van de verplichte vertegenwoordigin, zij het alleen
voor de eiser (art 255 lid 1 en 2 Rv). Voor het KG bij de kantonrechter gelden in dit opzicht
geen bijzondere voorschriften. Uitgangspunt is dat in KG geen schriftelijke
conclusiewisselingen plaatsvindt. De fromel regels van bewijsrecht zijn niet van toepassing.
De rechter in KG is vrij in zijn oordeel of voldoende gesteld is en of de feiten voldnee
vaststaan voor het al of niet teowijze nva nde gevorderde voorziening(en). Informanten
zouden wel kunnen worden gehoord. De KG rechter kan zij nvonnis ook ambtshalve
1
vorderingen kunnen in spoedprocedures worden ingesteld?
Kort geding
Het KG wordt gevoerd voor een alleensprekende rechter (voorzieningenrechter) art 50 RO of
kantonrechter. Het leidt tot een beslissing die in zin voorlopig is dat het rechtsgeschil er niet
door wordt beëindigd. Het vonnis heeft het doel om de tijd te overbruggen die ermee
gemoeid zal zijn voordat in de tussen dezelfde partijen over dezelfde zaak bij de gewone
rechter te voeren procedure vonnis zal zijn gewezen.
Eisen:
- Art 256 Rv zaak moet geschikt zijn om in KG te worden beslist (ongeschikt als er
onvoldoende zicht is inzicht kan worden verkregen in de feiten en als gevolgen van
eventuele beslissing onvoldoende zijn)
- Art 254 Rv spoedeisend belang
- Alleen voorziening bij voorraad kunnen worden uitgesproken (zuiver declaratore niet
want KG kan alleen een vovo worden gegeven en wordt de rechterverhouding tussen
partijen niet definitief vastgesteld. constitutieve niet want KG brengt niet de vereiste
definitieve wijziging van de rechtstoestand teweeg).
- Onherstelbare gevolgen
Beoordeling kort gedingrechter: de beslissing is een afweging van de belangen. KGrechter
kan wachten tot er een beslissing is genomen in de bodemzaak. Als er al een beslissing inde
bodemzaak is genomen, dan moet de KGrechter zijn vonnis daar op afstemmen
(afstemmingsregel).
Bevoegdheid rechter: absolute bevoegdheid art 254 Rv, als eenmaal een spoedeisend belang
is gesteld, geen beperkingen. Relatieve bevoegdheid van KGrechter is niet in de wet
geregeld. Moet aan de KGrechter bij de rb die volgens art 99 e.v. Rv van het geschil zou
moeten kennisnemen, dan wel aan die ter plaatse waar de gevraagde voorziening moet
worden getroffen.
Proces is gericht op flexibele procesvoering en spoedige en efficiënte afdoeningen an geschil
tussen partijen. Volg regels art 254 – 259 Rv over proces-voering. Algemene beginselen
moeten gewaarborgd zijn. Het KG pleegt op een afzonderlijke zitting te worden behandeld.
De gedaagde moet worden opgeroepen per dagvaarding die aan alle gebruikelijke eisen
moet voldoen incl. motiverings- en bewijsaandraagplicht van art 111 lid 3 en ook info over
verschijnen en griffierecht. Voor uitbrengen dagvaarding gelden voorgeschreven
minimumtermijnen, maar als de toepasselijke termijn niet kan worden gehaald, impliceert
de dagbepaling van de kortgedingrechter het verlof om op een kortere termijn te
dagvaarden (art 117). Tot uitroeping van de zaak bij aanvang van de mondelinge behandling
kan de eiser de zaak intrekken. Bij de procedure voor de voorzieningenrechter van de
adeling iviel recht geldt het vereisere van de verplichte vertegenwoordigin, zij het alleen
voor de eiser (art 255 lid 1 en 2 Rv). Voor het KG bij de kantonrechter gelden in dit opzicht
geen bijzondere voorschriften. Uitgangspunt is dat in KG geen schriftelijke
conclusiewisselingen plaatsvindt. De fromel regels van bewijsrecht zijn niet van toepassing.
De rechter in KG is vrij in zijn oordeel of voldoende gesteld is en of de feiten voldnee
vaststaan voor het al of niet teowijze nva nde gevorderde voorziening(en). Informanten
zouden wel kunnen worden gehoord. De KG rechter kan zij nvonnis ook ambtshalve
1