Bouwkunde IPD – NVWNIVO
9-4-2022
1
,Hoofdstuk 1. Wonen, woonvormen, regelgeving en bouwmethoden.
Het werk van de makelaar is het begeleiden en adviseren van de potentiële koper of huurder.
Ook dient de makelaar te kunnen beoordelen of door aanpassingen/verbouwingen aan de wensen
van de cliënten tegemoet kan worden gekomen.
Voor nieuwbouw woningen moet een gebouw voldoen aan de bouw-en woon technische prestatie
eisen uit de bepalingen van het bouwbesluit en de wet algemene bepalingen omgevingsrecht
(WABO)
Voor andere gebouwen en bouwwerken zijn dat de gebruik technische prestatie-eisen.
Een rooilijn is de grens tussen de openbare weg en de aangrenzende eigendommen, hetzij privé of
van de overheid.
Arbeidswoningen – gebouwd door werkgevers voor hun werknemers. Huur werd met loon
verrekend.
Woningwet
In principe voor elke bouwactiviteit een omgevingsvergunning nodig (burgemeester en
wethouders)
Gemeente is verplicht voorschriften op te stellen voor bouwkundige en woon technische
kwaliteit.
Eigenaren kunnen worden verplicht als de staat van het onderhoud daartoe aanleiding geeft
door aanschrijving B&W tot uitvoeren noodzakelijk onderhoud. Gemeente kan bij nalatigheid
zelf uitvoeren en doorbelasten.
Realisatie nieuwbouw stimulans
Onbewoonbaar verklaren van bestaande woningen in slechte staat
>10.000 inwoners gebieden voorzien van uitbreidingsplannen.
Aanleggen archief van omgevingsvergunningen.
Utiliteitsbouw = alle gebouwen die geen woonbestemming hebben.
Bouwhoogte verdeeld in
Laagbouw (bungalow – gemeenschappelijke dakpannen) – meer vloerniveau ’s
Midden bouw – geen persoonslift vereist bij niet meer dan 12,5 boven aansluitend terrein
Hoogbouw – alle gebouwen waar een lift vereist is , éen vloerniveau.
Souterain – half onder / half boven grond
Entresol – tussenverdieping
Frans balkon – kan je niet op staan
Vliering kan je niet op staan
Loggia – inpandig balkon / Vidé.
Bungalow is gelijkvloers – semi bungalow hebben en vliering.
Dragende vloer (op de grond), vrijdragende vloer (bijvoorbeeld het plafond).
HWA is hemel water afvoer
2
,Meersgezinswoningen
Boven-en benedenverdieping (vooroorlogs woonbuurten)
Hebben vaak een souterrain (kelderwoning met smalle brede ramen op straathoogte) woonlaag op
1e etage is bel etage. Vloerniveau op 1,5 meter van straatniveau. Bel-etage en 1e verdieping via
portiek bereikbaar (portiekwoning).
Traditionele gestapelde woningen
19e eeuw, begin 20e eeuw.
Moderne gestapelde woningen
Moderne gestapelde woningen
20e eeuw
Hoogbouw met lift (flat)
Hoogbouw zonder lift (4-verdiepingen)
Torenflats geconcentreerd om het trappenhuis.
Galerijflat of portiekflat
Sterflat, torenflat, woontoren
Terraswoning
Maisonnettes
Corridorwoningen (doorgang woningen)
Eengezinswoningen;
Patiowoning (rondom binnentuin)
Drive-in woning
Rijtjeshuis
Herenhuis – voornamelijk in buitenwijken gebouwd. Hebben vaak een souterrain.
Twee-onder-één kap
Atriumwoning (1 woning om 1 binnentuin)
Arbeiderswoning.
Duplexwoning – 1 voordeur met daarachter nog een deur.
Suite woning (voor en achterkamer aan elkaar verbonden) – en suite deuren ….
Doorzonwoning (kijkt van voor naar achter)
Z-type
Drive-in woning – inpandige garage of berging tuinkamer op begane grond
Patio woning – bungalowachtig gegroepeerd rond eigen binnentuin
Hofjes woning – aan een pleintje of om een binnenplaats
Geschakelde woning – aan elkaar grenzende half vrijstaande woningen die geen bouwmuur delen
maar door garages of schuur aan elkaar verbonden.
Pied-á-terre = voet aan de grond = 2e huisje om door de week niet naar huis te gaan.
Atrium – vertrekken rondom een binnentuin gelegen, is 1 woning.
Een studio, of eenkamer appartement, ofwel een loft.
Halalwoning – volgen de regels uit de koran. Extra kast voor schoenen en wateraansluiting voor
rituele reiniging en schuifdeuren, afzonderlijke ruimten voor mannen en vrouwen.
Penthouse – dakappartement maakt deel uit van het gebouw, maar heeft afwijkende vormgeving.
Meestal groot dakterras, veel lichtinval.
3
,Afwijkende bouwvormen
Woonboerderijen
Woonboten of woonarken
Vakwerkhuizen
Kasbahbouw woningen boven de begane grond.
Paalwoningen, bolwoningen
Waterwoningen -> drijven op water.
Hufterwoningen - voor problematische huurders
Containerwoningen - voor studenten , woningen voldoen aan minimale eisen bouwbesluit. Soms
gestapeld.
Groene woningen – milieuvriendelijke bouwmaterialen en bouwmethode
Passief huis – zeer beperkt energieverbruik, zgn. 0-woning. Eind 2008-2009 eerste gebouwd.
Energie neutrale of zuinige woningen – gelijk aan opgewekte energie is verbruik
Autarkische woningen – zelfvoorzienend in energie en water, verwerken eigen afval en vaak met
moestuin. Gebouwd van recyclebare materialen.
Ook indeling naar type bewoners -> studenten, starters, 50-plussers etc.
Stedenbouwkundige situering
Gesloten bebouwing – achtertuinen niet bereikbaar van openbare weg. Staan haaks op elkaar.
Halfopen bebouwing – rijtjes woningen en korte woonblokken, zoals 2 onder 1 kap.
Open bebouwing – vrijstaande woningen
Lintbebouwing – platteland, meestal parralel aan kanaal of sloot.
Strokenbebouwing - middelhoog en hoogbouw (flats) sober karakter na 1945.
Regelgeving:
Juli 2008 is Woningwet vervangen door Wet Ruimtelijke ordening (WRO). Elke gemeente is verplicht
voor haar gehele grondgebied een bestemmingsplan of beheer verordening vast te stellen. Ter
inzage op gemeentehuis.
1. Nota ruimtelijke ordening (3e dinsdag)
2. Het streekplan -> komt uit ruimtelijke ordening
3. Vlekkenplan -> bijvoorbeeld stad Almere – de gehele stad
4. Structuurplan -> in de vlekken
5. Bestemmingsplan -> komt uit het vlekkenplan.
WABO = Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht. Deze regelt de omgevingsvergunning. Hierin is
bepaald dat zonder omgevingsvergunning geen gronden of bouwwerken mogen worden gebruikt.
Omgevingsvergunning aanvragen bij B & W.
AMvB (Algemene Maatregel van Bestuur)bouw en inrichtingstechnische eisen opstellen.
Milieueisen, waaronder schone grond verklaring.
BOR= besluit omgevingsrecht
MOR= Ministeriële regeling omgevingsrecht.
Automatisch wordt een vergunning verstrekt als gemeente niet binnen 8 weken op de aanvraag
heeft gereageerd.
4
, Vergunningsvrij bouwen vanaf de oorspronkelijke achtergevel – aanbouw diep 4 meter, hoog 3
meter (5 meter bij schuin dak()
Belangrijkste definities in Woningwet zijn;
Rooilijn
Gebouw
Bouwen
Slopen (amoveren)
Een bestemmingsplan bestaat uit vele bestemmingen en voorschriften. Bij het plan hoort een
toelichting.
In het bestemmingsplan zijn Rooilijnen (denkbeeldige lijnen) vastgelegd die niet mogen worden
overschreden.
RC (warmteweerstand)
EPC – energie prestatie coëfficiënt.
CE-markering is Europese normwetgeving.
In het bouwbesluit wordt gestreefd naar het meest wenselijke kwaliteitsniveau (prestatie-eisen).
5
9-4-2022
1
,Hoofdstuk 1. Wonen, woonvormen, regelgeving en bouwmethoden.
Het werk van de makelaar is het begeleiden en adviseren van de potentiële koper of huurder.
Ook dient de makelaar te kunnen beoordelen of door aanpassingen/verbouwingen aan de wensen
van de cliënten tegemoet kan worden gekomen.
Voor nieuwbouw woningen moet een gebouw voldoen aan de bouw-en woon technische prestatie
eisen uit de bepalingen van het bouwbesluit en de wet algemene bepalingen omgevingsrecht
(WABO)
Voor andere gebouwen en bouwwerken zijn dat de gebruik technische prestatie-eisen.
Een rooilijn is de grens tussen de openbare weg en de aangrenzende eigendommen, hetzij privé of
van de overheid.
Arbeidswoningen – gebouwd door werkgevers voor hun werknemers. Huur werd met loon
verrekend.
Woningwet
In principe voor elke bouwactiviteit een omgevingsvergunning nodig (burgemeester en
wethouders)
Gemeente is verplicht voorschriften op te stellen voor bouwkundige en woon technische
kwaliteit.
Eigenaren kunnen worden verplicht als de staat van het onderhoud daartoe aanleiding geeft
door aanschrijving B&W tot uitvoeren noodzakelijk onderhoud. Gemeente kan bij nalatigheid
zelf uitvoeren en doorbelasten.
Realisatie nieuwbouw stimulans
Onbewoonbaar verklaren van bestaande woningen in slechte staat
>10.000 inwoners gebieden voorzien van uitbreidingsplannen.
Aanleggen archief van omgevingsvergunningen.
Utiliteitsbouw = alle gebouwen die geen woonbestemming hebben.
Bouwhoogte verdeeld in
Laagbouw (bungalow – gemeenschappelijke dakpannen) – meer vloerniveau ’s
Midden bouw – geen persoonslift vereist bij niet meer dan 12,5 boven aansluitend terrein
Hoogbouw – alle gebouwen waar een lift vereist is , éen vloerniveau.
Souterain – half onder / half boven grond
Entresol – tussenverdieping
Frans balkon – kan je niet op staan
Vliering kan je niet op staan
Loggia – inpandig balkon / Vidé.
Bungalow is gelijkvloers – semi bungalow hebben en vliering.
Dragende vloer (op de grond), vrijdragende vloer (bijvoorbeeld het plafond).
HWA is hemel water afvoer
2
,Meersgezinswoningen
Boven-en benedenverdieping (vooroorlogs woonbuurten)
Hebben vaak een souterrain (kelderwoning met smalle brede ramen op straathoogte) woonlaag op
1e etage is bel etage. Vloerniveau op 1,5 meter van straatniveau. Bel-etage en 1e verdieping via
portiek bereikbaar (portiekwoning).
Traditionele gestapelde woningen
19e eeuw, begin 20e eeuw.
Moderne gestapelde woningen
Moderne gestapelde woningen
20e eeuw
Hoogbouw met lift (flat)
Hoogbouw zonder lift (4-verdiepingen)
Torenflats geconcentreerd om het trappenhuis.
Galerijflat of portiekflat
Sterflat, torenflat, woontoren
Terraswoning
Maisonnettes
Corridorwoningen (doorgang woningen)
Eengezinswoningen;
Patiowoning (rondom binnentuin)
Drive-in woning
Rijtjeshuis
Herenhuis – voornamelijk in buitenwijken gebouwd. Hebben vaak een souterrain.
Twee-onder-één kap
Atriumwoning (1 woning om 1 binnentuin)
Arbeiderswoning.
Duplexwoning – 1 voordeur met daarachter nog een deur.
Suite woning (voor en achterkamer aan elkaar verbonden) – en suite deuren ….
Doorzonwoning (kijkt van voor naar achter)
Z-type
Drive-in woning – inpandige garage of berging tuinkamer op begane grond
Patio woning – bungalowachtig gegroepeerd rond eigen binnentuin
Hofjes woning – aan een pleintje of om een binnenplaats
Geschakelde woning – aan elkaar grenzende half vrijstaande woningen die geen bouwmuur delen
maar door garages of schuur aan elkaar verbonden.
Pied-á-terre = voet aan de grond = 2e huisje om door de week niet naar huis te gaan.
Atrium – vertrekken rondom een binnentuin gelegen, is 1 woning.
Een studio, of eenkamer appartement, ofwel een loft.
Halalwoning – volgen de regels uit de koran. Extra kast voor schoenen en wateraansluiting voor
rituele reiniging en schuifdeuren, afzonderlijke ruimten voor mannen en vrouwen.
Penthouse – dakappartement maakt deel uit van het gebouw, maar heeft afwijkende vormgeving.
Meestal groot dakterras, veel lichtinval.
3
,Afwijkende bouwvormen
Woonboerderijen
Woonboten of woonarken
Vakwerkhuizen
Kasbahbouw woningen boven de begane grond.
Paalwoningen, bolwoningen
Waterwoningen -> drijven op water.
Hufterwoningen - voor problematische huurders
Containerwoningen - voor studenten , woningen voldoen aan minimale eisen bouwbesluit. Soms
gestapeld.
Groene woningen – milieuvriendelijke bouwmaterialen en bouwmethode
Passief huis – zeer beperkt energieverbruik, zgn. 0-woning. Eind 2008-2009 eerste gebouwd.
Energie neutrale of zuinige woningen – gelijk aan opgewekte energie is verbruik
Autarkische woningen – zelfvoorzienend in energie en water, verwerken eigen afval en vaak met
moestuin. Gebouwd van recyclebare materialen.
Ook indeling naar type bewoners -> studenten, starters, 50-plussers etc.
Stedenbouwkundige situering
Gesloten bebouwing – achtertuinen niet bereikbaar van openbare weg. Staan haaks op elkaar.
Halfopen bebouwing – rijtjes woningen en korte woonblokken, zoals 2 onder 1 kap.
Open bebouwing – vrijstaande woningen
Lintbebouwing – platteland, meestal parralel aan kanaal of sloot.
Strokenbebouwing - middelhoog en hoogbouw (flats) sober karakter na 1945.
Regelgeving:
Juli 2008 is Woningwet vervangen door Wet Ruimtelijke ordening (WRO). Elke gemeente is verplicht
voor haar gehele grondgebied een bestemmingsplan of beheer verordening vast te stellen. Ter
inzage op gemeentehuis.
1. Nota ruimtelijke ordening (3e dinsdag)
2. Het streekplan -> komt uit ruimtelijke ordening
3. Vlekkenplan -> bijvoorbeeld stad Almere – de gehele stad
4. Structuurplan -> in de vlekken
5. Bestemmingsplan -> komt uit het vlekkenplan.
WABO = Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht. Deze regelt de omgevingsvergunning. Hierin is
bepaald dat zonder omgevingsvergunning geen gronden of bouwwerken mogen worden gebruikt.
Omgevingsvergunning aanvragen bij B & W.
AMvB (Algemene Maatregel van Bestuur)bouw en inrichtingstechnische eisen opstellen.
Milieueisen, waaronder schone grond verklaring.
BOR= besluit omgevingsrecht
MOR= Ministeriële regeling omgevingsrecht.
Automatisch wordt een vergunning verstrekt als gemeente niet binnen 8 weken op de aanvraag
heeft gereageerd.
4
, Vergunningsvrij bouwen vanaf de oorspronkelijke achtergevel – aanbouw diep 4 meter, hoog 3
meter (5 meter bij schuin dak()
Belangrijkste definities in Woningwet zijn;
Rooilijn
Gebouw
Bouwen
Slopen (amoveren)
Een bestemmingsplan bestaat uit vele bestemmingen en voorschriften. Bij het plan hoort een
toelichting.
In het bestemmingsplan zijn Rooilijnen (denkbeeldige lijnen) vastgelegd die niet mogen worden
overschreden.
RC (warmteweerstand)
EPC – energie prestatie coëfficiënt.
CE-markering is Europese normwetgeving.
In het bouwbesluit wordt gestreefd naar het meest wenselijke kwaliteitsniveau (prestatie-eisen).
5