3.1 China en het modern imperialisme
Kenmerkende aspecten
- De moderne vorm van imperialisme die verband hield met de industrialisatie
- De opkomst van emancipatiebewegingen
- De opkomst van politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme,
nationalisme, socialisme, confessionnalisme en feminisme
- Vormen van verzet tegen het West-Europese imperialisme
De Qing-dynastie
Vanaf de 17e eeuw: China werd geregeerd door keizers van de Qing-dynastie.
- Keizerlijke familie afkomstig uit Mantsjoerije (noordoost China)
→ Keizers uit deze familie werden ook wel Mantsjoes genoemd
Keizerlijk gezag in China: gebaseerd op het confucianisme
- Filosofie en gedragsleer: de keizer werd door de Hemel aangewezen, als Zoon des
Hemels regeerde hij over het land
→ Mandarijnen (groep ambtenaren) ondersteunde hem bij die taak
- Wie mandarijn wilde worden, moest eerst een ingewikkeld en kostbaar
examenprogramma doorlopen
- Elk jaar behaalden maar 1000 van de 100 000 kandidaten de eindstreep
→ Mandarijnen waren een bevoorrechte klasse met veel aanzien
Meer dan 90% van de Chinese bevolking was boer, hadden nauwelijks rechten
Wel plichten: betaalden het grootste deel van de belasting, produceren het voedsel, dienden
in het leger.
De Chinese keizers konden eerst rekenen op een gezagsgetrouwe bevolking
Volgens confucianisme: men moest eerbied hebben voor de hiërarchische ordening van de
samenleving
- Van iedereen werd verwacht dat hij een vaste plek in de maatschappij innam en deze
ook respecteerde
→ Op deze manier zou de samenleving harmonieus blijven
19e eeuw: de machtspositie van de Qing-dynastie verzwakt
- Keizers kregen te maken met economische en politieke problemen
- Sterke bevolkingsgroei → hongersnoden in sommige delen Keizerrijk
- Aan het hof: corruptie
- Bestuursfuncties: vriendjespolitiek
- Veel mandarijnen: afpersing en diefstal
→ Sommige zagen een teken dat de Qing-dynastie haar Mandaat van de Hemel dreigde te
verliezen
Naast interne onrust: externe bedreiging → modern imperialisme
1
, China en het modern imperialisme
19e eeuw: het modern imperialisme kwam op onder invloed van de industrialisatie en het
nationalisme
- Economisch doel: het verkrijgen van grondstoffen en afzetgebieden
- Het versterken van de machtspolitiek: hoe meer koloniaal gebied, hoe meer status
het moederland had
Westerse mogendheden probeerden hun positie in China te versterken
→ Ging aanvankelijk moeizaam
- Het keizerlijk hof beperkte mogelijkheden voor westerlingen om in China handel te
drijven. (Alleen havenstad Kanton was beperkt opgesteld)
- Ruilhandel of het importeren van westerse producten wat bijna niet mogelijk
→ China toonde nauwelijks interesse in de westerse handelswaar
→ Kwam voor uit Chinees superioriteitsgevoel (sinocentrisme)
- Chinezen zagen de westerlingen als barbaren
- Chinezen noemden hun land ‘het Rijk van het Midden’
Omstreeks 1820: Britten vonden een product waarmee ze de Chinese markt konden
betreden: opium
→ Miljoenen Chinezen werden door de handel verslaafd gemaakt
→ Chinese overheid stelde een opium verbod in → had weinig effect
- De Britten bleven enorme hoeveelheden naar binnen smokkelen
De illegale opiumhandel was zeer winstgevend voor de Britten: Chinezen betaalden met
zilver
Door de massale verslaafdheid: Chinese samenleving raakte totaal ontwricht
→ 1839: de keizer besluit in te grijpen
→ 20 000 kisten opium werden in beslag genomen en vernietigd
→ De Britten sturen oorlogsschepen naar de Chinese kust (De Eerste Opiumoorlog)
De traditionele Chinese vloot maakte tegen de moderne Britse schepen geen kans
Ongelijke verdragen
De Eerste Opiumoorlog eindigde in 1842: nederlaag voor China
→ Britten stellen een vernietigend vredesverdrag op: Chinezen werden verplicht een flinke
schadevergoeding te betalen
→ Vijf Chinese havens werden volledig opgesteld voor Britse handelaren
→ De stad Hongkong werd een Britse kroonkolonie
→ Verdrag van Nanking: een van de eerste Ongelijke Verdragen
- Diplomatieke overeenkomsten (19e eeuw), China werd tot veel verplicht en westerse
mogendheden dwongen voor zichzelf rechten en privileges af
Na GB: ook Frankrijk, de VS en Rusland wilden hun invloed in China vergroten
- Rusland zag Mantsjoerije als onderdeel van haar invloedssfeer → legde ere een
spoorlijn aan die uitkwam in de Russische havenstad Vladivostok
In veel steden in het zuiden en oosten van China (bijv. Shanghai) nam de westerse
aanwezigheid toe
→ De Chinese regering verloor steeds meer zeggenschap over haar eigen grondgebied
2