Eindtermen
Hoofdstuk 1: De vrije markt en de dimensies van het goede leven
Algemeen
De vijf dimensies als bestaansvoorwaarden
1. Relaties
2. Instituties
3. Het lichaam
4. De natuur
5. Zingeving
Centrale vraag: In hoeverre kan ‘de vrije markt’, zoals die in de moderne tijd is
opgekomen en ingericht, bijdragen dan wel afbreuk doen aan het goede leven met de
dimensies van relaties, instituties, de natuur en de zinervaring?
ET 4.
Mens is een wezen dat ‘zich tot zichzelf-in-de-wereld’ verhoudt
o Bevindt zich in bepaalde omstandigheden, in de totaliteit van het leven
o Hierdoor kunnen mensen reflecteren en vragen stellen, beslissingen nemen en
evalueren
Socrates; de mens moet kritische vragen stellen voor een goed en zinvol leven
o Oproep tot zelfkennis, hier gebruik van maken
Cassirer; de mens is ‘animal symbolicum’
o Symboliserend wezen, omdat de wijze waarop mensen uitdrukking geven aan
´zich tot zichzelf-in-de wereld’ verschillende vormen kent.
o Mensen kunnen emoties en ervaringen uiten in taal/ tekens/ symbolen
Nietzsche; de mens is ‘niet vastgesteld dier’ , we zijn niet kant en klaar af.
o Mens kent een ratio, kan vragen stellen over zingeving.
o Beste geval worden we übermensch hierbij laat je alle zekerheden los
= vrij en creatief mens die zijn eigen waarden schept en kan leven met de
chaos die werkelijkheid is. Een hoger menstype
o Meeste mensen kiezen voor gemeenschappelijk leven in symbolische vormen,
dat is een ‘kuddementaliteit’ volgens Nietzsche een ziek dier.
o Voorstander stoïcijnse ‘amor fati’ gedachte – aanvaard je lot
o Daarnaast; wat mij niet dood maakt, maakt mij sterker
ET 5.
Nussbaum; beoordeling van het goede leven volgens ‘Capability Approach’
o Kritiek op het BNP, slechts een economische maatstaf
o ‘CA’ gaat ervan uit dat het mens-zijn zelf een aantal potenties of mogelijkheden
veronderstelt.
Samenleving is goed georganiseerd als elk van deze potenties garandeert
dat ten minste een bepaald minimum voor iedere burger mogelijk is.
Ruimte voor capabilities om menselijke bloei of goede leven willen
realiseren.
‘Die samenleving is goed, die mensen in staat stelt tot..’ :
o Leven, lichamelijke gezondheid, zintuigelijke waarneming, emoties, plannen
maken, relaties, andere soorten, spel, zeggenschap eigen omgeving.
o Dit zijn drempelwaardes.
Nussbaum baseert filosofie op Aristoteles en Marx
Kritiek Capability Approach
1. De lijst capabilities westers gekleurd ; individuele vrijheid en zelfontplooiing
2. Concept over het goede leven wel noodzakelijke, maar niet voldoende.
Goede leven pas als mensen in een samenleving leven waarin ze relaties
met elkaar hebben en zorg betrachten naar de natuur en instituties.
,Hoofdstuk 2 : Plato en Aristoteles over het goede leven
ET 6.
Plato; de staat is de spiegel van de ziel in een aristocratie
o Democratie omgeslagen in ochlocratie, een schrikbewind met gepeupel aan de
macht.
Hier heerst onmatigheid, eigendunk, geldzucht en eigenbelang
o De staat opgedeeld in drie delen, gebaseerd op ongelijkheid maar
rechtvaardigheid heerst.
1. Vegatief-verlangend deel, zwarte paard, onderbuik, boeren, matigheid
2. Thymotisch-eergevoelig deel, witte paard, borst, militair, moedig
3. Denkend-beschouwend deel, hoofd, koning-filosofen, wijsheid
Hiërarchische orde – rechtvaardigheid
o In de koning-filosofen zijn de vier kardinale deugden verenigd
Dit klinkt utopisch iedereen doet wat hij moet doen en wordt daarin gelukkig
o Rust, vrede en iedereen heeft eigen taak
Is ook een dystopie geen individuele vrijheid en geen ruimte voor groei
Kritiek Popper; resultaten collectivistisch denken geuit in totalitaire regimes
o In nazi-Duitsland, Stalinistisch-Rusland gold één waarheid vergelijking met Plato’s
ideeën
ET 7.
Aristoteles; niet één ideale staatsvorm
o De vraag; gegeven een bepaalde staatsvorm, hoe kunnen mensen daarin goed
en gelukkig leven?
Deels diverse opvattingen over geluk (eudaimonia) kunnen zijn, zoektocht
definities
o Zooion logon echon- animal rationale; een dier met een rede (logos)
Rede stelt mens in staat tot handelen (energeia), activiteit waarvoor je
moet nadenken
Wie in staat is tot handelen, is gelukt en kan gelukkig zijn
De deugd (aretè) is een bepaalde toestand of houding van de ziel die de mens in staat
stelt goed te handelen.
o De handeling is het in-werking-zijn of de werkelijkheid; energeia van de ziel
krachtens de deugd.
o Geluk is het-in-werking-zijn van de ziel krachtens een volkomen deugd in een
leven dat tot volle wasdom is gekomen.
o Logos > aretè > energeia > eudaimonia
De deugd van de burger; besturen en bestuurd kunnen worden.
o Zooion politikon; een politiek dier
Een deugdzaam leven kan alleen bereikt worden in de polis.
o Edelmoedige burger draagt zorg private levenssfeer en polis
Handelt in belang van zijn familie en polis
Samenleven essentieel onderdeel van het goede leven
Staatsvormen kunnen ontaarden wanneer machthebbers focussen op eigenbelang
1. Monarchie – tirannie
2. Aristocratie – oligarchie
3. Politeia – democratie, willekeur en mening van allen gelden i.p.v. inzicht
deugdelijke elite
ET 8.
Definitie van de deugd; een intentionele houding, die in het midden ligt voor onszelf, en
wel een midden zoals dat redelijk wordt bepaald met behulp van praktische wijsheid.
1. Dianoëtische deugden, denkend deel van de ziel
, Vaardigheid, kennis, bedachtzaamheid, wijsheid, intelligentie
2. Ethische deugden, strevende deel van de ziel
Moed, gematigheid, deel dat kan luisteren naar de rede
o De ware deugd is de gehele verzameling van alle ethische deugden samen met
inzicht dianoëtische deugd met het oog op het goede leven.
o De volkomen deugd = praktische wijsheid + ethische deugden =rechtvaardigheid.
Deugdzame leven in het midden individualistisch en collectivistisch
Niet geschikt voor de massa, zij missen de praktische wijsheid/ dianoëtische deugd van
kennis en kunnen niet het midden bepalen
o Hiërarchisch en elitaire ethiek
De gelukkige mens is een vriend van zichzelf
o Sterk genoeg zijn om aan onze voornemens vast te houden
ET 9.
De volkomen deugd van rechtvaardigheid staat in het teken van het recht en welzijn van
de medemend.
o Kan alleen binnen de kaders van de polis
Het volgen van de wet is een vrije handeling;
o Wetten zijn de veralgemenisering van het edele handelen
o Niet onderwerpen aan de wet maar volgen van de wet
o = zooion politikon
ET 10.
De vijf dimensies volgens Aristoteles
1. Relaties – samenleven met medemensen
o Betrokken op anderen
o In de volkomen deugd wordt duidelijk dat het recht en het welzijn van de
medemens deel uit te maken van zelfverwerkelijking
2. Instituties – in families en polisgemeenschap
o De polis moet zorgen dat de menselijke natuur tot bloei kan komen
o Communitarist = Aristoteles
3. Lichaam – moet in toom worden gehouden
o De behoeftes zijn geen edele behoeftes
4. Natuur – statisch en hiërarchisch geordend
o Niet exploiteren voor grondstoffen
o De mens moet zich te voegen aan de natuur
5. Geestelijke – ingevuld door de filosofie
o Het hoogst bereikbare
o Doen ze met onsterfelijke deel van zijn ziel en is gelijk aan de goden
Primaire tekst 1: Aristoteles: Ethica Nicomachea
ET. 11
Psychische verschijnselen:
1. Emoties – alles wat samengaat met genot of pijn
2. Vermogens – datgene waardoor je emoties kunt voelen
3. Houdingen – dingen die bepalen hoe jij je tot die emoties verhoudt, goed of slecht
Deugden behoren tot verhoudingen en is een karakterhouding
o Emoties kan je niet goed of slecht van worden
o Vermogens krijg je van nature
o Houdingen heb jezelf in de hand
Deugd/ voortreffelijkheid is gericht op het midden tussen twee uitersten; lafheid en
overmoed.
o Één manier om dit goed te doen, er is één punt op de lijn tussen de uitersten,
Hoofdstuk 1: De vrije markt en de dimensies van het goede leven
Algemeen
De vijf dimensies als bestaansvoorwaarden
1. Relaties
2. Instituties
3. Het lichaam
4. De natuur
5. Zingeving
Centrale vraag: In hoeverre kan ‘de vrije markt’, zoals die in de moderne tijd is
opgekomen en ingericht, bijdragen dan wel afbreuk doen aan het goede leven met de
dimensies van relaties, instituties, de natuur en de zinervaring?
ET 4.
Mens is een wezen dat ‘zich tot zichzelf-in-de-wereld’ verhoudt
o Bevindt zich in bepaalde omstandigheden, in de totaliteit van het leven
o Hierdoor kunnen mensen reflecteren en vragen stellen, beslissingen nemen en
evalueren
Socrates; de mens moet kritische vragen stellen voor een goed en zinvol leven
o Oproep tot zelfkennis, hier gebruik van maken
Cassirer; de mens is ‘animal symbolicum’
o Symboliserend wezen, omdat de wijze waarop mensen uitdrukking geven aan
´zich tot zichzelf-in-de wereld’ verschillende vormen kent.
o Mensen kunnen emoties en ervaringen uiten in taal/ tekens/ symbolen
Nietzsche; de mens is ‘niet vastgesteld dier’ , we zijn niet kant en klaar af.
o Mens kent een ratio, kan vragen stellen over zingeving.
o Beste geval worden we übermensch hierbij laat je alle zekerheden los
= vrij en creatief mens die zijn eigen waarden schept en kan leven met de
chaos die werkelijkheid is. Een hoger menstype
o Meeste mensen kiezen voor gemeenschappelijk leven in symbolische vormen,
dat is een ‘kuddementaliteit’ volgens Nietzsche een ziek dier.
o Voorstander stoïcijnse ‘amor fati’ gedachte – aanvaard je lot
o Daarnaast; wat mij niet dood maakt, maakt mij sterker
ET 5.
Nussbaum; beoordeling van het goede leven volgens ‘Capability Approach’
o Kritiek op het BNP, slechts een economische maatstaf
o ‘CA’ gaat ervan uit dat het mens-zijn zelf een aantal potenties of mogelijkheden
veronderstelt.
Samenleving is goed georganiseerd als elk van deze potenties garandeert
dat ten minste een bepaald minimum voor iedere burger mogelijk is.
Ruimte voor capabilities om menselijke bloei of goede leven willen
realiseren.
‘Die samenleving is goed, die mensen in staat stelt tot..’ :
o Leven, lichamelijke gezondheid, zintuigelijke waarneming, emoties, plannen
maken, relaties, andere soorten, spel, zeggenschap eigen omgeving.
o Dit zijn drempelwaardes.
Nussbaum baseert filosofie op Aristoteles en Marx
Kritiek Capability Approach
1. De lijst capabilities westers gekleurd ; individuele vrijheid en zelfontplooiing
2. Concept over het goede leven wel noodzakelijke, maar niet voldoende.
Goede leven pas als mensen in een samenleving leven waarin ze relaties
met elkaar hebben en zorg betrachten naar de natuur en instituties.
,Hoofdstuk 2 : Plato en Aristoteles over het goede leven
ET 6.
Plato; de staat is de spiegel van de ziel in een aristocratie
o Democratie omgeslagen in ochlocratie, een schrikbewind met gepeupel aan de
macht.
Hier heerst onmatigheid, eigendunk, geldzucht en eigenbelang
o De staat opgedeeld in drie delen, gebaseerd op ongelijkheid maar
rechtvaardigheid heerst.
1. Vegatief-verlangend deel, zwarte paard, onderbuik, boeren, matigheid
2. Thymotisch-eergevoelig deel, witte paard, borst, militair, moedig
3. Denkend-beschouwend deel, hoofd, koning-filosofen, wijsheid
Hiërarchische orde – rechtvaardigheid
o In de koning-filosofen zijn de vier kardinale deugden verenigd
Dit klinkt utopisch iedereen doet wat hij moet doen en wordt daarin gelukkig
o Rust, vrede en iedereen heeft eigen taak
Is ook een dystopie geen individuele vrijheid en geen ruimte voor groei
Kritiek Popper; resultaten collectivistisch denken geuit in totalitaire regimes
o In nazi-Duitsland, Stalinistisch-Rusland gold één waarheid vergelijking met Plato’s
ideeën
ET 7.
Aristoteles; niet één ideale staatsvorm
o De vraag; gegeven een bepaalde staatsvorm, hoe kunnen mensen daarin goed
en gelukkig leven?
Deels diverse opvattingen over geluk (eudaimonia) kunnen zijn, zoektocht
definities
o Zooion logon echon- animal rationale; een dier met een rede (logos)
Rede stelt mens in staat tot handelen (energeia), activiteit waarvoor je
moet nadenken
Wie in staat is tot handelen, is gelukt en kan gelukkig zijn
De deugd (aretè) is een bepaalde toestand of houding van de ziel die de mens in staat
stelt goed te handelen.
o De handeling is het in-werking-zijn of de werkelijkheid; energeia van de ziel
krachtens de deugd.
o Geluk is het-in-werking-zijn van de ziel krachtens een volkomen deugd in een
leven dat tot volle wasdom is gekomen.
o Logos > aretè > energeia > eudaimonia
De deugd van de burger; besturen en bestuurd kunnen worden.
o Zooion politikon; een politiek dier
Een deugdzaam leven kan alleen bereikt worden in de polis.
o Edelmoedige burger draagt zorg private levenssfeer en polis
Handelt in belang van zijn familie en polis
Samenleven essentieel onderdeel van het goede leven
Staatsvormen kunnen ontaarden wanneer machthebbers focussen op eigenbelang
1. Monarchie – tirannie
2. Aristocratie – oligarchie
3. Politeia – democratie, willekeur en mening van allen gelden i.p.v. inzicht
deugdelijke elite
ET 8.
Definitie van de deugd; een intentionele houding, die in het midden ligt voor onszelf, en
wel een midden zoals dat redelijk wordt bepaald met behulp van praktische wijsheid.
1. Dianoëtische deugden, denkend deel van de ziel
, Vaardigheid, kennis, bedachtzaamheid, wijsheid, intelligentie
2. Ethische deugden, strevende deel van de ziel
Moed, gematigheid, deel dat kan luisteren naar de rede
o De ware deugd is de gehele verzameling van alle ethische deugden samen met
inzicht dianoëtische deugd met het oog op het goede leven.
o De volkomen deugd = praktische wijsheid + ethische deugden =rechtvaardigheid.
Deugdzame leven in het midden individualistisch en collectivistisch
Niet geschikt voor de massa, zij missen de praktische wijsheid/ dianoëtische deugd van
kennis en kunnen niet het midden bepalen
o Hiërarchisch en elitaire ethiek
De gelukkige mens is een vriend van zichzelf
o Sterk genoeg zijn om aan onze voornemens vast te houden
ET 9.
De volkomen deugd van rechtvaardigheid staat in het teken van het recht en welzijn van
de medemend.
o Kan alleen binnen de kaders van de polis
Het volgen van de wet is een vrije handeling;
o Wetten zijn de veralgemenisering van het edele handelen
o Niet onderwerpen aan de wet maar volgen van de wet
o = zooion politikon
ET 10.
De vijf dimensies volgens Aristoteles
1. Relaties – samenleven met medemensen
o Betrokken op anderen
o In de volkomen deugd wordt duidelijk dat het recht en het welzijn van de
medemens deel uit te maken van zelfverwerkelijking
2. Instituties – in families en polisgemeenschap
o De polis moet zorgen dat de menselijke natuur tot bloei kan komen
o Communitarist = Aristoteles
3. Lichaam – moet in toom worden gehouden
o De behoeftes zijn geen edele behoeftes
4. Natuur – statisch en hiërarchisch geordend
o Niet exploiteren voor grondstoffen
o De mens moet zich te voegen aan de natuur
5. Geestelijke – ingevuld door de filosofie
o Het hoogst bereikbare
o Doen ze met onsterfelijke deel van zijn ziel en is gelijk aan de goden
Primaire tekst 1: Aristoteles: Ethica Nicomachea
ET. 11
Psychische verschijnselen:
1. Emoties – alles wat samengaat met genot of pijn
2. Vermogens – datgene waardoor je emoties kunt voelen
3. Houdingen – dingen die bepalen hoe jij je tot die emoties verhoudt, goed of slecht
Deugden behoren tot verhoudingen en is een karakterhouding
o Emoties kan je niet goed of slecht van worden
o Vermogens krijg je van nature
o Houdingen heb jezelf in de hand
Deugd/ voortreffelijkheid is gericht op het midden tussen twee uitersten; lafheid en
overmoed.
o Één manier om dit goed te doen, er is één punt op de lijn tussen de uitersten,