De effecten van motivatie en leercondities op schrijfvaardigheid
Statistiek II
Esther Grootjes
Studentnummer: 2704501
Tutor: Denise
WG 52
Aantal woorden: 1433
01-04-2022
, EFFECTEN MOTIVATIE EN LEERCONDITIES OP SCHRIJFVAARDIGHEID
Inleiding
Motivatie is al jaren bekend als belangrijke factor in het tot stand komen van
schoolprestaties. Met de komst van sociaal-cognitieve modellen werd dit begrip opgesplitst
verschillende vormen van motivatie zoals self efficacy, intrinsieke motivatie en persoonlijke
doelen (Linnenbrink & Pintrich, 2002). Dit geeft nuance aan de labels ‘wel gemotiveerd’ en
‘niet gemotiveerd’, die de lading van het begrip motivatie onvoldoende dekken. Dit is van
belang voor het onderwijs, omdat diezelfde nuance aangebracht moet worden in het denken
en doen van docenten en beleidsmakers.
Onderzoek van Steinmayr en Spinath (2009) benadrukt dit complexe verband. Hun
onderzoek wijst uit dat eerdergenoemde verschillende subonderdelen van motivatie op
zichzelf een positief verband hebben met de laatst behaalde schoolprestaties van leerlingen.
In het huidige onderzoek zal aan de hand van prestaties op een gestandaardiseerde
schrijfvaardigheidstoets onder verschillende condities onderzocht worden of de relatie tussen
motivatie en schoolprestaties die in het onderzoek van Steinmayr en Spinath (2009)
beschreven wordt blijft bestaan. Er zal statistisch worden getoetst aan de hand van de
verwachting dat een hogere score op intrinsieke motivatie een hogere score voorspelt op
schrijfvaardigheid, en dat dit effect sterker is voor de groep die individueel moest oefenen
met schrijven dan de groep die samen moest oefenen. En de verwachting dat de groep die wel
instructie heeft hoger scoort op schrijfvaardigheid dan de groep die geen instructie kreeg,
gecorrigeerd voor intrinsieke motivatie.
2
Statistiek II
Esther Grootjes
Studentnummer: 2704501
Tutor: Denise
WG 52
Aantal woorden: 1433
01-04-2022
, EFFECTEN MOTIVATIE EN LEERCONDITIES OP SCHRIJFVAARDIGHEID
Inleiding
Motivatie is al jaren bekend als belangrijke factor in het tot stand komen van
schoolprestaties. Met de komst van sociaal-cognitieve modellen werd dit begrip opgesplitst
verschillende vormen van motivatie zoals self efficacy, intrinsieke motivatie en persoonlijke
doelen (Linnenbrink & Pintrich, 2002). Dit geeft nuance aan de labels ‘wel gemotiveerd’ en
‘niet gemotiveerd’, die de lading van het begrip motivatie onvoldoende dekken. Dit is van
belang voor het onderwijs, omdat diezelfde nuance aangebracht moet worden in het denken
en doen van docenten en beleidsmakers.
Onderzoek van Steinmayr en Spinath (2009) benadrukt dit complexe verband. Hun
onderzoek wijst uit dat eerdergenoemde verschillende subonderdelen van motivatie op
zichzelf een positief verband hebben met de laatst behaalde schoolprestaties van leerlingen.
In het huidige onderzoek zal aan de hand van prestaties op een gestandaardiseerde
schrijfvaardigheidstoets onder verschillende condities onderzocht worden of de relatie tussen
motivatie en schoolprestaties die in het onderzoek van Steinmayr en Spinath (2009)
beschreven wordt blijft bestaan. Er zal statistisch worden getoetst aan de hand van de
verwachting dat een hogere score op intrinsieke motivatie een hogere score voorspelt op
schrijfvaardigheid, en dat dit effect sterker is voor de groep die individueel moest oefenen
met schrijven dan de groep die samen moest oefenen. En de verwachting dat de groep die wel
instructie heeft hoger scoort op schrijfvaardigheid dan de groep die geen instructie kreeg,
gecorrigeerd voor intrinsieke motivatie.
2