HISTORISCHE CONTEXT DUITSLAND 1871-1945
http://www.geschiedenisexamens.nl/uploads/8/3/9/6/83963218/duitsland_-_voo
r_de_website.ppt
http://www.geschiedenisexamens.nl/uploads/8/3/9/6/83963218/franse_revolutie
_-_voor_de_website.ppt
https://maken.wikiwijs.nl/102741/HC__Duitsland_1871_1945#!page-3316261
http://www.geschiedenisexamens.nl/hc-vragen.html
http://www.sjlgs.nl/havo/blog/?id=m73x66u0
https://willemdezwijger.wixsite.com/geschiedenis/examenvragen
Het Duitse Keizerrijk
1848 Frankfurter Parlement
- Bismarck: ‘ijzeren kanselier van Pruisen’, rijkskanselier
- Niet door meerderheidsbesluiten maar door ‘eisen und Blut’ (oorlog) komt de
Duitse eenheid tot stand: 1870/71 Frans-Duitse oorlog
- Komt bijeen in Paulskirche om een grondwet op te stellen voor heel Duitsland
- Deze liberalen revolutie, om te komen tot een constitutionele monarchie mislukt: de
koning accepteert geen kroon van onderdanen
- De Pruisische koning werd keizer: Wilhelm I, Bismarck werd rijkskanselier van het
keizerrijk
Totstandkoming Duitse eenheid
KA: de opkomst van de politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme,
socialisme, confessionalisme en feminisme
- Hoe?
- Door Duitse staten en staatjes te laten samenwerken in een oorlog tegen
Frankrijk (1870-1871), Frans-Duitse oorlog
- Waar?
- In Frankrijk, in de Spiegelzaal van het paleis van Versailles (1871)
- Vanaf 1871 eenheid van Duitsland uitgeroepen —> Duitse keizerrijk/Duitsland
Veel macht voor de keizer en de rijkskanselier
- Duitsland verdeeld in kiesdistricten (algemeen kiesrecht mannen en afgevaardigde)
- Rijksdag beperkte macht: De Rijksdag kon de rijkskanselier en zijn ministers
niet ter verantwoording roepen of hen tot aftreden dwingen
- niet democratisch, de keizer en rijkskanselier regeren
- De keizer benoemde de rijkskanselier
- De rijkskanselier benoemde op zijn beurt de ministers en kon de
Rijksdag (volksvertegenwoordiging) ontbinden.
, Politieke stromingen
- conservatieven en nationaal-liberalen, vooral aanhang hogere lagen vd bevolking
- Centrumpartij, vooral aanhang katholieke bevolking
- Socialisten, vooral aanhang industrie-arbeiders. Vielen uiteen in 1917 in socialisten
en communisten
Gelaagdheid vd bevolking
- adel, officieren en hoge ambtenaren
- Grote fabrikanten en bankiers
- Werknemers in dienstensector, lagere ambtenaren, kleine ondernemers, chefs van
afdeling van grote ondernemingen
- Boeren, arbeiders in landbouw en industrie, lagere ambtenaren
Alliantiepolitiek van Bismarck: bondgenootschappen in Europa
- Duitse keizerrijk was een politieke en militaire grootmacht
- Door snelle industrialisatie ook economische grootmacht
- Duitsland is omringd door sterke landen, die de macht van Duitsland vrezen
- Bismarck wil machtsevenwicht en vrede bewaren door alliantiepolitiek/
bondgenootschappen (vooral om Engeland te vriend te houden)
- Voorbeeld: Conferentie van Berlijn 1884
- Bismarck nodigt Europese landen en de VS uit om te praten over de
koloniale verdeling van Afrika
Weltpolitik Wilhelm ll
Eind 19e eeuw:
- Wilhelm II wil dat Duitsland een wereldmacht wordt, grote nadruk op militarisme en
een sterke vloot = Weltpolitik
- Overzees imperialisme (verkrijgen van veel koloniën)
Dus:
- Wilhelm II gedraagt zich als autocraat (Bismarck ontslagen)
- Industrie in teken van leger
- Generaals bedenken aanvalsplannen
- Vlootwet: Duitsland breidt oorlogsvloot enorm uit.
Begin 20ste eeuw:
De Weltpolitik had geen succes:
- Engeland en Frankrijk bleken machtiger.
- Duitsland ging zich meer richten op Europa.
Na WO-I:
- Duitsland verliest WO-I en raakt vooraanstaande positie kwijt.
De Eerste Wereldoorlog
Eerste Wereldoorlog
Oorzaken:
http://www.geschiedenisexamens.nl/uploads/8/3/9/6/83963218/duitsland_-_voo
r_de_website.ppt
http://www.geschiedenisexamens.nl/uploads/8/3/9/6/83963218/franse_revolutie
_-_voor_de_website.ppt
https://maken.wikiwijs.nl/102741/HC__Duitsland_1871_1945#!page-3316261
http://www.geschiedenisexamens.nl/hc-vragen.html
http://www.sjlgs.nl/havo/blog/?id=m73x66u0
https://willemdezwijger.wixsite.com/geschiedenis/examenvragen
Het Duitse Keizerrijk
1848 Frankfurter Parlement
- Bismarck: ‘ijzeren kanselier van Pruisen’, rijkskanselier
- Niet door meerderheidsbesluiten maar door ‘eisen und Blut’ (oorlog) komt de
Duitse eenheid tot stand: 1870/71 Frans-Duitse oorlog
- Komt bijeen in Paulskirche om een grondwet op te stellen voor heel Duitsland
- Deze liberalen revolutie, om te komen tot een constitutionele monarchie mislukt: de
koning accepteert geen kroon van onderdanen
- De Pruisische koning werd keizer: Wilhelm I, Bismarck werd rijkskanselier van het
keizerrijk
Totstandkoming Duitse eenheid
KA: de opkomst van de politiek-maatschappelijke stromingen: liberalisme, nationalisme,
socialisme, confessionalisme en feminisme
- Hoe?
- Door Duitse staten en staatjes te laten samenwerken in een oorlog tegen
Frankrijk (1870-1871), Frans-Duitse oorlog
- Waar?
- In Frankrijk, in de Spiegelzaal van het paleis van Versailles (1871)
- Vanaf 1871 eenheid van Duitsland uitgeroepen —> Duitse keizerrijk/Duitsland
Veel macht voor de keizer en de rijkskanselier
- Duitsland verdeeld in kiesdistricten (algemeen kiesrecht mannen en afgevaardigde)
- Rijksdag beperkte macht: De Rijksdag kon de rijkskanselier en zijn ministers
niet ter verantwoording roepen of hen tot aftreden dwingen
- niet democratisch, de keizer en rijkskanselier regeren
- De keizer benoemde de rijkskanselier
- De rijkskanselier benoemde op zijn beurt de ministers en kon de
Rijksdag (volksvertegenwoordiging) ontbinden.
, Politieke stromingen
- conservatieven en nationaal-liberalen, vooral aanhang hogere lagen vd bevolking
- Centrumpartij, vooral aanhang katholieke bevolking
- Socialisten, vooral aanhang industrie-arbeiders. Vielen uiteen in 1917 in socialisten
en communisten
Gelaagdheid vd bevolking
- adel, officieren en hoge ambtenaren
- Grote fabrikanten en bankiers
- Werknemers in dienstensector, lagere ambtenaren, kleine ondernemers, chefs van
afdeling van grote ondernemingen
- Boeren, arbeiders in landbouw en industrie, lagere ambtenaren
Alliantiepolitiek van Bismarck: bondgenootschappen in Europa
- Duitse keizerrijk was een politieke en militaire grootmacht
- Door snelle industrialisatie ook economische grootmacht
- Duitsland is omringd door sterke landen, die de macht van Duitsland vrezen
- Bismarck wil machtsevenwicht en vrede bewaren door alliantiepolitiek/
bondgenootschappen (vooral om Engeland te vriend te houden)
- Voorbeeld: Conferentie van Berlijn 1884
- Bismarck nodigt Europese landen en de VS uit om te praten over de
koloniale verdeling van Afrika
Weltpolitik Wilhelm ll
Eind 19e eeuw:
- Wilhelm II wil dat Duitsland een wereldmacht wordt, grote nadruk op militarisme en
een sterke vloot = Weltpolitik
- Overzees imperialisme (verkrijgen van veel koloniën)
Dus:
- Wilhelm II gedraagt zich als autocraat (Bismarck ontslagen)
- Industrie in teken van leger
- Generaals bedenken aanvalsplannen
- Vlootwet: Duitsland breidt oorlogsvloot enorm uit.
Begin 20ste eeuw:
De Weltpolitik had geen succes:
- Engeland en Frankrijk bleken machtiger.
- Duitsland ging zich meer richten op Europa.
Na WO-I:
- Duitsland verliest WO-I en raakt vooraanstaande positie kwijt.
De Eerste Wereldoorlog
Eerste Wereldoorlog
Oorzaken: