Psychologie
Klinische psychologie theorieën en psychopathologie – derde druk – H. T. van der Molen, E. Simon, J. van Lankveld
Hoofdstuk 1. Klinische Psychologie en ‘abnormaal’
gedrag
1.1 Het terrein van de klinische psychologie
Basisdisciplines Toepassingsgerichte disciplines
Functieleer Klinische en gezondheidspsychologie
Ontwikkelingspsychologie Arbeids- en organisatiepsychologie
Sociale psychologie Onderwijspsychologie
Persoonlijkheidspsychologie
Methodenleer
Persoonlijkheidspsychologie: focus op verschillen op het gebied van capaciteiten en eigenschappen
Klinische psychologie: Abnormaal gedrag dat invloed heeft op het individu en/of de omgeving
Afwijkingen (op veronderstelde norm)
Individuele persoon: gedachten, gedrag, afwijkende beleving (afzonderlijk of gecombineerd)
Relaties: bv. over bezorgdheid, agressie etc. -> heeft effect op individuele persoon
1.2 Aspecten van ‘abnormaal’ gedrag
7 aspecten van abnormaalgedrag (min. 1 voor abnormaal gedrag)
1. Persoonlijk lijden
Niet voldoende voor pathologie, want hoort ook bij het leven. Niet bij elke stoornis aanwezig
2. De (dis)functionaliteit) van het gedrag
In staat zijn beroepsmatig te functioneren + bevredigende relaties te hebben en onderhouden
3. Irrationeel en onbegrijpelijk gedrag
4. Onvoorspelbaarheid en controleverlies
5. Opvallend en conventioneel gedrag
Eigen gedrag als maatstaf en wat afwijkt is abnormaal en hoe het afsteekt tegen de omgeving.
Wanneer het als sociaal onwenselijk gezien wordt -> pathologisch gevonden
6. Gedrag dat een ongemakkelijk gevoel bij anderen teweegbrengt (observer discomfort)
7. Het overtreden van morele normen
Psychische stoornis: syndroom gekenmerkt door klinisch significante symptomen op het gebied van
de cognitieve functies, de emotieregulatie of het gedrag van een persoon, dat een uiting is van een
disfunctie in de psychologische, biologische, of ontwikkelingsprocessen die ten grondslag liggen aan
het psychisch functioneren.
Een reactie op een veelvoorkomende stressor of een verlies die te verwachten valt en cultureel wordt
geaccepteerd is geen psychische stoornis nevens is sociaal deviant gedrag (politiek, religieus etc.)
1.3 Normaal en abnormaal: waar ligt de grens?
Het statisch model
Een normaalverdeling om onderscheid te maken tussen normaal en abnormaal
Nadelen: waar ligt de grens, hoe ongewoon moet iets zijn, individueel lijden wordt niet meegenomen
Het medisch of ziektemodel
Oorzaak van een stoornis ligt in het onderliggende mechanisme
Somatogeen: Lichamelijke aandoening als oorzaak