Samenvatting Hoofdstuk 9: Tijd van Wereldoorlogen
Paragraaf 9.1
Begrippen
Isolationisme: Politiek die is gericht op de wens van een land om zich niet te bemoeien met
buitenlandse aangelegenheden.
Militarisme: Voorliefde voor alles dat met het leger te maken heeft, bijvoorbeeld door
uniformen, medailles, parades en discipline.
Wapenwedloop: Een strijd tussen twee of meerdere landen over wie de beste wapens
heeft.
Veelvolkerenstaat: Een staat waarin meerdere volkeren onder hetzelfde bestuur leven.
Wereldoorlog: Een oorlog tussen veel Staten die op mondiale schaal gevormd wordt.
Capitulatie: Overgave van een land of leger.
Protectionistisch: Economisch beleid waarbij de overheid de economie van het land
bevordert door bijv importheffingen.
Beurskrach: Een plotselinge en zeer sterke koersdaling op de aandelenmarkt.
Crisis: Economische neergang die zich uit in lage winsten, veel faillissementen en hoge
werkeloosheid.
Samenvatting
De 19e eeuw was een vreedzame periode waarin er vijf grote Europese mogendheden
(Groot-Brittannië, Frankrijk, Oostenrijk-Hongarije, Rusland en Pruisen) waren streefden naar
het in stand houden van de machtsevenwicht om de vrede te bewaren. En dit ging heel lang
goed.
In 1871 kwam de Duitse eenheidsstaat tot stand. De snelle economische groei en een
traditie van militarisme zorgden echter voor een verstoring van het machtsevenwicht.
Omdat de macht nu uit evenwicht was werden er bondgenootschappen gevormd ivm als er
oorlog komt deze mogendheden niet alleen waren.
1. Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Italië werken sinds 1882 samen in de Driebond.
2. Groot-Brittannië en Frankrijk voelden zich bedreigd door Duitsland. Door de
snelgroeiende economie ontstond er jaloezie. Duitsland begon aan de bouw van een
grote oorlogsvloot om te overheersen op de wereldzeeën en een groot koloniaal
wereldrijk te hebben. Hierdoor ontstond een wapenwedloop.
Ook was er revanchisme onder de Fransen die de Frans-Duitse oorlog (1870-1871)
verloren wat een grote vernedering was en wilden wraak.
Vanaf 1893 trokken Frankrijk en Rusland veel samen op en in 1907 voegde Groot-
Brittannië zich daarbij.
De Balkan, in het zuidoosten van Europa was een kruitvat. Dit werd duidelijk voor iedereen
in 1910. Dit gebeurde in een veelvolkerenstaat, Oostenrijk-Hongarije. Op 28 juni 1914 zou
deze kruitvat worden aangestoken.
De Oostenrijk-Hongaarse kroonprins Franz Ferdinand bezocht met zijn vrouw Sophie,
Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië. Servische nationalisten pleegden een moordaanslag op
het kroonprinselijk paar. De regering van Oostenrijk-Hongarije veronderstelde een Servisch
, complot en eiste een onderzoek waarbij duizenden agenten werden ingezet. Toen Servië dit
afwees verklaarde Oostenrijk-Hongarije Servië de oorlog.
Door de vele bondgenootschappen die waren aangegaan raakten veel landen betrokken bij
dit conflict. Het plan van de Centralen (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en wat andere
landen) was om eerst een snelle aanval te doen op Frankrijk en daarna vol op Rusland te
gaan om een tweefrontenoorlog te voorkomen.
De duitsers wouden de Fransen verrassen en besloten via de bovenkant Frankrijk binnen te
vallen en gingen dus door België heen. Duizenden burgers werden geëxecuteerd en de helft
van de Belgen vluchtten.
Begin September zaten de Duitsers al in Frankrijk waar de Fransen en de Britten erin
slaagden de Duitse opmars te stoppen. De soldaten groeven zich aan weerszijden van de
frontlijn in.
Wanneer generaals dat besloten moesten de soldaten de loopgraaf verlaten en op de
tegenpartij afrennen. De Duitsers probeerden de Fransen af te zwakken door de loopgraven
te bombarderen maar beide partijen slaagden er niet in om de tegenpartij af te zwakken. Er
werden steeds nieuwe wapens ingezet. Zo werd tijdens de Eerste-Wereldoorlog het kort
ervoor uitgevonden vliegtuig ingezet.
Toen in 1918 Rusland zich terugtrok uit de oorlog kon alles ingezet worden op het westen.
Het leek ook te lukken maar de soldaten waren moegestreden en toen er ook steeds meer
Amerikaanse soldaten kwamen was er dan toch het Duitse verlies.
De oorlog had miljoenen levens gekost en de economie ernstig verstoord. Ook heerste er de
Spaanse Griep die wereldwijd minstens 20 miljoen slachtoffers maakte.
Onder deze omstandigheden besloten de overwinnaars naar Parijs te komen en een verdrag
te maken. Pas toen alles was besproken mocht Duitsland komen om te ondertekenen.
Duitsland moest oorlogsschade betalen, een deel grondgebied afstaan en mocht nog maar
een klein leger hebben.
Ook werd een Volkenbond opgericht maar deze bleek al gauw zwak en er werd al
opgemerkt dat het Verdrag van Versailles eerder een wapenstilstand van 20 jaar zou
betekenen.
Economisch gezien had de Verenigde Staten goed geprofiteerd van de Eerste Wereldoorlog.
Ze hadden landbouwproducten geleverd waar nodig was en het BNP steeg dan ook met
40%. Toch kende de Amerikaanse economie 5 zwakke punten.
Overproductie in landbouw zorgde voor dalende prijzen.
Protectionistische politiek.
Zeer ongelijke inkomensverdeling.
De aandelen prijzen stegen tot ireële hoogtes.
Het bankwezen werd slecht gecontroleerd.
Op 24 oktober 1929 stortte de aandelenhandel op de beurs in Wall Street in: de beurskrach.
Kleine beleggers schrokken en verkochten gelijk hun aandelen waardoor verdere
koersdalingen ontstonden en door een kettingreactie kwam er uiteindelijk een economische
crisis. Productie nam steeds verder af en werkeloosheid nam toe.
Er werd verondersteld dat het we, weer goed zou komen en er werden geen maatregelen
genomen om de economie te ondersteunen. Wel werd er bezuinigd. De bezuiniging hielp
alleen niet en de werkeloosheid bleef stijgen. Toen presidentskandidaat Roosevelt de
zittende president Hoover de schuld gaf van de crisis werd hij de nieuwe president en
zorgde ervoor dat het veder beter ging met de economie door middel van de New Deal.
Paragraaf 9.1
Begrippen
Isolationisme: Politiek die is gericht op de wens van een land om zich niet te bemoeien met
buitenlandse aangelegenheden.
Militarisme: Voorliefde voor alles dat met het leger te maken heeft, bijvoorbeeld door
uniformen, medailles, parades en discipline.
Wapenwedloop: Een strijd tussen twee of meerdere landen over wie de beste wapens
heeft.
Veelvolkerenstaat: Een staat waarin meerdere volkeren onder hetzelfde bestuur leven.
Wereldoorlog: Een oorlog tussen veel Staten die op mondiale schaal gevormd wordt.
Capitulatie: Overgave van een land of leger.
Protectionistisch: Economisch beleid waarbij de overheid de economie van het land
bevordert door bijv importheffingen.
Beurskrach: Een plotselinge en zeer sterke koersdaling op de aandelenmarkt.
Crisis: Economische neergang die zich uit in lage winsten, veel faillissementen en hoge
werkeloosheid.
Samenvatting
De 19e eeuw was een vreedzame periode waarin er vijf grote Europese mogendheden
(Groot-Brittannië, Frankrijk, Oostenrijk-Hongarije, Rusland en Pruisen) waren streefden naar
het in stand houden van de machtsevenwicht om de vrede te bewaren. En dit ging heel lang
goed.
In 1871 kwam de Duitse eenheidsstaat tot stand. De snelle economische groei en een
traditie van militarisme zorgden echter voor een verstoring van het machtsevenwicht.
Omdat de macht nu uit evenwicht was werden er bondgenootschappen gevormd ivm als er
oorlog komt deze mogendheden niet alleen waren.
1. Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Italië werken sinds 1882 samen in de Driebond.
2. Groot-Brittannië en Frankrijk voelden zich bedreigd door Duitsland. Door de
snelgroeiende economie ontstond er jaloezie. Duitsland begon aan de bouw van een
grote oorlogsvloot om te overheersen op de wereldzeeën en een groot koloniaal
wereldrijk te hebben. Hierdoor ontstond een wapenwedloop.
Ook was er revanchisme onder de Fransen die de Frans-Duitse oorlog (1870-1871)
verloren wat een grote vernedering was en wilden wraak.
Vanaf 1893 trokken Frankrijk en Rusland veel samen op en in 1907 voegde Groot-
Brittannië zich daarbij.
De Balkan, in het zuidoosten van Europa was een kruitvat. Dit werd duidelijk voor iedereen
in 1910. Dit gebeurde in een veelvolkerenstaat, Oostenrijk-Hongarije. Op 28 juni 1914 zou
deze kruitvat worden aangestoken.
De Oostenrijk-Hongaarse kroonprins Franz Ferdinand bezocht met zijn vrouw Sophie,
Sarajevo, de hoofdstad van Bosnië. Servische nationalisten pleegden een moordaanslag op
het kroonprinselijk paar. De regering van Oostenrijk-Hongarije veronderstelde een Servisch
, complot en eiste een onderzoek waarbij duizenden agenten werden ingezet. Toen Servië dit
afwees verklaarde Oostenrijk-Hongarije Servië de oorlog.
Door de vele bondgenootschappen die waren aangegaan raakten veel landen betrokken bij
dit conflict. Het plan van de Centralen (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en wat andere
landen) was om eerst een snelle aanval te doen op Frankrijk en daarna vol op Rusland te
gaan om een tweefrontenoorlog te voorkomen.
De duitsers wouden de Fransen verrassen en besloten via de bovenkant Frankrijk binnen te
vallen en gingen dus door België heen. Duizenden burgers werden geëxecuteerd en de helft
van de Belgen vluchtten.
Begin September zaten de Duitsers al in Frankrijk waar de Fransen en de Britten erin
slaagden de Duitse opmars te stoppen. De soldaten groeven zich aan weerszijden van de
frontlijn in.
Wanneer generaals dat besloten moesten de soldaten de loopgraaf verlaten en op de
tegenpartij afrennen. De Duitsers probeerden de Fransen af te zwakken door de loopgraven
te bombarderen maar beide partijen slaagden er niet in om de tegenpartij af te zwakken. Er
werden steeds nieuwe wapens ingezet. Zo werd tijdens de Eerste-Wereldoorlog het kort
ervoor uitgevonden vliegtuig ingezet.
Toen in 1918 Rusland zich terugtrok uit de oorlog kon alles ingezet worden op het westen.
Het leek ook te lukken maar de soldaten waren moegestreden en toen er ook steeds meer
Amerikaanse soldaten kwamen was er dan toch het Duitse verlies.
De oorlog had miljoenen levens gekost en de economie ernstig verstoord. Ook heerste er de
Spaanse Griep die wereldwijd minstens 20 miljoen slachtoffers maakte.
Onder deze omstandigheden besloten de overwinnaars naar Parijs te komen en een verdrag
te maken. Pas toen alles was besproken mocht Duitsland komen om te ondertekenen.
Duitsland moest oorlogsschade betalen, een deel grondgebied afstaan en mocht nog maar
een klein leger hebben.
Ook werd een Volkenbond opgericht maar deze bleek al gauw zwak en er werd al
opgemerkt dat het Verdrag van Versailles eerder een wapenstilstand van 20 jaar zou
betekenen.
Economisch gezien had de Verenigde Staten goed geprofiteerd van de Eerste Wereldoorlog.
Ze hadden landbouwproducten geleverd waar nodig was en het BNP steeg dan ook met
40%. Toch kende de Amerikaanse economie 5 zwakke punten.
Overproductie in landbouw zorgde voor dalende prijzen.
Protectionistische politiek.
Zeer ongelijke inkomensverdeling.
De aandelen prijzen stegen tot ireële hoogtes.
Het bankwezen werd slecht gecontroleerd.
Op 24 oktober 1929 stortte de aandelenhandel op de beurs in Wall Street in: de beurskrach.
Kleine beleggers schrokken en verkochten gelijk hun aandelen waardoor verdere
koersdalingen ontstonden en door een kettingreactie kwam er uiteindelijk een economische
crisis. Productie nam steeds verder af en werkeloosheid nam toe.
Er werd verondersteld dat het we, weer goed zou komen en er werden geen maatregelen
genomen om de economie te ondersteunen. Wel werd er bezuinigd. De bezuiniging hielp
alleen niet en de werkeloosheid bleef stijgen. Toen presidentskandidaat Roosevelt de
zittende president Hoover de schuld gaf van de crisis werd hij de nieuwe president en
zorgde ervoor dat het veder beter ging met de economie door middel van de New Deal.