Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting hoofdstuk 5 Zwaartepunten van het vermogensrecht, ISBN: 9789013121629 Vermogensrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
2
Geüpload op
17-06-2022
Geschreven in
2021/2022

Een samenvatting van hoofdstuk 5 'Zwaartepunten van het vermogensrecht'

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 5 Bezit
§5.2 Bezit en detentie
Om grip op de term ‘bezit’ te krijgen, moeten we eerst kijken naar de ruimere term ‘houden’ van een
goed. Iemand houdt een goed wanneer hij over dat goed macht uitoefent. Het begrip ‘houden’ kent
twee categorieën: categorie 1: men houdt het goed voor zichzelf. Art. 3:107 lid 1 BW noemt dit
‘bezit’. Wie voor zichzelf houdt, is ‘bezitter’. Het houden van een goed ‘voor zichzelf’ impliceert dat
de houder geen ander als rechthebbende op het goed erkent en/of respecteert. Categorie 2: men
houdt het goed voor iemand anders. Het houden voor een ander impliceert dat men die ander als
rechthebbende op het goed erkent en/of respecteert. Het houden voor een ander heet ‘detentie’. Of
iemand een goed houdt en of hij dat voor zichzelf doet of voor een ander, is naar verkeersopvatting
op grond van uiterlijke feiten te beoordelen. Naar verkeersopvatting wil zeggen naar algemene
gangbare, objectieve maatstaven.
Bezitsdaden kunnen zwel feitelijke handelingen als rechtshandelingen zijn. Noch voor bezit, noch
voor detentie hoeft de bezitter respectievelijk de detentor het goed feitelijk onder zich te hebben.
Dat het voor bezit en houderschap niet noodzakelijk is dat de macht over het goed rechtstreeks
wordt uitgeoefend, blijkt ook uit art. 3:107 lid 2-4 BW. Er is dan sprake van middellijk bezit of
middellijke detentie.

§5.3 Nadere wettelijke regels voor de vaststelling van bezit
Iemand die een goed houdt, wordt krachtens art. 3:109 BW vermoed bezitter te zijn. Omdat hier
slechts sprake is van een wettelijk vermoeden, is tegenbewijs mogelijk. De bezitter van een zaak stelt
haar ter beschikking van een ander. Wordt die ander nu detentor of bezitter? Dat hangt af van de
strekking van de onderliggende rechtsverhouding af. Strekt de rechtsverhouding ertoe dat wat de
ander zal verkrijgen, hij voor bezitter zal gaan houden, dan wordt op grond van art. 3:110 BW de
ander detentor van wat hij ter uitvoering van die rechtshouding in ontvangst neemt.
Beschikbaarstelling op grond van bruikleen, huur, vruchtgebruik, pand of iets dergelijks, leidt dus tot
detentorschap van de ontvanger. De wil van de ontvanger is irrelevant. Ook in het geval dat hij bij de
ontvangst van de zaak, deze in strijd met de rechtsverhouding in bezit wil nemen, wordt hij krachtens
art. 3:110 BW detentor, nooit bezitter.
Uitgangspunt is dat een detentor onder dezelfde titel – noemer – blijft houden voor de bezitter.
Aldus kan een detentor zich niet door een enkele wilswijziging van detentor tot bezitter maken en
daarmee de bezitter zijn bezit ontnemen. Art. 3:111 BW kent een tweetal uitzonderingen op dit
interversieverbod. In de eerste plaats de logische uitzondering dat de houder zich met medewerking
van de bezitter tot bezitter kan maken. In de tweede plaats kan hij zich ook door tegenspraak van het
recht van de bezitter zichzelf tot bezitter maken.

§5.4 Bezitsverkrijging en bezitsverlies
Art. 3:112 BW noemt een drietal wijzen van bezitsverkrijging: inbezitneming, overdracht en
opvolging onder algemene titel.
Art. 3:113 BW werkt de inbezitneming uit. Lid 1 bepaalt dat men een goed in bezit neemt door zich
daarover de feitelijke macht te verschaffen. Het door machtsverschaffing voor zichzelf gaan houden
van andermans zaak noemt men ook wel ‘toe-eigening’ of ‘occupatie’.
De verkrijging van bezit door bezitsoverdracht is geregeld in art. 3:114 BW en art. 3:115 BW.
Bezitsoverdracht vindt plaats doordat de bezitter de verkrijging in staat stelt die macht over het goed
uit te oefenen, die hijzelf over het goed kon uitoefenen.
Verkrijgers onder algemene titel stappen als het ware in de vermogensrechtelijke schoenen van
degene van wie zij verkrijgen. In aansluiting hierop bepaalt art. 3:116 BW dat hij die een ander onder

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 5
Geüpload op
17 juni 2022
Aantal pagina's
2
Geschreven in
2021/2022
Type
SAMENVATTING
€7,24
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
cheyennecaumon

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
cheyennecaumon Geen uitgever
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
19
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen