Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Politiek voor Dummies hoofdstuk 1 t/m 14

Beoordeling
3,9
(11)
Verkocht
37
Pagina's
39
Geüpload op
10-11-2015
Geschreven in
2015/2016

Samenvatting van het Boek Nederlandse Politiek voor Dummies. (Hs 1 t/m 14, de hoofdstukken staan in bepaalde deelonderwerpen en ook is er extra info aan toegevoegd.)

Voorbeeld van de inhoud

Politiek hoofdstuk 1 t/m 14
Nederlandse Politiek voor Dummies




Algemene begrippen
Parlement: eerste- en tweede kamer

,Regering: koning en de ministers
Een regering is een orgaan van de staatkundige organisatie, belast met de uitvoerende
macht voor een bepaald grondgebied. Met andere woorden: de regering heeft de
bevoegdheid om de wetgeving tot uitvoering te brengen binnen de grenzen van het
grondgebied waarover ze die bevoegdheid heeft.
Kabinet: Een kabinet is een bestuursorgaan van hooggeplaatste leden van een regering.
Vaak vormt het kabinet binnen deze regering de uitvoerende macht. In Nederland bestaat het
kabinet uit de ministers en staatssecretarissen.
Uitvoerende macht: koning en ministers
Wetgevende macht: regering en parlement
Rechterlijke macht: Hoge Raad der Nederlanden en Raad van State
Fractievoorzitter: de leider van een fractie in een volksvertegenwoordiging
Informateur: Een informateur is iemand die in het kader van de kabinetsformatie na
de Tweede Kamerverkiezingen in Nederland in opdracht van de Tweede kamer de
mogelijkheden onderzoekt voor de vorming van een kabinet.
Formateur: Een formateur is iemand die in het kader van een kabinetsformatie een kabinet
vormt. In Nederland gebeurde dit traditioneel in opdracht van de koning der Nederlanden,
maar vanaf 2012 is dit recht in handen van de Tweede Kamer gekomen. Dit is vaak de
beoogde minister-president
Regering: hoogste orgaan van de staat, bestaand uit het staatshoofd en de ministers.
Kabinet: de Ministers en Staatssecretarissen die op een bepaald moment aan de macht zijn.
Ministerraad: het college dat de regeringsbesluiten neemt.
Uitvoerende macht: de regering
Wetgevende macht: het parlement
Rechterlijke macht: rechters
Vierde macht: ambtenaars




1.Wat is politiek en de grondwet? (hoofdstuk 1 en 8)
Belang van politiek en kenmerken van de Nederlandse staat



2

,Politiek
Er moet leiderschap zijn wil je een rustige orde hebben. In natuurtoestand (zonder gezag)
zou de samenleving chaos zijn.
Hoe je tegen de politiek aankijkt hangt af van je mensbeeld.
 Positief: Mensen zijn van nature vreedzaam, dus staat hoeft niet streng op te treden.
 Negatief: Mensen zijn niet vreedzaam dus staat moet hard optreden.

Politiek: wijze waarop bestuurd wordt.
Rechtsstaat: staat waarin ook de overheid aan regels gebonden is.

Wat een staat nodig heeft:
 Grondgebied, met begrenzing
 Bevolking
 Gezag, soevereiniteit

Verschillende soorten staten:
 Dictatuur (oligarchie) VS democratie
 Nachtwakersstaat, verzorgingsstaat, totalitaire staat
 Eenheidsstaat VS federale staat
(centraal bestuur VS verschillende deelstaten)
 Republiek VS monarchie

Ideale bestuursvormen van filosofen:
Plato: filosoof koningen → alleen de echt goede mensen krijgen macht.
Ari: Zooïon Politikon → sociaal wezen, politiek is een zaak van ons allemaal.
Hobbes: Absolute heerschappij → oorlog van allen tegen allen, mens is een wolf.
Rousseau: directe democratie, volonté générale → gemeenschappelijke wil, iedereen mag
meedenken.

Maar hoe kom je daar uit?
Door Montesqieu’s theorie: Trias Politica (wetgevende → parlement, rechterlijke→ rechters,
uitvoerende macht→ regering)

Ontstaan democratie:
Oude Athene stadstaat→ alleen stemrecht als je man en burger was → volksvergaderingen
voor alle burgers→ volksvergadering had de beslissingsbevoegdheid, de raad niet.

Politieke systemen:
 Monarchie (één koning aan de macht)
 Republiek (land zonder koning)
 Dictatuur (één of een paar mensen de macht, geen vrijheid van meningsuiting etc.)
 Totalitair systeem (macht in handen van één partij, dus ook dictatuur)
 Theocratie (niet wil van het volk, maar regels van geloof of wil van god)

Staatsvormen:
 Eenheidsstaat (In heel het land zelfde regels. NL is een gedecentraliseerde
eenheidsstaat, gemeentes hebben toch nog inspraak)
 Federale staat (samenwerkingsverbanden of federaties van meerdere deelstaten,
deelstaten die veel zelfstandig beleid mogen voeren, DU en BE)



Grondwet

3

, Om de wet te veranderen is er tweederde meerderheid in het parlement nodig. Alleen de 1e
en 2de kamer kunnen een wet ongeldig verklaren, wanneer deze in strijd is met de grondwet.
Algemeen kiesrecht in 1917.

Raad van State: hoogste adviesorgaan van de regering
Rechtsstaat: Niet alleen de burgers moeten zich aan regels houden, ook de overheid.
Ratificatie: instemming door het parlement in een internationaal verdrag
Constitutie: grondwet → omschrijven de belangrijkste staatsorganen en hun onderlinge
verhoudingen.

Grondrechten:
 Klassieke grondrechten: regelen dat de overheid bepaalde dingen niet mag. →
iedereen die in NL leeft, worden gelijk behandelt etc.
 Sociale grondrechten: regelen dat de overheid zich voor allerlei zaken moet
inspannen. → de overheid bevordert de werkgelegenheid.

Grondwet wijzigen:
1. 2de kamer neemt het voorstel aan met de helft + 1 (gewone meerderheid) = eerste
lezing
2. De 1e kamer neemt het voorstel aan met gewone meerderheid.
3. Verkiezingen voor 2de kamer, deze worden niet extra uitgeschreven, men wacht op de
eerst volgende verkiezingen.
4. De 2e kamer stemt opnieuw over het voorstel, nu met een tweederde meerderheid. =
tweede lezing
5. De 1e kamer stemt ook opnieuw, ook hier een tweederde van de leden.

1848: grondwet wijziging → koning minder macht, volksvertegenwoordiging meer.
Belangrijke punten:
 Koning onschendbaar, ministers niet
 Meer invloed voor het parlement
 Rechtstreekse verkiezingen
 Invoering van gemeenten en provincies



2.Het ontstaan van Nederland en het poldermodel (hoofdstuk 3 en 4)
Ontstaan van de Nederlandse staat

Het uiteenvallen van Karel de Grote zijn rijk → het heilig Roomse Rijk (962-1806)

De Nederlanden: 17 autonome gebieden
Middeleeuwen, versnipperde macht:
 Lappendeken van rivaliserende graafschappen etc.
 Feodalisme (leenheer en leenman)
 Kerkelijk gezag: kloosters, abdijen.
 Zelfstandige positie van de steden
 Privileges voor adel en geestelijkheid (later ook burgerij)

15/16e eeuw: bourgondische/ Habsburgse vorsten → deze kregen steeds meer gebieden in
hun macht door overvallen, ervingen etc. (Filips de goede, Karel de stoute)
→ ontstaan eerste staatsinstelling:
 Hofraad, ambtenarij
 Adviesraden (o.a. raad van State)


4

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
10 november 2015
Aantal pagina's
39
Geschreven in
2015/2016
Type
SAMENVATTING
€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 37 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

7 van 11 beoordelingen worden weergegeven
6 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

7 jaar geleden

7 jaar geleden

8 jaar geleden

3,9

11 beoordelingen

5
4
4
3
3
3
2
1
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
loekivandenbroek Fontys Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
37
Lid sinds
10 jaar
Aantal volgers
36
Documenten
2
Laatst verkocht
3 jaar geleden

3,9

11 beoordelingen

5
4
4
3
3
3
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen